Door: Marten Blankesteijn
Gepubliceerd: zondag 7 december 2008 23:39
Update: maandag 8 december 2008 08:14
Toen het taboe eenmaal gebroken was, begonnen gemeenten het ene na het andere plan te verzinnen om vervelende Marokkaanse jochies op het rechtepad te krijgen. Is er íets wat helpt? De elf domste, leukste en effectiefste ideeën op rij. ‘De meeste projecten zijn weggegooid geld.’
Agenten in Ede geterroriseerd door een criminele bende van veertig Marokkaanse jongeren plus tweehonderd meelopers. Lesbische stellen door Marokkaanse jongeren weggepest uit Utrecht. De brandweer van Gorinchem die een wijk alleen nog onder politiebegeleiding in durft. Een avondklok in Nijmegen na ‘het zoveelste incident’. Goudse buschauffeurs die weigeren nog langer door een plaatselijke probleemwijk te rijden. En zo kunnen we nog wel even doorgaan.
Nee, 2008 was nou niet het succesvolste jaar voor de multiculturele samenleving. Al jaren breken lokale en landelijke politici hun hoofd over de vraag hoe ze die jochies nou aan moeten pakken, maar de perfecte oplossing is nog altijd niet gevonden. Tijd om zelf maar even aan de slag te gaan: wat werkt nou wel, en wat niet?
Al in 2001 kreeg Sadik Harchaoui een telefoontje van het ministerie van Justitie. Of hij, als officier van justitie en onderzoeker aan de Universiteit Utrecht, een inventarisatie wilde maken van de vele subsidievretende projecten die werden bedacht om de integratie wat soepeler te laten lopen. Wat werkte nou, en vooral: wat niet?
Harchaoui, nu directeur van Forum (Instituut voor Multiculturele Ontwikkeling), concludeerde dat veel projecten niet effectief waren, en dat wetenschappelijk bewijs ervoor ontbrak. Inmiddels zijn we zeven jaar verder, maar rustiger is het op straat niet geworden. En, zegt Harchaoui, ‘de meeste projecten zijn nog steeds weggegooid geld’. Tijd voor een nieuwe inventarisatie: geven we die rotjochies nog een snoepreisje naar Marokko? Of zetten we het leger in?
1. Geef ze een container!
Ongeschikt
Hij noemt het ‘verreweg het slechtste project’ dat hij ooit gezien heeft: de lelijke, kale zeecontainers die al decennia in wijken worden neergezet als speelkwartier voor de jeugd. Harchaoui: ‘Dat idee is nog slechter dan het idee van buurthuizen, en buurthuizen zijn al twijfelachtig. Als je denkt dat je daarmee criminaliteit tegengaat, dan zit je fout. De jongens komen elkaar daar ook tegen… Het helpt wel dat ze even kunnen tafeltennissen of tv kijken, daardoor kan het voor andere dingen helpen, maar de criminaliteit voorkom je er niet mee.’
Dat blijkt ook uit de cijfers: vrijwel elke krachtwijk, prachtwijk of hoe je ze ook wil noemen heeft tegenwoordig wel een buurthuis, maar de overlast wordt er niet minder van.
2. Maak ze gek!
Ongeschikt
Zitten die herrieschoppers elke keer op dezelfde plek te hangen? Geen probleem. In steeds meer probleemwijken doet de Mosquito zijn intrede. Dat apparaatje wordt bevestigd aan een lantaarnpaal bij de hangplek, en produceert een misselijkmakend hoge pieptoon die alleen door jongeren kan worden gehoord. Ongeveer honderd gemeenten maken er gebruik van, met Rotterdam als grootverbruiker (22 Mosquito’s). Harchaoui: ‘Het pest die jongeren wel weg, maar die gaan natuurlijk gewoon ergens anders hangen. Het lost het probleem niet op, maar zorgt wel voor heel veel irritatie. Het is een erg onsympathieke maatregel.’
Camera’s ophangen dan maar? Dat kan helpen, maar lang niet altijd. ‘Sommige bewoners voelen zich veiliger als er camera’s hangen, want er wordt blijkbaar goed opgelet. Anderen voelen zich juist onveiliger: hier is blijkbaar iets aan de hand.’ Voor de criminaliteitscijfers geldt hetzelfde: soms dalen die, soms verandert er niets.
Vorige week kwam de Mosquito nog in het nieuws omdat minister Ter Horst (Binnenlandse Zaken) zei dat het apparaatje in strijd was met de grondrechten. Gemeenten moeten hangjongeren anders aanpakken, vond de bewindsvrouw. De Tweede Kamer was dat niet met haar eens.
3. Breng ze in contact met criminelen!
Geschikt
Wat? Opstandige Marokkaanse jongeren in contact brengen met criminelen? Jazeker, het gebeurt echt. En het gekke is: het werkt nog ook.
