Door: Marcia Nieuwenhuis
Gepubliceerd: maandag 13 april 2009 23:06
Update: dinsdag 14 april 2009 21:58
In de peilingen staat de Partij voor de Vrijheid op 32 zetels, zo’n twee miljoen kiezers. Wie zijn zij? Wat beweegt hen? En wat hebben ze met elkaar gemeen? Voor velen lijkt de tijd van Pim Fortuyn te herleven.
Heb je het gehoord? Bakker Bas is overvallen’, zegt een wat oudere mevrouw zodra ze de deur van Tom’s Vishandel open doet. ‘Honderd euro, daar doen ze het dan voor.’ Anja Maaten (60) – zwarte jas en grijs opgestoken haar – is er beduusd van. ‘Gewapend en al. Daar schrik je van.’

| Beeld: Hajo
Ondertussen haalt ze uit haar jaszak een plastic zakje gevuld met kleingeld. ‘Het is vijf euro, ik heb het precies nageteld.’ Het zijn de fooien die haar man Gerrit (68) ontvangt als hij op de auto’s past tijdens het kienen bij hen in de buurt. Zij ruilt het in voor papiergeld. De boodschappen doet het stel aan het Rivierenplein, een klein, beetje troosteloos winkelcentrum – de felgroen geverfde overkapping is flink verroest – in het zuidoosten van Den Bosch. De schrik zit er goed in aan het pleintje. ‘Maandagmorgen om elf uur, dat verzin je toch niet?’, zegt een collega van het overvallen meisje bij de bakker. Ook in de kledingwinkel – de paspoppen dragen dikke zilveren schakelkettingen met vuistgrote hangers in de vorm van een hart – is het onderwerp van gesprek. ‘Ik probeer er maar niet te veel bij stil te staan, we moeten door.’

‘Het is al de derde keer hier. De Super de Boer is ook al een keer overvallen, en de Mitra’, zegt Anja, wijzend naar de slijter aan de overkant. ‘En ze waren allemaal gekleurd, ja, je mag het niet zeggen, maar het is wel zo. Ik heb niks tegen Marokkanen, maar wat al dat gribus hier doet, is toch niet normaal meer? Van de week sta ik daar bij de dierenwinkel, komt er een Marokkaan binnen met zó’n pak geld. Eerst beroven, dan betalen.’
Fortuyn-revolutie
In steeds bredere kringen is het geaccepteerd als bij het klagen over medeburgers de nationaliteit wordt genoemd. Een van de gevolgen van de Fortuyn-revolutie. Maar uit de torenhoge stand in de peilingen blijkt ook dat steeds minder mensen schromen om op Geert Wilders’ Partij voor de Vrijheid te stemmen. Sterker nog, de relatief onbeduidende nummer veertien van de VVD-kieslijst in 2003, is sinds zijn vertrek uit de liberale fractie in 2004 uitgegroeid tot een nationale bekendheid, een geduchte politieke tegenstander die al weken op 32 zetels in de peiling staat.
Bosschenaren blijken ook bepaald niet huiverig meer om zich te associëren met de peroxideblonde politicus. Bijna de gehele oude LPF-aanhang heeft hij inmiddels voor zich gewonnen. En door steeds meer mensen wordt hij gezien als alternatief, vooral voor traditionele partijen als CDA en VVD. Ook de Bossche Anja Maaten lijkt om. ‘Wilders, ja, ze zeggen het allemaal tegen me. Wilders moet je stemmen.’ Mevrouw zit niet verlegen om een praatje, maar excuseert zich. ‘Ik moet gaan, want mijn man staat te wachten. Maar je mag langskomen als je wilt, als je maar niet bang bent voor mijn beesten. Doeg hè.’

