Door: Haagse redactie
Gepubliceerd: woensdag 1 juli 2009 02:07
Update: woensdag 1 juli 2009 09:19
Het parlementaire jaar is voorbij, tijd voor de traditionele afrekening. Onze Haagse redacteuren gingen er goed voor zitten. Ze zagen spannende interrupties en oprechte woede. Maar helaas ook
manipulatie, taalmishandeling en leugens. Over de beste politicus waren de meningen verdeeld, al scoorde Alexander Pechtold erg hoog. En de verliezer, tsja. Daar was echt iedereen het over eens.
Auteur: Marcia Nieuwenhuis
In het rijtje met beste
en slechtste politici, zou je hem bijna vergeten: Mark Rutte. De
liberaal, die met 21 zetels een fikse machtsbasis heeft in het
parlement, moddert nog immer voort. Het voornaamste waar hij het
afgelopen jaar headlines mee maakte was het niet strafbaar stellen van
de holocaust-ontkenning. Wonderlijk dat de liberalen niets geleerd
hebben van eerdere oorlogsmissers.
VVD-europarlementariër Toine Manders verontschuldigde zich al eens
voor het laten zien van WO II-beelden in een reclamespot voor de
Europese grondwet en Hans Dijkstal vergeleek de vignetten die minister
Verdonk wilde invoeren om de integratie van allochtonen te meten met
een jodenster.
‘Uhm... ze doet het goed’
En ook de grootste oppositiepartij kwam dit jaar niet uit de verf.
Waar de SP er vorig jaar nog in slaagde om andere Kamerleden te laten
excelleren, zijn de rollen nu omgedraaid. Het lijkt wel of oud-leider
van de SP Jan Marijnissen enkel bezig is het gezag van zijn opvolger
Agnes Kant te ondermijnen. ‘Uhm...ze doet het goed. Ja, ik vind, ze
groeit steeds beter in d’r rol. Uhm... Het is ook niet niks.
Oppositieleider...’, sprak de man die bezwoer juist niet het Orakel van
Oss te worden. In plaats daarvan kan de SP zich veel beter richten op
hoe zij hun politieke tegenstanders van repliek moeten dienen. Neem de
aanval van Kant op de uitslagenavond van de Europese verkiezingen: ‘Als
het gaat om sociaal-economische terreinen is de PVV een rechts-liberale
partij.’ Die zou veel meer impact hebben op hun gemeenschappelijke –
ietwat minder bedeelde – achterban, als zij het beestje bij de naam
noemt. ‘Bij u, meneer Wilders, worden de allerrijksten er alleen maar
rijker op.’
Premier Jan Peter Balkenende staat dit jaar bovenaan in de flopdrie.
De Catshuisbrand – die een schilder het leven kostte – typeert zijn
gesloten bestuurscultuur. De CDA-leider oogt op zijn 53e nog steeds
onschuldig, maar heeft zich door de jaren heen ontwikkeld tot een sluwe
machtspoliticus. Onder zijn verantwoordelijkheid werd een voor hem
belastend rapport afgevoerd naar de kluis van de landsadvocaat, en
bovendien durfde hij vervolgens ook nog eens te beweren dat de
onderzoeker het bewuste rapport zelf ook onvoldragen zou hebben
gevonden. Een leugen, zo bleek later uit de verklaring van de
onderzoeker zelf in NRC Handelsblad.
De premier liegt dus om zijn eigen hachje te redden. Maar het ergste
is eigenlijk nog wel dat de meerderheid van de Tweede Kamer hem hiermee
weg laat komen. Zeker aangezien het niet de eerste keer is dat hij de
doofpot hanteert. Waar in alle andere westerse landen politieke leiders
instemden met onderzoeken naar de steun aan de inval in Irak, bleef
Balkenende dit in Nederland jarenlang traineren. En dan hebben we het
nog niet eens over de affaires rond het koninklijk huis, Mabel en
Margarita-gate, waarin hij de schuld in andermans schoenen probeerde te
schuiven.