Het gaat om een project waarin allochtone criminelen in het laatste deel van hun gevangenisstraf als een soort veredelde vrijwilligers aan de slag gingen met de plaatselijke probleemjeugd. ‘Die veroordeelden waren soms pas één keer heftig in aanraking gekomen met de politie, soms waren het veelplegers’, vertelt Harchaoui. ‘Zij kennen het leven van die jongens, kunnen voorkomen dat ze dezelfde fouten maken. Ik vergelijk het wel eens met voorlichting over drugs: als die gegeven wordt door jongens en meisjes die zelf geblowd hebben, is de voorlichting veel effectiever dan wanneer het van die bedachte projecten zijn.’
4. Geef ze een straatcoach!
Geschikt
Het begon eind jaren ’90, en opeens waren ze er: buurtvaders. Het was geen project, geen stuurgroep die zich ermee bemoeide, ze hadden geen subsidie. De buurtvaders waren vrijwilligers, begonnen uit zichzelf omdat ze de problemen zat waren en daar iets aan wilden doen. Het was meteen een groot succes. ‘Buurtvaders zijn een heel goed instrument’, zegt Harchaoui. ‘Ze geven oudere mensen in de wijk een beter gevoel. Die weten naar wie ze toe kunnen gaan als er problemen zijn, en de buurtvaders kunnen jongens die af en toe ongein uithalen aanspreken. Maar aan harde criminaliteit kan een buurtvader niets doen.’
Van het succesverhaal van de buurtvaders is inmiddels weinig over. Harchaoui: ‘Het succes werd gekaapt door allerlei instellingen. Als je alle buurtvaders een jackje en subsidie geeft en je gaat met ze op de foto als minister of politieagent, dan zijn ze geen vrijwilliger meer, maar uitvoerder van beleid. Terwijl de kracht juist was dat ze het uit engagement deden. Zo is het kapot gegaan.’
Sinds 2004 staat de opvolger van de buurtvader klaar. De straatcoach is een hulpverlener die zich fulltime bezighoudt met de jongeren in de wijk, en die daarvoor ook een salaris krijgt. Dat gaat nog niet perfect: de werkdruk is hoog, en ze hebben het lastig omdat ze én het vertrouwen van de jongeren moeten winnen én informatie door moeten spelen naar de politie. Uit Amsterdam komen berichten dat de criminaliteit dankzij de straatcoaches is gedaald, maar wetenschappelijk bewezen is dat nog niet.
5. Help ze op school!
Geschikt
Het is met afstand de belangrijkste maatregel: voorkom met alle mogelijke middelen dat de jongeren hun school zonder diploma verlaten. Want: ‘Als ze een diploma en een baan hebben reduceer je de kans dat ze in aanraking komen met de politie met vijftig procent’, weet Harchaoui. ‘Zorg voor stageplekken, zorg voor een soepele overgang van vmbo naar mbo, zorg voor goede beroepskeuzevoorlichting, zorg dat jongens die goed met hun handen zijn niet steeds in de klas hoeven te zitten.’
Dat gaat al beter, zegt de Forum-directeur. ‘Steeds meer Marokkaanse jongeren halen nu een diploma, en het gemiddelde opleidingsniveau stijgt.’
6. Stuur ze op vakantie!
Ongeschikt
U kent ze wel: wethouders die hun Marokkaanse probleemgevallen een paar weken naar Marokko sturen om ze daar te laten zien hoe goed ze het in Nederland wel niet hebben. Dat zal ze leren! Toch? ‘Ik ben geen voorstander van die reisjes’, zegt Harchaoui. ‘Wetenschappelijk is er geen enkel bewijs dat dat een duurzaam effect heeft.’
Sowieso heeft Harchaoui grote bedenkingen bij zulke impulsieve projecten. ‘Kortlopende projecten zou je per definitie moeten vermijden. We hebben veel onderzoek naar allerlei initiatieven gedaan, en telkens blijkt dat alleen projecten die minstens drie jaar duren echt helpen. Van kortere projecten is de effectiviteit zo goed als nul – en aangezien de meeste gemeentes werken met korte projecten, zijn al die initiatieven nutteloos. Weggegooid geld.’
7. Bouw een heropvoedingskamp!
Geschikt
Ze moeten klaar zijn in 2011: de ‘campussen’ van minister Rouvoet van Jeugd. Dat klinkt vriendelijk, campussen, maar ‘heropvoedingskamp’ dekt de lading beter. De bedoeling is dat jongeren die niet naar school gaan en geen werk hebben vier maanden tot anderhalf jaar doorbrengen op zo’n campus, om daar een diploma te halen en te leren wat discipline is. Cees van der Knaap, de burgemeester van Ede, heeft al laten weten dat hij niet kan wachten tot de campussen gereed zijn.
