Door: Peter Middendorp » Meer columns van Peter Middendorp 
Gepubliceerd: donderdag 24 september 2009 00:28
Update: donderdag 24 september 2009 00:46
We zijn in de jaren tachtig aanbeland, een winkelstraat in het centrum van Emmen. Zojuist waren we in de kerk, straks zou familiebezoek in Erica volgen. Omdat we ook nog naar het voetbal zouden gaan, haalde vader nog even een paraplu.
Ons huis bevond zich boven onze winkel, een warenhuis van enige omvang. In de etalage stonden tuinstoelen, kraantjespotten, droogrekken, elektrische wekkers. Het was stil op straat, een ouderwetse zondagsstilte, alle winkels waren gesloten.
Vanaf de achterbank keek ik naar een smalle lichtkrant in de etalage, waarop in rode bolletjes, langzaam van links naar rechts, doorlopend dezelfde tekst voorbij gleed: ‘Hebo Warenhuis, Vertrouwd Voordelig.’ Met een paraplu in de hand rende vader door de motregen naar de auto terug. Geen blik droever dan die van een kind op strevende ouders.
Het ouderlijk huis van vader in Erica had uitzicht op een kanaal, de Hoogeveensche Vaart. Binnen zaten tantes en ooms in een kring rond een lage tafel. Er waren meer winkeliers tussen, het duurde niet lang of het woord ‘winkelsluitingstijdenverruiming’ viel, en een discussie volgde waarin de koopman en de dominee dezelfde posities innamen als zij ook vandaag nog doen.
‘Een dag in de week rust’, zei iemand. ‘Is dat te veel gevraagd? Moet alles dan snel? Draait alles om kopen, kopen, kopen?’
‘De grote winkelketens hebben het natuurlijk gemakkelijk,’ zei iemand anders. ‘Die hebben genoeg personeel. De kleine ondernemer kan zelf achter de toonbank gaan staan, anders gaat hij eraan onderdoor.’
Na de koffie, na Buitenhof, toen nog Het Capitool geheten, na de discussie over de winkelsluitingstijdenverruiming, reden we naar de velden van Sport Club Erica, waar we het in de eerste klasse zondagamateurs moesten opnemen tegen Klazienaveen, Appingedam of Zwartemeer. Mijn favoriete speler heette Gerald Siebom, een technische, flegmatieke en enigszins luie linkerspits.
Als een tegenstander Gerald Siebom op zich af zag komen, zag hij op diens borst eerst in robuuste blokletters de woorden ‘Hebo Warenhuis’ staan. En, eenmaal voorbij gespeeld en op het punt achter hem aan te hollen, op diens rug in sierlijke letters de woorden ‘Vertrouwd Voordelig’. Dan zag je zo’n tegenstander even de pas inhouden, nadenken, even naar zijn echtgenote aan de zijlijn zoeken. Bij Gerald Siebom moest je dat niet doen.