Een van de weinigen die wél in opstand komt als er in de Tweede
Kamer iets grondig mis gaat, is ook dit jaar D66-voorman Alexander
Pechtold. Die onderscheidt zich niet alleen in zijn eloquentie van de
rest.
Vorig jaar
Beste: Pechtold (hét alternatief), Ewout Irrgang en Jasper van Dijk
(nu verdrongen door Marijnissen), Diederik Samsom (gemiste kans)
Slechtste: Mariëtte Hamer (behoudende keus), Tineke Huizinga (waarom
toch op Verkeer en Waterstaat?), Ella Vogelaar (inmiddels exit), Mark
Rutte (onzichtbaar).

Pechtold en Hamer | ANP
Auteur: Peter Middendorp
De teleurstelling van het
parlement: de leden kunnen niet spreken. Ze lezen voor. Van briefjes
die net zo lang zijn afgestemd en goedgekeurd door de fractie tot er
niets meer in staat, alleen een samenvatting van de reden voor het
debat. Al hebben er tien voor hen precies hetzelfde gezegd en gedaan,
ze blijven voorlezen.
Hierdoor kennen Nederlandse debatten geen ontwikkeling; er gebeurt
niets, alles staat vooraf vast. Dat is onkunde, en angst: er is de
politicus veel aan gelegen ontwikkeling te voorkomen, ontwikkeling kun
je niet controleren.
(3) Het afgelopen jaar één keer een verhaal gehoord waarbij ik
mezelf even mocht vergeten. Uit het hoofd gehouden, ook dat nog, door
Wouter Bos. Niet om andere redenen mag hij in mijn lijst.
(2) Bijna altijd is het aardig om te luisteren naar Femke Halsema
(GroenLinks). Ze blijft nadenken als ze iets zegt, blijft formuleren,
ook in staat van grote opwinding, wat niet mijn favoriete staat is. Ze
citeert, laat de wereld doorklinken in het parlement, je hoeft het niet
overal mee eens te zijn om dat te kunnen waarderen.
(1) De verhalen van Alexander Pechtold (D66) openen, om zo te
zeggen, timmeren niet dicht. Zijn interrupties zijn spannend, soms
wordt een tegenstander langzaam ingesloten. Hij zit niet vaak zonder
grapjes en spitsvondigheden. Daar moet je van houden, maar kom buiten
Pechtold maar eens om comic relief in het parlement.
Met zo weinig sprekers hoeft een regering zich geen zorgen te maken.
Dat zal ze uitkomen, de enige verdediging die het kabinet tot zijn
beschikking heeft, is de nietszeggendheid, opgediend uit gezichten met
een glimlach voor de mensen thuis. Het doel: veel praten zonder iets te
zeggen waaraan je kunt worden herinnerd; de tegenstander vervelen en
vermoeien.
(3) Tijdrovend zijn Kamerleden die vragen indienen voor ministers
van de eigen partij om ze vervolgens in het debat te complimenteren –
‘De minister verdient een dikke pluim dat hij dit zo doortastend heeft
aangepakt.’ John Leerdam (PvdA) – ‘Knap gedaan’; Jeroen Dijsselbloem
(PvdA) – ‘Heel goed’; en Pieter Omtzigt (CDA) – ‘Ik ben werkelijk onder
de indruk’, moeten de eer verdelen.
(2) Na het JSF-debat heb ik besloten nooit meer vooraf een debat
spannend te vinden. De PvdA ging de aanschaf van een testtoestel niet
accepteren, want dan zat je vast aan de JSF. Deze keer gingen ze het
echt doen, sterk zijn, de poot stijf houden. Toen kwam Mariëtte Hamer.
Vertellen dat ze niet had ingestemd met de aanschaf waarmee ze wel had
ingestemd. Spreken met trage dictie, gespeelde rust en bureaucratische
clichés – bij haar duurt de leugen tergend lang.