De waarschuwing blijkt geen overbodige luxe. Hond Droefie – hij heette oorspronkelijk Rambo, maar daarvoor vond Anja hem te treurig kijken – is lang niet eenzaam in het dierenrijk. De Bosschenaren hebben nog twee honden, vier katten, drie papegaaien, twee kanariepieten, drie fretten, zes kikkers, waarvan twee albino’s, vier krabben, vissen en in de tuin twee egeltjes. Maar wat zo mogelijk nog meer in het oog springt is hun voorliefde voor borduursels en Elvis Presley. Zelfs The King’s landgoed Graceland is in kruissteekjes vastgelegd. Anja: ‘Ik zeg wel eens tegen mensen: als je wat te borduren hebt, breng het hier. Ik doe het gratis.’

Ondertussen kijkt zij dan met haar man naar programma’s als Nova, Pauw & Witteman en Buitenhof. ‘Ik luister, maar mijn man zit dan te schelden’, beschrijft ze. Haar man zit nu ook op wat lijkt zijn vaste plek, recht voor de tv, op een witte leren bank. ‘We kijken ook altijd naar Opsporing Verzocht, het licht getinte programma’, zoals Anja het schertsend noemt. ‘Ik denk niet dat ze in Den Haag naar Opsporing Verzocht kijken.’ Op een zangerig toontje vervolgt ze: ‘Licht getint, licht getint, licht getint, ik zie het elke week. Maar in Den Haag hebben ze het er nooit over. Je mag niet discrimineren, maar zo is het toch? Ze jatten alles van je. Zij vreten onze poen op.’ Ze lijkt niet stil te staan bij wat ze zegt, als ze vervolgt: ‘Van mij mogen ze de Marokkanen die niet werken op een lekke boot terugsturen. Komen ze tenminste ook niet meer terug.’
Bijval van hoogopgeleiden
Het cliché wil dat alleen laagopgeleide, armere mensen vallen voor Wilders. Maar met 32 zetels in de peilingen is dat niet langer vol te houden. Ook een groep hoger opgeleiden is gecharmeerd van Wilders’ felle taal tegen allochtonen. ‘Als je PVV’ers zoekt, ben je hier aan het goede adres’, zegt de 19-jarige Thomas Swagerman, terwijl hij met twee klasgenootjes van de zon geniet tijdens zijn middagpauze aan de Onderwijsboulevard. ‘Hier zitten alleen wat internationale studenten’, zegt de 18-jarige Marlies Vervoort. Ze draagt een spijkerbroek, bruin leren jasje en heeft een vrolijke tas met gekleurde stippen. ‘Maar dat zijn niet van die kut-Marokkanen’, pareert Swagerman – bruine krullenbol, blauw-grijze trui, zwarte jas en blauwe All Star-gympies. Dat de groeiende aanhang van Geert Wilders ook hoogopgeleiden telt blijkt wel aan de ‘HAS’, zoals de hbo-opleiding voor agrariërs kortweg wordt genoemd. Volgens Thomas Swagerman, die thuis het boek Kies voor Vrijheid van de PVV-voorman op de plank heeft staan, deelt Wilders de buitenlanders in in groepen. ‘Hij heeft geen hekel aan buitenlanders’, betoogt de jongen, ‘maar hij houdt meer van mensen die zich inzetten voor de maatschappij.’

Vijftien jaar was Thomas toen hij het boek van Wilders las. ‘Ik heb het zelf gekocht, toen het net uit was. Ik was bedreigd door een groep buitenlanders van het Broeckland College, een vmbo uit de buurt. Ik fietste naar school en werd voor kankerbrillioot uitgemaakt. Het ging al dagen zo. Op de derde dag zei ik iets terug. De vierde dag stonden ze me op te wachten. Ze hebben mijn fiets finaal verrot geschopt en ik ben gaan rennen. Hoe oud was ik toen? Ik voelde me best waardeloos en toch gebeurde er niets. Mijn vader is nog naar die school geweest en heeft met de rector gepraat. Ik mocht ze komen aanwijzen. Maar ja, de volgende dag fiets ik daar wel weer langs. Daar had ik geen zin in. De politie zag het meer als een incident. Een officiële aangifte zag ik ook niet zitten.’
