Door: Kustaw Bessems 
Gepubliceerd: zondag 26 april 2009 22:44
Update: maandag 27 april 2009 07:13
Politici willen de PVV van Geert Wilders bestrijden, maar ze verliezen vaak de discussie met hem. Wat doen ze fout?
Op de vraag of collega’s het hem wel eens moeilijk maken tijdens debatten in de Tweede Kamer antwoordde PVV-leider Geert Wilders onlangs in deze krant dat dat eigenlijk niet het geval is. In kleine kring heeft hij zich er zelfs wel eens over verbaasd: hoe kan het dat de andere partijen hem steeds ogenschijnlijk zo slecht voorbereid tegemoet treden. Waarom staan ze niet klaar met de messen geslepen?

Je zou zeggen dat er genoeg redenen zijn voor partijen in de Tweede Kamer om serieus werk te maken van de politieke strijd tegen de PVV. In opiniepeilingen staat de PVV tussen de 26 en 32 zetels, tegen negen in de Kamer nu. Daarmee zou ze de tweede of eerste partij van het land worden.
Maar er is meer. Volgens de peiling van Maurice de Hond zal zijn partij daarnaast de grootse winst boeken bij de Europese verkiezingen, in juni: van nul naar vier zetels. En uit onderzoek in opdracht van het weekblad Vrij Nederland blijkt ook nog eens dat veel mensen die zeggen niet op de PVV te zullen stemmen, het wel eens zijn met een aantal vergaande standpunten van Wilders. Zo is 38 procent van de Nederlanders het eens met de stelling van Wilders dat de moslims gekomen zijn ‘om hier de boel over te nemen, om ons te onderwerpen’. Maar liefst 61 procent is het eens met Wilders’ stelling dat ‘straatterroristen’ het land uit moeten worden gezet.
Alle andere politieke partijen kunnen deze opvattingen grote onzin vinden, maar kennelijk slagen ze er niet goed in om een belangrijk deel van de bevolking daarvan te overtuigen. Hoe kan dat? Als Wilders werkelijk zulke belachelijke dingen uitkraamt, hoe is het dan mogelijk dat zijn opponenten hem verbaal niet alle hoeken van de kamer laten zien.

| Hoe is het mogelijk dat Wilders’ opponenten hem verbaal niet alle hoeken van de kamer laten zien? Foto’s: ANP
Eén verklaring kan natuurlijk zijn dat hij overal gelijk in heeft en dat zijn standpunten dus nooit onderuit te halen zijn. Maar dat lijkt nogal theoretisch. Een andere is het retorische talent van Wilders en de meeste van zijn fractiegenoten. Van de week nog, tijdens het JSF-debat, was hij magistraal. Waar anderen praten over memorandums of understanding, kandidaatvergelijkingen en Superhornets, kan hij in een paar heldere zinnen uitleggen waarom zijn partij tegen de aanschaf van de nieuwe straaljagers is.
Nu kan niet iedereen een even begaafd spreker zijn, maar er valt meer op aan debatten met Wilders. Zijn tegenstanders lijken zich zo te verliezen in hun verontwaardiging en zijn ideeën tegelijk zo weinig serieus te nemen, dat zij veel eenvoudige fouten maken.
Zes veelvoorkomende vergissingen in debat met de PVV:
1 De slordige weergave
Geert Wilders en zijn fractiegenoten hebben een keur aan uitspraken gedaan die voor politieke concurrenten goed te bestrijden zouden moeten zijn omdat ze waarschijnlijk discriminatoir zijn. De PVV wil bijvoorbeeld de grenzen sluiten voor immigranten uit moslimlanden. Hij wil Marokkaans-Nederlandse criminelen met een dubbel paspoort uitzetten. Hij wil die laatste groep bij rellen in de knieschijven schieten. Hij wordt op dit soort plannen wel aangevallen, maar het lukt andere politici verrassend slecht om bij zo’n aanval de standpunten van Wilders en diens partij goed weer te geven. In plaats van te kijken naar wat Wilders echt heeft gezegd, wordt van zijn standpunten maar een amorfe racistische massa gemaakt waartegen vervolgens met weinig precisie wordt geageerd.
