Door: Sanne Rooseboom
Gepubliceerd: donderdag 8 mei 2008 23:32
Update: donderdag 8 mei 2008 23:56
De gemeente Den Haag gaat nieuwbouw neerzetten op de plek van een woonwagenkamp. De bewoners moeten maar in een gewoon huis gaan wonen. ‘De tijd van Pipo de clown is voorbij.’
Ze is nog goed bij de tijd, maar soms vergeet mevrouw Van Mullem-Ras (82) dat ze moet verhuizen. ‘Moeten we hier weg dan? Nee toch?’ Vraagt ze met een stevig Haags accent. Ze woont haar hele leven in een woonwagen, net als haar kinderen en haar moeder. Haar woning ziet er uit zoals je verwacht van een woonwagen. Overal familiefoto’s, veel kleedjes en beeldjes. In de hoek staat een ouderwets houten woonwagentje waar een paard voor werd gespannen. ‘In de jaren vijftig trokken we in zoiets rond’, vertelt ze trots. Nu woont ze al meer dan dertig jaar in een soort bungalow-wagen aan de Escamplaan in Den Haag, omringd door familie.
Het is een ouderwetse vorm van samenleven en een die aan veel kritiek bloot staat. Voor de gemeente Den Haag moet er daarom niet al te veel geld worden gestoken in de woonwagenkampen. ‘Het is een manier van wonen die veel ruimte kost en zeer kostbaar is,’ vindt de Haagse wethouder Bouwen en Wonen Marnix Norder. ‘De tijd van Pipo de clown is voorbij’, liet hij weten aan de Haagse stadskrant. ‘Deze woonvorm heeft zijn langste tijd gehad.’
Op 3 september moeten de inwoners van de Escamplaan weg zijn, het hele woonwagenkamp wordt opgedoekt. Voor de bewoners is het een kleine ramp. Ze kennen elkaar door en door, de meesten zijn familie. Er staan nu zo’n 60 woonwagens in het dertig jaar oude kamp. Het terrein ziet er wat verlopen uit, graffiti op de muren, weinig ruimte tussen de wagens, een half ingestort clubgebouw. Het kamp zou dan ook gerenoveerd worden. Bewoonster Wilma Hultes (37) laat brieven zien uit 1990, 2001, 2003 waarin een grondige renovatie van het kamp wordt aangekondigd. Maar in 2006 kwamen er brieven binnen van een andere orde. Het kamp aan de Escamplaan zou worden opgedoekt, alle bewoners moesten weg. ‘We schrokken ons dood.’
Jeroen Kemna, adviseur van gemeentes bij het woonwagenbeleid, maakte de verandering van plannen van dichtbij mee. ‘In Den Haag zou een nieuw woonwagenkamp komen waar de bewoners van de Escamplaan terecht konden. Er lagen plannen, er was veel overleg met de bewoners.’ Maar de toon ten opzichte van de woonwagenbewoners veranderde, volgens Kemna. ‘In 2003 werd het woonwagenkamp de Vinkenslag in Maastricht binnengevallen. Er werd streng opgetreden door burgermeester Leers, en dat is bij andere gemeentes als een voorbeeld gaan gelden.’
Op het terrein, dat in bezit is van de gemeente Den Haag, komen nu nieuwbouwwoningen. ‘Het is dus een herstructureringsgebied,’ licht een woordvoerder van de gemeente toe ‘Net als vele andere wijken in Den Haag. Er is vervangende woonruimte geboden aan alle bewoners.’
Voor 23 van de 60 woonwagens is een nieuwe plek gevonden, op verschillende locaties in Den Haag. De plekken zijn voor de bewoners met de meeste woonduur, wat neerkomt op de oudste inwoners van het kamp. Mevrouw Van Mullem-Ras en haar man hebben een plek in een kamp waar één schoondochter staat. Veel andere bewoners kunnen terecht in een sociale huurwoning.
Diana Borst (51) moet er niet aan denken. Ze zit buiten de woonwagen van haar tante, om haar heen klimmen neefjes en nichtjes in en uit een zwembadje. ‘Kijk ons hier nou zitten. Hoe moet dat in een huis? We praten veel, zitten buiten, zijn luidruchtig. Als we familie op bezoek hebben, gaat dat al snel om twintig man. Dat past toch niet in de tuin van een rijtjeshuis, omringd door buren?’
‘Juridisch is het in orde om een kamp op te doeken, zolang er een alternatief wordt geboden’, zegt Sjaak Khonraad, woonwagendeskundige aan de Universiteit Utrecht. ‘Inwoners van oude stadswijken die op de schop gaan, boerderijen die voor de Betuwelijn moesten wijken: het zijn altijd kleine tragedies. Maar voor woonwagenbewoners is het ook een levensvorm die verdwijnt.’
De inwoners van de Escamplaan willen vooral bij elkaar blijven. ‘Maar ik heb geen keuze’, zegt Wilma. Met elf auto’s en negen caravans trok zij, met een flinke groep mede-kampers, maandag naar buurtgemeente Pijnacker om de burgermeester daar te vragen of er ruimte voor hen was. Maar het was 5 mei, het gemeentehuis was dicht, en de caravans werden op een parkeerplaats gezet waar de woonwagenbewoners een barbecue begonnen. Toen ze ‘s avonds weg moesten, was er te veel gedronken om veilig de weg op te gaan. Dus kwam de ME om half vier ‘s nachts om de caravans in beslag te nemen. Gisteren kregen ze de wagens terug. ‘We gaan opnieuw protesteren’, kondigt Wilma aan. ‘Maar eerst wachten we af hoe ons gesprek met de burgemeester verloopt.’ Burgemeester Jozias van Aartsen zegde gisteren toe met de bewoners te willen praten.