Thomas wilde weten of er in de politiek iemand was die er wel wat aan zou doen. In het boek van Geert Wilders zie je volgens hem hoe hij zijn eigen leven geeft. ‘Hij offert alles voor ons op. Dat zou voor mij een reden zijn om op hem te stemmen. Hij heeft er zoveel voor over, hij ruïneert zijn eigen leven.’ Thomas weet nu al zeker dat hij bij de volgende verkiezingen op hem gaat stemmen.
Plotseling remt een veel te hard rijdende Peugeot 205 af met gierende banden, vlak voor mensen die over willen steken. ‘Kijk, daar gaan er weer twee’, zegt Thomas op geïrriteerde toon. En zachter vervolgt hij: ‘Kutvolk. Als je je aan dingen ergert, krijg je eerder de neiging om extreem te stemmen. Mijn stiefvader is daar helemaal extreem in. Maar ik herken het ook. Ik werk bij een pizzeria en mijn baas is een buitenlander, maar zelfs hij wil liever geen buitenlanders aannemen, omdat hij weet dat die over het algemeen hun afspraken niet nakomen.’
‘Alles naar de klote’
Onvrede en angst. Ze komen in gesprek met potentiële kiezers van de PVV keer op keer naar boven. Het korte woordje ‘klote’ keert ook vaak terug. Bosschenaar Mike van Liempt, (41) die woont op de in de steigers staande Helfthovenpassage, is één van de kiezers die voldoet aan dit profiel. Zelfs op een van de eerste zonnige middagen van dit voorjaar vindt deze eenmalige LPF’er dat in ons land ‘alles naar de klote gaat’.
Vaderlief ziet de boel zo mogelijk nóg somberder in, lijkt het. ‘Mijn vader werkte altijd bij DAF, vroeger maakten ze daar 245 vrachtwagens per jaar, nu nog maar honderd. Hij is heel kwaad op dit land, hij heeft altijd heel hard gewerkt en nu gaan ze de pensioenen bevriezen. Mensen die heel hard hebben gewerkt mogen die niet genieten dan?’ Van Liempt vergelijkt het met een begrafenisverzekering van Dela. ‘Straks word je negentig, heb je al die jaren premie betaald en krijg je alsnog een standaardbegrafenis.’

| Mike van Liempt (41): ‘Van dat gedoe over de islam en haatzaaien hou ik niet.’
‘Het is nu crisis, dus je moet nu ingrijpen’, vindt Van Liempt, die onlangs zelf zijn baan kwijtraakte. Tot februari leverde hij revalidatiemiddelen, scootmobielen en rolstoelen af, nu zoekt hij een nieuwe baan in de buitendienst. ‘Ik kijk elke dag op Job-rapido en de Nationale Vacaturebank. Ik heb nu tien sollicitaties lopen, bij een daarvan ben ik al twee keer op gesprek geweest. Ik zal snel iets moeten aannemen, ook al is het onder mijn niveau. Ik wil toch kleertjes blijven kopen en blijven uitgaan.’
Met de asielzoekers mag het hier van hem wel wat minder. ‘Wij hebben niet de industrie en de macht om tot twintig miljoen mensen te gaan.’ Volgens Van Liempt heeft Nederland – zeker in deze tijd – een sterke leider nodig, iemand als de Franse president Sarkozy. ‘Iemand die ervoor kiest om zijn eigen industrie te beschermen.’ Dat ziet hij onze premier nog niet doen. ‘Ik heb het gevoel dat Balkenende dingen verbergt. Eigenlijk zouden ze hem een keer zat moeten voeren, zodat hij z’n eigen voorbij praat.’ Van Liempt denkt dat de uiterste houdbaarheidsdatum van CDA-leider Balkenende inmiddels is verstreken en ziet kansen voor de PVV. Zijn ouders, die altijd PvdA stemden, twijfelen nog of ze op Wilders gaan stemmen. Maar zijn broer, woonachtig in de grensstreek met Duitsland en werkzaam als accountant ‘is heel erg voor hem’, vertelt Mike. ‘Mijn broer vindt het mooi dat Geert Wilders zijn mening zo duidelijk laat horen.’
