Gepubliceerd: donderdag 30 oktober 2008 11:01
Update: donderdag 30 oktober 2008 12:10
PvdA-fractievoorzitter Mariëtte Hamer pleit voor een nieuwe commissie in de Tweede Kamer, bestaande uit de fractievoorzitters van alle partijen, die zich gaat bezighouden met de kredietcrisis.
Zij ziet dit als een alternatief voor het pleidooi van de oppositie voor een parlementair onderzoek. ,,Dat heeft pas zin, als alles in kaart kan worden gebracht en de zaak is afgesloten. De kredietcrisis is nog volop gaande.''
Ook GroenLinks pleit voor zo'n commissie, maar ziet dit in tegenstelling tot de PvdA niet als een alternatief voor een parlementair onderzoek, maar als een opstap daarnaar.
De nieuwe commissie, door Hamer 'Commissie van de Toekomst' genoemd, moet zelf opdracht kunnen geven tot onderzoek, dus zonder voorafgaande toestemming van het bestuur van de Tweede Kamer. Bovendien moet de commissie kunnen overleggen met verschillende bewindspersonen, dus niet alleen met minister Wouter Bos van Financiën, maar ook met premier Jan Peter Balkenende of minister Maria van der Hoeven (Economische Zaken).
Hamer vindt dat de Tweede Kamer tot dusver het nakijken heeft bij de kredietcrisis, omdat minister Bos niet het goede platform heeft voor overleg over de crisis. Dat kan dus veranderen door de nieuwe commissie, die in principe in het openbaar vergadert.
Parlementair onderzoek
Bijna alle oppositiepartijen willen een parlementair onderzoek naar de kredietcrisis. Dat blijkt uit een open brief die woensdag in NRC Next staat.
In de oproep staat dat de grote omvang van de crisis veel vragen oproept. De ondertekenaars vinden dat uit de ontstaansgeschiedenis lessen moeten worden getrokken en bekeken moet worden of de crisis op de juiste manier is aangepakt.
Ook willen ze weten of het toezicht in Nederland op orde is en of de staat juist gehandeld heeft ten aanzien van ABN Amro, de reddingsoperatie van Fortis en de steun voor ING. Bovendien moet de rol van het parlement aan de orde komen.
De coalitiepartijen vinden een onderzoek echter prematuur.