Door: Camil Driessen 
Gepubliceerd: woensdag 21 oktober 2009 23:42
Update: donderdag 22 oktober 2009 07:05
Over het algemeen moet niemand veel van ze hebben. Maar dankzij de Roma kunnen onze daklozen hun straatkrant blijven verkopen.
Supermarkten zonder straatkrantverkoper zijn zeldzaam in Nederland. Booming business dus, zou je denken. Maar straatkranten hebben het moeilijk. Oplages dalen al jaren en verkopers zijn moeilijk te vinden. Straatkranten uit Tilburg en Arnhem gingen al over de kop.
Redding komt uit onverwachte hoek: Roma-zigeuners, die sinds de toetreding van Roemenië en Bulgarije tot de EU in groten getale naar Nederland trekken.
Opdoeken
‘Als we het alleen van de autochtonen moesten hebben, hadden we al lang kunnen opdoeken’, zegt Hans Barends, directeur van straatmagazine De Riepe, dat onder meer verschijnt in Groningen en Leeuwarden. Van zijn 150 verkopers is ongeveer tweederde Roma. ‘Dankzij hen kunnen ook de oude Nederlandse verkopers de krant blijven verkopen.’ Dat bevestigt ook René Muris van De Zelfkrant uit Den Bosch. Van zijn 135 verkopers is 75 procent Roma.
Dat was niet de bedoeling, toen in 1994 in Utrecht de eerste daklozenkrant van Nederland werd opgericht: Straatnieuws. Ook in andere steden schoten ze uit de grond. De krant moest Nederlandse dak- en thuislozen een zinnige dagbesteding en eigen inkomsten geven.
De laatste jaren zijn ‘dagbestedingsprojecten’ echter verworden tot het troetelkind van Nederlandse gemeenten, die er tonnen subsidie in pompten. De opkomst van deze projecten betekent directe concurrentie voor straatkranten, die zichzelf moeten bedruipen.
‘Het is een landelijke trend dat er minder verkopers zijn door meer dagbesteding’, zegt Barends van De Riepe. Want waarom de hele dag voor de supermarkt staan als je voor een gegarandeerd inkomen ook kunt timmeren of bij een wasplaats werken?
Daardoor wordt de straatkrant veel vaker verkocht door buitenlanders, want die komen niet in aanmerking komen voor de dagbesteding. Uitzondering was Allee, een straatkrant uit Tilburg die inmiddels ter ziele is. ‘Wij werkten alleen met reguliere daklozen, zoals wij dat noemen’, zegt oud-medewerker Hans Peters. ‘Roma kwamen wel langs, maar het bestuur wilde de overstap niet maken.'
De weigering van
Roma-verkopers is onterecht, meent René Muris van De Zelfkrant uit Den
Bosch. ‘De motivatie is precies hetzelfde als bij de oorspronkelijke
daklozen: zorgen dat ze op een acceptabele manier geld verdienen, want
anders verdwijnen ze in het criminele circuit.’
Hans Barends van de Groningse straatkrant De Riepe merkt dat verkoop
van de daklozenkrant populair is onder de groeiende groep Roma in
Nederland (momenteel naar schatting 10.000). ‘Ik kan iedere week wel
een buslading wegsturen.’ Vooral rond de feestdagen, als Nederland zich
van zijn gulste kant laat zien.
Rommel
De branche trekt ook louche figuren. De verkoop neemt dan wel af,
maar met een gecombineerde oplage van meer dan 100.000 stuks per maand
blijft er veel geld in omgaan. Zo duikt in heel Nederland regelmatig
Het Daklozenwoord op. ‘Een buslading rommel uit België’, zegt Hans van
Dalfsen van het Amsterdamse Z-magazine. Het Daklozenwoord is een
dubieuze tweetalige krant met gekopieerde berichten, die wordt gedrukt
in Brussel, verkocht door Roemenen en banden zou hebben met de
georganiseerde misdaad. ‘Het zijn piraten. Soms staan ze op plekken die
voor verkopers van De Riepe zijn’, aldus Barends.
Hofleverancier
Dat merken ook De Riepe-verkopers Nadia (30) en Marius (33). Zeven
jaar geleden kwamen ze uit Cluj in Roemenië met hun familie naar
Nederland vanwege de slechte leefomstandigheden en discriminatie. De
Roma-familie is met acht verkopers hofleverancier van Barends.
Ze krijgen geen werkvergunning, dus onderhouden ze zichzelf en hun
familie in Roemenië met de krantenverkoop. ‘Vroeger was het beter’,
zucht Nadia. ‘De laatste vijf jaar zijn er steeds meer mensen
bijgekomen.’ Extra bijverdienen met een mooi accordeondeuntje zit er
niet in. ‘Wij hebben geen muzikanten in de familie’, lacht Marius.