Voorbeeld
GroenLinks-leider Femke Halsema in haar laatste congresspeech: ‘Geert Wilders introduceert kasten waarbij iedereen die een kleurtje heeft of een hoofddoekje draagt rechteloos is.’
Een typische reactie van Wilders kan zijn:
‘Dat heb ik niet gezegd.’
2 Het formele argument
Wanneer Wilders of een andere PVV’er iets voorstelt, schieten zijn opponenten nogal eens toe om er driftig op wijzen dat wat de PVV wil wettelijk helemaal niet kán. Of dat het in strijd is met een internationaal verdrag waaraan Nederland zich heeft verbonden. Dat mag waar zijn, maar die Kamerleden lijken er in zo’n geval aan voorbij te gaan dat zij zelf medewetgever zijn. Ze houden het bij de vaststelling dat de regels nu eenmaal zijn zoals ze zijn en verzuimen uit te leggen waaróm de wet die de PVV-plannen belemmert dan zo goed of belangrijk is. Resultaat is dat Wilders de man met ideeën lijkt en zijn tegenstanders een stel formalistische pennenlikkers die nergens over hebben doorgedacht.
Voorbeeld
Toenmalig PvdA-fractievoorzitter Jacques Tichelaar in een debat over de dubbele nationaliteit van bewindslieden: ‘Wat is uw mening eigenlijk over artikel 3 van de Grondwet? Daarin staat dat iedere Nederlander benoembaar is in publieke dienst.’
Een typische reactie van Wilders kan zijn: ‘Wij willen die wet juist veranderen.’
(Variant: ‘Wij willen dat verdrag juist opzeggen’)
3 De slechte goede moslim
Wilders en zijn PVV stellen zich op het standpunt dat de hele islam niet deugt. Ja, er bestaan volgens hen wel gematigde moslims, maar dat zijn dan eigenlijk geen echte moslims, want een gematigde islam bestaat volgens Wilders niet. Die komt er misschien pas over duizend jaar, is zijn stelling, en daar kunnen we niet op wachten. Wilders’ politieke tegenstrevers willen graag bezwaar maken tegen deze generalisaties. Ze komen dan aan met voorbeelden van ‘moslims die deugen’. Maar niet zelden hebben zij een ongelukkige greep, waardoor het imago van de islam er niet meteen op vooruit gaat. Zoals de Indonesische president Yudhoyono, voor een leider in de islamitische wereld relatief mild, maar toch verantwoordelijk voor behoorlijke mensenrechtenschendingen, ook in naam van het geloof. Ongelukkigerwijs wekken politici zo juist de indruk dat ze geen moslim kunnen verzinnen die zich netjes gedraagt.
Even ongelukkig is het wanneer politici zoals CDA-fractievoorzitter Pieter van Geel en zijn ChristenUnie-collega Arie Slob op vragen van Wilders niet volmondig beamen dat zij het prima vinden als er steeds meer moslims in Nederland komen wonen. Dat is speculeren, zeggen ze dan, waardoor het klinkt of ze het eigenlijk met Wilders eens zijn.
Voorbeeld:
Premier Balkenende tijdens een recent vragenuurtje: ‘Laat ik nog één opmerking maken tegen de heer Wilders. Hij zegt dat de islamitische ideologie er een is van haat en geweld. (…) Maar president Yudhoyono, bijvoorbeeld, is gewoon een overtuigde moslim. Moet ik nu deze regeringsleider, die zo’n belangrijke rol speelt in dat deel van de wereld, het etiket opplakken dat hij wordt gekenmerkt door haat en geweld? Zo kan ik er hele groepen aan toevoegen.’
Een typische reactie van Wilders kan zijn:
Niets.
