Door: Dirk Jacob Nieuwboer & Marcia Nieuwenhuis
Gepubliceerd: dinsdag 11 november 2008 23:20
Update: dinsdag 11 november 2008 23:24
PvdA-leider Bos mist nationale trots in zijn partij. ‘De vlag wappert absoluut’, reageren partijgenoten
PvdA-leider Wouter Bos hield een kater over aan de benoeming van Ahmed Aboutaleb tot burgemeester van Rotterdam. Marokkaanse Nederlanders zeiden: ‘Ik ben er trots op Marokkaan te zijn.’ Bos hoopte eigenlijk op: ‘Ik ben trots op Nederlander te zijn.’ Hij vindt dat zijn partij ‘een beschaafde vorm van nationalisme‘ moet ontwikkelen. Maar, zegt hij, dat zit niet ‘in de genen’ van de PvdA.
Verbaasd kijken PvdA-politici op als ze de uitspraken van hun voorman lezen. Wouter Bos overdrijft volgens hen als hij stelt dat er in de PvdA een gebrek is aan nationale trots. PvdA-Kamerlid Luuk Blom hangt op Koninginnedag de nationale driekleur aan de gevel. ‘Absoluut!’ En zijn kinderen hebben oer-Hollandse namen. Ook met het oranjegevoel van collega-Kamerlid Staf Depla zit het wel snor. ‘Iedereen die lang in het buitenland is geweest, is bij thuiskomst trots op wat hij hier aantreft.’
Niet minder verwonderd is oud-SP-leider Jan Marijnissen. ‘Opmerkelijk’, vindt hij het pleidooi van Bos. ‘Wij zijn natuurlijk vrij recent door de PvdA als nationalisten versleten. Een volslagen krankzinnige beschuldiging. Daarom is het zeker opmerkelijk dat de PvdA nu zelf vindt dat ze nationalistischer moet worden.’
Marijnissen kan zich bovendien niks voorstellen bij de term ‘beschaafd nationalisme’. ‘Bos wil dat we zeggen: we zijn trots op Nederland. Trots kun je alleen zijn op wat je zelf gedaan hebt. Punt.’
PvdA-minister Ronald Plasterk denkt wel te weten wat Bos bedoelt. Hij is zelf namelijk al langer voorstander van ‘beschaafd nationalisme’. Het goed onderhouden van monumenten, toegankelijke kunst en cultuur en een goede beheersing van de Nederlandse taal horen daarbij. Het gebrek aan nationale trots is volgens Ronald Plasterk niet specifiek iets voor de PvdA. ‘Dat zit in onze genen.’ En hij vindt dat Nederlanders best een voorbeeld kunnen nemen aan de wat chauvinistischer Engelsen en Fransen.
Pas op, vindt Marijnissen. Hij kwam zelf met het idee van een nationaal-historisch museum. ‘Maar dan niet een eregalerij van onze helden, maar een geschiedenis van het Nederlandse volk. Zodat we een beetje weten waar we vandaan komen. Maar van eenvoudige trots en ‘proud to be an American’ moet ik niks hebben. Ik wijs nationalisme helemaal af. Dat is 19e-eeuws denken. En het heeft tot rampen geleid.’