(1) Zeven of acht jaar premier – nog nooit iets gezegd. Hij kan het
niet, een handicap die per ongeluk goed heeft uitgepakt en daarna tot
strategie is verheven; die van de derde hond, de lachende derde.
Anderen de kolen uit het vuur laten halen, er zelf ongeschonden
uitkomen. Hij raakt niks, niets raakt hem, de werkelijkheid bestaat
niet, alleen ‘de standing der premier’. Hij mishandelt de taal, de
lachende derde staat overal bij te lachen, tot vervelens toe.
Vorig jaar
Beste: 1. Ineke van Gent (voorbijgestreefd, maar niet minder sterk)
2. Jan Marijnissen (houdt Agnes Kant onrustig) 3. Femke Halsema
(plaatsje geklommen).
Slechtste: 1. Jeroen Dijsselbloem (hulpsinterklaas) 2. Martijn van
Dam (goeie brief over Gaza) 3. Karien van Gennip (uit de politiek).

Ineke van Gent | ANP KOEN SUYK
Auteur: Dirk Jacob Nieuwboer
Soms
denk je dat ze in Den Haag liever tot slechtste dan tot beste politicus
gekozen willen worden. Jokkebrokminister Eimert van Middelkoop deed erg
zijn best. Of toch maar de hele PvdA-fractie? De anticlimax over de JSF verdient het.
Maar zij winnen niet, omdat dit het jaar van de kredietcrisis is.
Pas in de moeilijkste omstandigheden weet je echt wat je aan politici
hebt. Wouter Bos redde banken en mocht zichzelf een paar maanden omhoog
glunderen in de peilingen. De vreugde was van korte duur, want al snel
keerde het coalitiegeklungel terug.
Wekenlang onderhandelen over een teleurstellend crisispakket. En
ondertussen de onrust vergroten. Minister André Rouvoet maakte het erg
bont met zijn plannetje om de hypotheekrenteaftrek over een paar jaar
af te schaffen. De ChristenUnie-leider dacht dat daardoor nu juist meer
huizen verkocht zouden worden. Jajaja.
Achterkamertjes
Ook lekker bezig was PvdA-fractievoorzitter Mariëtte Hamer. Heel
Nederland ergert zich aan achterkamertjes, zij fleurt er van op.
Vrolijk vertelt ze in het Volkskrant magazine hoe de onderhandelaars de
pers voorlogen over het verloop van de crisisonderhandelingen. Fijn dat
we nu zeker weten dat Den Haag communicatie met het volk serieus neemt.
En dan die andere great communicator: Jan Peter Balkenende. Amper
een dag nadat zijn eigen kabinet afspreekt alle opties open te houden,
werpt de premier zich op de voorpagina van de Telegraaf op als
beschermer van de hypotheekrenteaftrek. En als Bos te veel aandacht
krijgt, beklaagt hij zich op het CDA-congres over de media die niet
zien wat hij allemaal wel niet doet. Kleiner kan de p van politiek niet
zijn. De premier slaagt glansrijk voor het slechtste politicus-examen.
Cum laude.
ChristenUnie-voorman Arie Slob liet zien hoe het wel moet. Geen
domme proefballonnetjes. Geen sneren naar coalitiepartners. Het zou
normaal moeten zijn, maar zijn collega’s bewezen het tegendeel.
Slob deelt de derde prijs met Rita Verdonk. Sinds ze daalt in de
peilingen, zit ze steeds vaker bij debatten, waar ze het verrassend
goed doet. Toen Bos 49 procent van Fortis kocht, weigerde ze als enige
steun. Met zo weinig informatie kon ze niet beoordelen of het
verstandig was. Een paar dagen later bleek haar gelijk: Bos moest
alsnog de hele bank kopen.
