Gepubliceerd: woensdag 16 september 2009 16:57
De tegenbegroting van de VVD doet het meest voor een verbetering van het overheidssaldo in 2010. Bij de liberalen wordt het financieringstekort volgend jaar met 5,5 miljard euro (1 procent van het bruto binnenlands product) teruggedrongen in vergelijking met de kabinetsplannen.
Dat blijkt uit de doorrekeningen van het Centraal Planbureau van de tegenbegrotingen van de oppositiepartijen VVD, SP, PVV, GroenLinks en D66. De tegenbegroting van de SP is het duurst voor de overheid en leidt tot een verslechtering van het saldo, met 2 miljard euro (0,3 procent van het bbp).
De VVD wil 11,5 miljard bezuinigen, onder meer op de sociale zekerheid (3,8 miljard), ontwikkelingssamenwerking (1,4 miljard), de kosten van de overheid (1 miljard), de zorg (800 miljoen) en de schuldsanering van de Antillen (700 miljoen). De liberalen willen de lasten voor burgers en bedrijven verlichten met in totaal 3,1 miljard euro.
De SP wil 1 miljard euro extra vrijmaken voor de bijzondere ziektekosten. De lasten voor bedrijven worden met 2,1 miljard verhoogd en die voor gezinnen met 800 miljoen verlaagd. In totaal verslechtert het overheidssaldo bij de SP met 2 miljard euro ten opzichte van de verwachtingen van het kabinet.
De PVV van Geert Wilders bezuinigt in totaal bijna 6 miljard euro en verlicht de lasten voor gezinnen met 3,4 miljard euro. Wilders wil onder meer 1,4 miljard euro bezuinigen op ontwikkelingssamenwerking en de schuld van de Antillen (700 miljoen) niet saneren. De PVV wil verder 1 miljard euro extra besteden in de zorg, de helft is voor salarissen. Politie en recherche krijgen er 300 miljoen euro bij. Als gevolg van dat alles wordt het begrotingstekort 1,2 miljard euro kleiner.
D66 wil in totaal ruim 7 miljard bezuinigen en 2 miljard extra investeren, waarvan 1 miljard in onderwijs. Volgens het CPB verbetert het overheidssaldo bij D66 in 2010 met 3,6 miljard (0,6 procent) ten opzichte van het verwachte overheidstekort bij de kabinetsvoornemens.
GroenLinks wil 4,9 miljard euro bezuinigen en 5,1 miljard extra investeren in vooral openbaar vervoer, milieu, onderwijs en kinderopvang. Het overheidssaldo verslechtert ten opzichte van de kabinetsbegroting met 200 miljoen euro.