Fatima’s achter de kassa
Waar de potentiële PVV-kiezers ook geen genoeg van krijgen is Wilders’ gehamer op het behoud van de eigen cultuur. ‘Gagagagagaga, en ik versta er niets van’, imiteert Gerrit Maaten geïrriteerd Marokkanen die geen Nederlands spreken. ‘Pas nog kwamen er drie Fatima’s voorbij die hardop vroegen waarom ik boer wil worden. Dat hebben ze maar te accepteren’, vindt Thomas Swagerman.
Daar is zijn 21-jarige studiegenootje Iris Middelkamp het hartgrondig mee eens. Samen met een vriendin zit ze op steenworp afstand van school in de zon; grote, donkere zonnebrillen. ‘Wij zijn niet echt met politiek bezig. De laatste verkiezingen wist ik ook helemaal niet waar ik op wilde stemmen. Ik heb toen de stemwijzer gedaan, daar kwam PVV uit, dus heb ik Geert Wilders gestemd.’
‘Ons pap stemde eerst op de ChristenUnie, maar daar geeft hij nu niets meer om’, vertelt de voormalig gymnasiaste, die uitgeloot werd voor diergeneeskunde. ‘Wat ze nu met de pensioenen doen en langer doorwerken, dat staat hem niet aan. Balkenende vind ik – hoe moet ik het zeggen – niks. Hij staat daar maar en straalt niks uit, geen macht. Hij is eerder een beetje boers. Geert is rebels, hij gaat er tegenin, dat mag ik wel. En ik vind ook dat we meer van onze eigen cultuur mogen laten blijken. Niet te veel toegeven, buitenlanders een beetje strak houden.’
Thomas vindt ‘een beetje strak houden’ eigenlijk niet genoeg. ‘Mijn neef gaat met de bus naar zijn stage, dan zit er altijd maar één Hollander in de bus. Dat is toch van de zotte? Ik heb nog het geluk dat ik niet in een stad woon, waar je voortdurend tegen die opgeschoren koppies aankijkt, met een petje zo hoog mogelijk op hun hoofd. Dat hoort hier niet thuis en een Fatima met hoofddoek achter de kassa ook niet.’ Thomas ergert zich ook aan mensen in de trein die hun muziek op honderd zetten. ‘Normale Nederlanders doen dat niet.’ Oorzaak is volgens hem hun opvoeding. ‘En die wordt per generatie slechter.’
Zijn projectgroepgenootje Marlies – ze woont in Amsterdam – vult hem aan. In haar eigen stad voelt zij zich ‘niet echt meer thuis’. ‘Het ergste is dat ik me niet meer veilig voel als ik op de Bijlmer aankom. En bij het Kraaiennest al helemaal niet meer. Maar ik zie het ook bij mij in de buurt, als de kinderen op straat spelen. Dan is er één Nederlands jongetje bij, maar geen één ouder die tegen zijn kind zegt: praat even Nederlands, want hij is erbij.’
Eigen cultuur
De eigen cultuur hoog in het vaandel hebben, is iets wat ook op de Snuffelmarkt in de Brabanthallen wordt gewaardeerd. De walm van gebraden kippetjes overvalt je daar al op de vroege morgen. De spitten van de kippenboer pal voor de ingang zijn afgeladen vol en het vet van de keet met Hollandse snacks tegenover is ook al op temperatuur. In de prille lentezon staat een handjevol mensen nog een sigaretje te roken, maar de meeste mensen lopen linea recta door naar binnen. Via een kraampje met sambal- en peperworst, kleurige rekken vol carnavalskleren, komen de bezoekers bij een grote hal. ‘Waar blijven jullie!?’, roept een meisje van een jaar of vijf naar haar ouders die de vijf euro entree nog aan het afrekenen zijn.