Tamme leeuw
Zonder crisis had Barry Madlener gewonnen. Sterke campagne, grote
winst. Maar nu gaat de hoofdprijs naar iemand op wie je kunt rekenen in
barre tijden. De Tweede Kamer wordt vaak terecht een tamme leeuw
genoemd, maar dat ligt niet aan Ewout Irrgang (SP) en Kees Vendrik
(GroenLinks). Aan hen danken we het dat er tijdens de crisis nog iets
van democratische controle overeind bleef. Door hun inspanning
verbeterde de informatie over ingrepen in de financiële sector.
Vendrik wint omdat hij met meer creatieve voorstellen – bankierseed!
– kwam. En hij zorgde voor een hoorzitting met bankiers, waardoor
iedereen kon zien wat voor lapzwansen dat zijn. Jammer dat hij niet
woedend werd toen bleek dat geen enkele krijtstreep sorry wilde zeggen.
Maar tijdens het parlementaire onderzoek, waar hij voor ijverde, kunnen
zijn collega’s de schade inhalen.
Vorig jaar
Beste: Hero Brinkman, de
nar van de Kamer, won bij gebrek aan beter. Dit jaar niks nieuws.
Slechtste: 1. André Rouvoet: steady in de top 3. 2. Rita Verdonk: hoe
minder ze over Sinterklaas praat, hoe beter. 3. Iedereen die voor
verlenging van Urugzan-missie was: de meesten doen het nog steeds
beroerd.

Hero Brinkman | ANP KOEN SUYK
Auteur: Kustaw Bessems
De beste kiezen valt niet
mee. Er heeft heus wel iemand ergens een keertje iets goed gedaan. Paul
de Krom vindt een stevig VVD-geluid op integratie zonder te klinken als
slechte Wilderskloon. CDA-Kamerlid Raymond Knops ging tegen zijn eigen
staatssecretaris Jack de Vries van Defensie in toen die een omstreden
islamitisch geestelijk verzorger aanstelde. Dualisme is bij het CDA zó
uitzonderlijk dat dit een prestatie mag heten.
Of neem minister Eberhard van der Laan voor Wonen, Wijken en
Integratie, die zich ontpopt tot een slimme politicus en een van de
betere praters.
Een eervol vermeldinkje is dit alles wel waard, maar beste van het jaar?
In Den Haag geldt iemand als een goed politicus als hij moeilijke
dossiers beheerst, geen gekke dingen doet, lekker praat voor tv.
Eigenlijk: niet beschadigd raakt. En kiezers trekt natuurlijk. Dit
beloont risicomijdend gedrag, terwijl het Binnenhof wel wat meer
onhandige openhartigheid kan gebruiken. Daarom beloon ik dit jaar drie
welwillende prutsers.
Edelherten
Op de derde plaats Marianne Thieme, fractievoorzitter van de Partij
voor de Dieren. Er wordt geschamperd als zij de minister naar de Tweede
Kamer roept om zich te verantwoorden voor het doodschieten van tien
edelherten op Terschelling. Maar de andere partijen zouden zich moeten
schamen, omdat zij niet door hebben gehad hoe belangrijk kiezers
dierenwelzijn vinden. Twee zetels in het nationale parlement en bijna
één in het Europese. Collega’s en media nemen Thieme niet meer serieus,
maar zij gaat stug door en dat verdient lof.
Op twee staat VVD-leider Mark Rutte. Zijn presentatie is onbeholpen.
Zijn geratel, zijn gewapper met zijn handen. Zijn toon te allen tijde
luchtig, ongelukkigerwijs ook als hij praat over het niet bestraffen
van Holocaustontkenning. Maar zijn initiatief om de vrijheid van
meningsuiting te verruimen was een wonder van inhoud (serieus stuk
geschreven, goede miniconferentie belegd) en kwetsbaarheid (‘we zijn er
nog niet uit, maar deze kant willen we op’). In de Haagse boksring word
je dan door politici en journalisten tot moes geslagen, maar
rechtvaardig is dat niet.