4 De historische vergelijking
In de Tweede Kamer lijken de meesten hun lesje wel te hebben geleerd in de episode-Fortuyn. Begon destijds een politiek leider nog rustig naar het lot van Anne Frank te verwijzen (Thom de Graaf van D66), dat soort holocaustretoriek hoor je aan het Binnenhof nauwelijks meer. In ieder geval niet hardop. Minister Hirsch Ballin is een van de weinigen die wel eens op de historie hint, maar vaag. Toch ligt de vergelijking met de Tweede Wereldoorlog altijd op de loer. Staatssecretaris Dijksma van Onderwijs moest een lesboek terugtrekken waarin Wilders’ film Fitnamet Adolf Hitlers boek Mein Kampf werd vergeleken en GroenLinks wordt in verlegenheid gebracht door oud-lijsttrekker Mohammed Rabbae die Wilders ‘een kleine Hitler’ noemde. Wilders associëren met nazisme is verleidelijk om de eigen achterban te plezieren. Maar je bent veel tijd kwijt aan uitleggen waarom de vergelijking al dan niet opgaat, terwijl Wilders er verontwaardigd briesend en moreel superieur vandoor kan gaan als – gedemoniseerd – slachtoffer.
Voorbeeld
Jan Marijnissen van de SP: ‘U kunt niet mensen categorisch afwijzen omwille van hun geloof in Nederland. Dat hebben we in het verleden meer meegemaakt. Dat leidt tot rampen.’
Een typische reactie van Wilders kan zijn
‘Schande!’
5 Het praktische of kostenargument
Het praktische of kostenargument lijkt een beetje op het formele argument. In die zin dat het vaak schriel afsteekt tegen de gezwollen taal van Geert Wilders. De PVV-leider wil een boek verbieden (de Koran) en een van de reacties luidt dan bijvoorbeeld: hoe wilt u zo’n verbod nu controleren? Opnieuw is Wilders de visionair en de politicus die met hem debatteert een technocraat zonder principes.
Voorbeeld
D66-leider Pechtold tijdens Algemene Politieke Beschouwingen: ‘Waar is uw tegenbegroting? Bent u bereid het door het Centraal Planbureau te laten doorrekenen?’
Een typische reactie van Wilders kan zijn: ‘Ga weg met al uw planbureaus.’
6 Schamperen of negeren
Deze reactie is tegenovergesteld aan de slordige weergave (die meestal een overdrijving is) en de historische vergelijking (die zo’n beetje een rechte lijn trekt tussen Wilders en Auschwitz). Wilders wordt hierbij weggezet als een mallotige figuur met gekke ideetjes die hij tot vervelens toe herhaalt. Maar kiezers hebben door dat politici met deze houding heus niet zo onverschillig zijn over Wilders als ze proberen te doen voorkomen. Het negeren en schamperen is eerder demonstratief dan ontspannen. Een mogelijk nadeel is dat niet alleen Wilders maar ook de ongeveer 20 procent die op hem zeggen te willen stemmen zich door dit gedrag genegeerd voelt of belachelijk gemaakt. Daarnaast doet Wilders uiteindelijk meestal toch iets dat zó de aandacht trekt dat negeren op den duur onhoudbaar blijkt en dan moeten de politici gaan draaien.
Variant op het negeren is het populisme-verwijt: u doet dit alleen maar voor uw kiezers. Tja, dat willen die kiezers ook graag.
Voorbeeld
D66-leider Pechtold over Fitna 2: ‘Ik kan een lichte gaap niet onderdrukken.’
Een typische reactie van Wilders kan zijn:
Fitna 2.
ANP PHOTO ROBIN UTRECHT
'Marokkaans tuig'
Volgens Wilders 'raken we ons land kwijt aan Marokkaans tuig dat scheldend, spugend en onschuldige mensen in elkaar rammend
door het leven gaat'. "Ze accepteren maar al te graag onze uitkeringen,
huizen en dokters, maar niet onze normen en waarden", zei Wilders."Ze
zijn niet gekomen om te integreren, maar om ons te onderwerpen en te
overheersen", zei Wilders.

ANP PHOTO/VALERIE KUYPERS
Quotes
Geert
Wilders van de PVV zegt over Marokkaanse probleemjongeren: ,,Ze
accepteren maar al te graag onze uitkeringen, onze huizen, onze
dokters.'' Halsema reageert: ,,Wat doet u nou voor de kleine man
behalve dan schelden op Mohammed en Fatima''. Hamer: ,,U meet
voortdurend met twee maten. U behandelt mensen niet gelijk.''
,,U
heeft niet het monopolie op het kennen van de Nederlandse
samenleving'', zegt Balkenende tegen Wilders. ,,In het duiden van de
problemen zit er geen verschil tussen u en mij.''