Kredietcrisis
De kraampjes op de snuffelmarkt zijn overvol. Het oog van Jacques Scherders (49) valt op een zilvergrijze Chevrolet Corvette Coupé. Is dat niet exact de wagen waar hij de dag ervoor samen met zijn vrouw een proefrit in maakte? ‘Het is precies hetzelfde type’, zegt Jacques stellig tegen zijn Anna. Ze draagt een lichtgetinte bril, gouden neuspiercing en een glimmende laktas. Maar wat graag had de familie Scherders een echt exemplaar gehad. ‘Ik heb altijd gezegd als ik vijftig ben, dan wil ik er één hebben. Maar of dat gaat lukken… We zijn allebei 49. Van het jaar worden wij samen honderd.’
Toch is Jacques ook zichtbaar tevreden met het schaalmodel, 1:43. Hij kan zijn nieuwsgierigheid niet bedwingen. Terwijl het stel aan een tafeltje in de koffiehoek zit – hij een blikje bier, zij koffie en een saucijzenbroodje – begint hij de auto uit te pakken. ‘Even kijken of de motorkap ook open kan.’
Hij schuift de zilvergrijze Corvette uit de doos en maakt één voor één de plastic bandjes waarmee de auto is vastgezet los. De motorkap gaat open en bij het zien van het miniatuur motorblok verschijnt er een tevreden blik op zijn gezicht. ‘Bij de echte konden de ramen ook uit het dak’, vervolgt hij. Met zijn vinger duwt Jacques tegen de onderkant van het dakraam en het wipt eruit. Hij veert op. ‘’s Zomers kunnen we zo gaan rijden. Tot ik genoeg gespaard heb kan ik er elke avond naar kijken.’
Of een echte er voor het Oosterhoutse echtpaar Scherders nog van komt, is er met de komst van de kredietcrisis niet zekerder op geworden. ‘We hebben gisteren gekeken, bij een hele loods vol, maar de echte is nog te duur’, erkent Jacques. ‘Kijken kan altijd hè’, vult zij hem aan. Voor zijn dagelijkse werk zit Jacques ook al vaak op de weg, hij is internationaal chauffeur. ‘Er komen alleen bijna geen containers binnen’, vertelt hij. ‘In de Rotterdamse haven staat het vol met lege chassis en trailers, er is gewoon geen plekske meer over. Sinds november is het minder. Mijn werkgever is ook failliet gegaan, maar ik heb gelukkig wel een nieuwe nu. Wij voelen de crisis in onze knip, we hebben een kleine duizend euro per maand minder. Goedbetaald overwerk en nachtwerk is er niet meer.’

Zijn vrouw heeft als kapster veel minder last van de economische dip, betoogt hij. ‘Haren blijven wel groeien.’ Maar volgens Anna stellen de mensen de kapper ook steeds langer uit. Zou de hanger om Jacques’ nek, de ooit door Tineke de Nooij aangeprezen BioStabil, hem nog tegen de crisis beschermen? Anna antwoordt voor hem: ‘Hij heeft hem genomen omdat hij hem mooi vond.’ Hij vult aan: ‘Niet per se voor de werking.’
‘Onze Pim’
Vroeger stemde de familie Scherders altijd PvdA, maar de vorige keer was het al de PVV. Anna: ‘Wilders maakt zich sterker voor de dingen die hij zegt. Ik vind het mooi dat iemand uit wil komen voor wat wij al ons hele leven willen, maar niet durven zeggen. Een vrij Nederland.’