Harchaoui, die spreekt van ‘per-spectiefkampen’, is eveneens groot voorstander. ‘Jeugdgevangenissen zoals Den Engh en Glen Mills werken niet.’ Volgens Harchaoui zouden circa 30.000 jongeren in aanmerking komen voor het kamp, van wie 10.000 tot 15.000 verplicht erheen zouden kunnen worden gestuurd. ‘Die andere helft is meerderjarig, heeft geen uitkering, maar ook geen strafblad. Die zijn lekker thuis aan het loungen. Die kunnen we niet verplichten, maar we moeten duidelijk maken: hier werk je aan je eigen toekomst, haal je een diploma, en daar word je gelukkiger van. Ik verwacht dat veel jongeren daar voor open staan.’
8. Pak ze bij hun strot!
Geschikt
Na het aanpakken van de schooluitval en het bestrijden van het doelloos rondhangen, blijft er nog een harde kern van criminelen over, zegt Harchaoui. Die verdient extreem veel aandacht. ‘Daar moet je je beste politieagenten op afsturen, altijd op hun hielen zitten, ze altijd vervolgen, dossiers verzamelen. Voor die groep is een intensieve behandeling nodig, om te beginnen in de gevangenis. Zorg dat er voor elke persoon een hulpverlener klaarstaat, die hem meeneemt naar het CWI, die een dagbehandeling regelt, die er bovenop zit.’
9. Verbieden, verbieden, verbieden!
Ongeschikt
In de strijd tegen de steeds maar toenemende overlast zijn ook de mogelijkheden voor rechters steeds verder toegenomen. Zo kunnen ze lastige jochies tegenwoordig verbieden in een bepaalde wijk te komen, of een samenscholingsverbod opleggen. Het klinkt eenvoudig: verbied dat ze samen in de buurt van de hangplek kunnen komen, en weg is het probleem. Ook de PvdA zag er wel wat in. In Vrij Nederland pleitte Kamerlid Jeroen Dijsselbloem onlangs voor harde maatregelen: het afpakken van dure scooters en auto’s, en probleemjongeren ‘verbannen’ uit hun wijk.
‘Soms kan een gebiedsverbod helpen’, knikt Harchaoui, ‘maar alleen voor de korte termijn. Als er aan de lopende band vechtpartijen zijn in een uitgaansgebied, bijvoorbeeld. Maar een gebiedsverbod voor de wijk waarin ze wonen, werkt natuurlijk niet.’
10. Zet het leger in!
Ongeschikt
Daarvoor moet dus zwaarder geschut worden ingezet, redeneerde Geert Wilders. In het debat over de aanpak van probleemjongeren in Gouda opperde hij dat het leger misschien maar eens korte metten moest maken met dat tuig. Het leidde tot de nodige hilariteit, maar grappig genoeg wordt juist Wilders’ ‘oplossing’ vaak instemmend begroet onder Marokkaanse jongeren in probleemwijken.
Want, zeggen ze zelf, hun ontzag voor de politie is gedaald tot onder het nulpunt: agenten zijn bang, sporen nooit iemand op, arresteren bijna niemand en áls iemand al eens mee moet naar het bureau is hij een nacht en een broodje kaas verder weer vrij.
Dat is in Marokko wel anders. Daar laat de politie er geen misverstand over bestaan wie de baas is – als daar een afranseling met een flinke knuppel voor nodig is, dan doen de Marokkaanse dienders dat met liefde. Als dat ook in Nederland zou gebeuren, betoogt de een na de ander, zouden de jongeren het niet in hun hoofd halen te doen wat ze nu wel doen.
‘Dat is een groot misverstand’, vindt Harchaoui. ‘Die aanpak wordt gehanteerd in Amerika en Frankrijk, maar daar is de criminaliteit enorm veel groter dan in Nederland – kijk alleen maar naar de banlieues. In wijken waar een ernstig criminaliteitsprobleem is moeten politie en justitie keihard optreden. Met de beste rechercheurs, met stevige straffen. Niet met geweld.’
11. Gooi ze het land uit!
Ongeschikt
Een oud ideetje van wederom Geert Wilders, dat hij afgelopen week nog maar eens indiende. Marokkaanse probleemjongeren zouden, zodra ze een misdrijf plegen, samen met hun ouders het land uit moeten worden gezet, bepleitte PVV’er Sietse Fritsma in de Tweede Kamer. Zelfs Rita Verdonk kon zich daar niet in vinden: ‘pure discriminatie’ vond ze het, aangezien zo’n regeling niet voor autochtonen zou gelden. D66-Kamerlid Boris van der Ham noemde Fritsma ‘niet goed wijs’.