Door: Kustaw Bessems 
Gepubliceerd: vrijdag 11 september 2009 00:10
Update: vrijdag 11 september 2009 07:30
Uit angst dat de PVV moslims of allochtonen gaat uitzetten, wordt Nederland terughoudender met gegevens over afkomst.
Waar Nederland onder invloed van de in 2002 vermoorde anti-immigratiepoliticus Pim Fortuyn steeds vrijmoediger sprak over afkomst en religie, wordt de discussie onder druk van Geert Wilders’ PVV nu juist gesmoord. Dat bleek weer tijdens het debat over de PVV-vragen naar de ‘kosten van allochtonen’.

Minister Van der Laan voor Integratie beantwoordde de vragen, maar zei: ‘Je wilt weten wat de vragensteller beoogt. Dat het om uitzetting zou kunnen gaan, schiet je te binnen. Ik sluit niet uit dat dat tot extra grote voorzichtigheid aan de kant van het kabinet heeft geleid.’
Die voorzichtigheid is duidelijk. Zo schrijft Van der Laan dat een vraag naar het aantal moslims in Nederland niet kan worden beantwoord, terwijl uit CBS-onderzoek blijkt dat het er 850.000 zijn. Eerder kwam hij terug op een plan voor etnische regis-tratie van probleemjongeren, omdat hij vreesde dat de PVV die wilde gebruiken om hen uit te zetten.
Zo lijkt een eind te komen aan een periode, precies acht jaar geleden begonnen met de aanslagen van 11 september 2001, waarin met gemak veel cijfers en feiten op tafel kwamen over allochtonen.
Want hoe was het, in het
Nederland van de late twintigste eeuw? Uit politieke correctheid lag
het lang zeer gevoelig om feiten en cijfers over immigratie en
integratie te verzamelen.
Er was geen totaalverbod – er werd heus wel wat bijgehouden over
scholing, werk en zelfs criminaliteit. Toenmalig VVD-leider Frits
Bolkestein waagde het om de instroom van asielzoekers te
problematiseren.
Maar in 2000 kon het nog gebeuren dat een rechercherapport, waaruit
bleek dat allochtonen zwaar oververtegenwoordigd zijn in de misdaad,
door het ministerie van Binnenlandse Zaken snel bij de drukker werd
weggehaald en geheim verklaard.
Zoiets was te pijnlijk, ondermijnde het draagvlak voor de
multiculturele samenleving, zou discriminatie in de hand werken. En zo
ging het met meer onwelgevallige data.
Het was al bijzonder dat de politie het rapport had gemaakt, want
het was in Nederland een hele stap om afkomst bij te houden. Ook al
werd dat er niet altijd bij gezegd, het deed al gauw denken aan de
registratie van Joden in de Tweede Wereldoorlog en er rustte dus een
taboe op.
Twin Towers
Maar de kloof groeide tussen wat mensen in hun dagelijks leven
meemaakten en wat beleidsmakers bereid waren toe te geven. En toen
kwamen de aanslagen op de Twin Towers. En er was Pim Fortuyn. En de
meeste taboes werden doorbroken.
Er kwam onderzoek naar criminaliteit door de tweede generatie
bijvoorbeeld, naar eerwraak en naar huiselijk geweld onder allochtonen.
Zoveel onderzoek dat iemand als de Vlaamse criminologe Marion van San –
zelf allesbehalve correct – kon opmerken: ‘Nederland loopt voorop met
zijn openheid over criminaliteit door allochtonen. Dat geldt voor de
politiek, de pers en de wetenschap.’
Er kwamen ook onderzoeken naar de kosten en baten van immigratie. Door planbureaus en door de Tweede Kamer. Het saldo: negatief.
‘Hoe kan het’, vroeg VVD-Kamerlid Paul de Krom zich gisteravond af,
‘dat in 2003 het Centraal Planbureau onderzoek kon doen naar de kosten
van immigratie zonder dat, zoals nu, de emoties alle kanten op vlogen?’
Hij gaf ook het antwoord: ‘Omdat de PVV, die ernaar vraagt,
bekendstaat als een partij die het liefst alle moslims het land uit wil
zetten.’
Land uit
Dat was geen precies citaat, want zó heeft de PVV het niet gezegd.
Maar het komt in de buurt en dat is een belangrijk verschil tussen
Fortuyn en Wilders. Fortuyn wilde de immigratie voorlopig stoppen, maar
beschouwde alle Nederlanders, waar ze ook vandaan kwamen, als
volwaardige burgers. Criminele Marokkanen vond hij ons probleem en hij
was vóór een generaal pardon.
Wilders wil niet alleen een immigratiestop voor moslimlanden, hij
zei in februari 2007 al in deze krant – SP-leider Agnes Kant haalde het
tijdens het debat nog eens aan – dat hij ‘veel moslims Nederland uit’
wilde en ‘denaturalisatie van islamitische criminelen’. Onlangs zei hij
in een interview met de Deense tv dat hij ‘miljoenen, tientallen
miljoenen’ moslims Europa uit wil zetten als zij misdaden plegen, dan
wel nadenken over of handelen naar de heilige oorlog of het islamitisch
recht. Andere keren pleitte hij voor het stimuleren van remigratie of
het uitzetten van moslims die zich niet houden aan een te tekenen
‘assimilatiecontract’.
Wilders en zijn fractiegenoot Sietse Fritsma konden ook weten dat
zij het kabinet voor een haast onmogelijke taak plaatsten door niet
slechts te vragen naar de kosten van immigratie en haar gevolgen, maar
naar ‘de kosten van niet-westerse allochtonen’ – zelfs het beslag dat
die allochtonen leggen op scholen of wegen.
‘U zegt al dat immigratie ons scheepsladingen geld kost’, zei Femke
Halsema van GroenLinks tegen PVV-Kamerlid Fritsma. ‘Dus waarom wilt u
nog onderzoek?’
‘U wilt al een immigratiestop’, hield Agnes Kant van de SP hem voor,
‘dus welk doel hebben uw vragen, wilt u mensen het land uit zetten?’
Fritsma herhaalde slechts dat hij ‘helderheid en transparantie’ wilde.
Schoorvoetend zegde Van der Laan toe dat hij het
kosten-batenonderzoek uit 2003 wil updaten. Dat had een kabinet een
paar jaar geleden misschien wel uit zichzelf gedaan. Maar met de vrees
voor een groeiende beweging die hint op uitzettingen, zijn de taboes
weer terug.