‘Tenminste, tot het hem fataal wordt’, zegt Jacques ineens. ‘Je hoeft niet verder te kijken dan Theo van Gogh om te zien wat de risico’s zijn.’
Anna: ‘En vergeet Fortuyn niet.’
Jacques: ‘Onze Pim.’
Anna: ‘Wij zouden op Pim Fortuyn gaan stemmen, maar toen hij werd vermoord zo vlak voor de verkiezingen, hebben we er vanaf gezien. Als zo’n leider weg is, weet je dat er van de partij weinig terechtkomt. We zijn toen niet wezen stemmen.’ Hun 24- en 21-jarige dochters, Marjolein en Anjo, zijn het huis al uit, maar stemmen ook PVV, verzekert Anna. ‘Niet omdat wij dat doen, hoor.’ Belangrijkste reden voor Jacques om PVV te stemmen, zijn de Polen die zijn werk inpikken. ‘Voor twee Oostblokkers zijn ze net zoveel kwijt als voor één Nederlander’, treurt hij. ‘Ze hadden die Muur nooit af moeten breken. Daar waar wij onze zaken laden, werken geen Nederlanders meer, alleen nog Polen en Hongaren.’
Het is een terugkerend patroon onder de PVV-aanhang: boos op de buitenlander. Jacques is boos op de Polen die zijn werk inpikken, Thomas op kut-Marokkanen van de straat en Anja en Gerrit zijn ‘licht getinte’ criminelen zat. Anja toetst op haar mobieltje tot ze bij een sms-alert van de politie is. ‘Beroving met vuurwapen, man, getint, ong 20 jr, blauwe Nike-pet, donkere kleding, sjaal. Let op niet zelf aanhouden.’ Het is het sms’je dat ze ontving na de overval op Bakker Bas. Gerrit: ‘De schrik die ze dat meisje hebben aangejaagd, zoiets moet niet voor de rechter komen, die dader moeten ze gelijk met zijn rug tegen de muur zetten en een mitrailleur erover.’
Afgunst en jaloezie
De gevangenis vindt Gerrit veel te luxe. ‘Ze komen hier in het hotel, radio, televisie erbij, allemaal een fatsoenlijk bed. Moet je eens kijken naar gevangenissen in Marokko: daar zitten ze met zestig of zeventig in een hok.’ Naast angst en onvrede doet ook afgunst het goed in het rijtje gemene delers van PVV’ers. Mike vindt het oneerlijk dat zijn vader altijd zo hard heeft moeten werken en ook Anja neemt het op voor haar man.
Hij heeft altijd in de Rotterdamse Haven gewerkt, van zijn veertiende tot zijn 65e. ‘Daar kreeg je zesduizend euro pensioen, waarvan er 3.300 euro naar de belasting moest. Daar heb je dan je hele leven voor gewerkt en die bankiers krijgen een bonus. Mijn drie zoons en ik hebben ook nooit van de Sociale Dienst geleefd.’
Anja steekt haar vierde shagje op. Gerrit, nog steeds vanaf dezelfde plek op de bank: ‘De banken, daar stoppen ze miljarden in en dan krijgen de bankiers ook nog eens anderhalf miljoen bonus van de belastingbetaler. Dat is toch schandalig.’
De hele familie – ook oudste zoon Freek (40), die nog thuis woont – overweegt voor Wilders te kiezen. Hij heeft nog nooit eerder gestemd. Zijn ouders schatten dat ze in 1968 voor het laatst in een stembureau zijn geweest. ‘Toen waren we niet eens zo heel lang getrouwd’, herinnert Anja zich. ‘Maar we zitten er nu echt aan te denken om weer te gaan stemmen. Dan krijgen we misschien een ander land. Als Geert zich tenminste aan zijn woorden houdt.’
* De namen Anja, Gerrit en Freek Maaten, Thomas Swagerman, Marlies Vervoort en Iris Middelkamp zijn op verzoek gefingeerd.