Tragisch aan de beste politica van het jaar is dat zij haar critici
is gaan geloven. Zij denkt dat ze minder serieus moet zijn, ‘humor’
moet tonen. Onzin. Kiezers waardeerden SP-fractievoorzitter Agnes Kant
altijd om haar oprechte boosheid en tomeloze inzet. Díe moet zij laten
zien. En zij moet voorganger Jan Marijnissen, die haar stelselmatig
ondermijnt, wegsturen. De SP verloor al aanhang onder Marijnissen, dus
hij moet nu niet zeuren. Een vadermoord is nodig, daarna kan Kant de
aanval op de PvdA en de PVV inzetten.
Hoog opspelen
Op de derde plaats bij de slechtsten twee onbekende PvdA-Kamerleden,
ex aequo. Angelien ‘JSF’ Eijsink en Anja ‘Catshuisbrand’ Timmer. Om
waar zij voor staan: de nederlagenstrategie van hun partij. Iets hóóg
opspelen, als het erop aankomt zwichten, daarna tegen de verdrukking in
volhouden dat je gewonnen hebt.
Op de tweede plaats net als vorig jaar minister Ernst Hirsch Ballin
van Justitie (CDA). Pas toen de Hoge Raad hem de voet dwarszette, gaf
hij zijn pogingen op om beledigende taal over godsdiensten sneller te
bestraffen en zo de meningsuiting in te perken. Dat hij als goed jurist
moest weten dat hij niet handelde in de geest van internationale
verdragen of rechtspraktijk, is extra ernstig.
Voor de keuze van slechtste politicus gelden de gronden van vorig
jaar onverminderd (cynische machtspoliticus, trekt klamme deken over
het land). En er zijn meer redenen bij gekomen dan hier passen. Hoe hij
het Irak-onderzoek probeerde te blokkeren. Hoe hij een discussie over
de holocaust inzette voor politiek gewin. Hoe hij uit zichzélf begon
over sms’en met Jan Smit. Hoe hij manipuleerde in de nasleep van de
Catshuisbrand. Hoe hij zich voor de gewoonste internationale contacten
op de borst klopt. Hoe hij doet of kritiek op zijn beleid zijn
integriteit aantast. Onze premier, Jan Peter Balkenende.
Vorig jaar
Beste: 1. Femke Halsema (lijkt niet te willen winnen) 2. Tofik Dibi
(laat zich te veel intomen, wordt slordig) 3. Wouter Bos (bijt nooit
door)
Slechtste: 1. Jan Peter Balkenende (geprolongeerd) 2. Ernst Hirsch
Ballin (geprolongeerd) 3. Ton Heerts/John Leerdam (hebben waardige
opvolgers)

Foto's: HH en ANP
O ja, dat gebeurde er dit jaar
Op 29 september leken Nederland en België door een belang van 49 procent nog samen Fortis te redden. Even later weekte Bos toch het Nederlandse deel los.
Minister Van Middelkoop jokte op 13 januari over een interview in De Telegraaf. De woedende krant aanvaardde zijn excuses. ‘Ik heb me vergist.’
Premier Balkenende stond al tijden enorm onder druk maar op 2 februari was het zover. Toch een onderzoek naar de politieke steun aan de Irak-oorlog.
Even leek het dat de PvdA echt geen JSF wilde. Maar op 23 april ging de fractie toch akkoord met de koop van een testvliegtuig. Het mocht alleen niet zo heten.
‘Hoe onzinnig het ook is dat iemand de Holocaust ontkent, verbieden moet niet.’ De omstreden woorden van VVD-leider Mark Rutte vielen op 26 mei.
Bij de Europese verkiezingen van 4 juni deelde de PVV een mokerslag uit. Van 0 naar 5 zetels, net als de grootste partij (CDA) in het Europees Parlement.