Door: Merel van Leeuwen 
Gepubliceerd: donderdag 12 november 2009 23:48
Update: vrijdag 13 november 2009 15:10
Sportverslaggever Paul Bosman ging voor zijn werk naar een Duits Waddeneiland. Dat bezoek leverde hem de valse beschuldiging kindermisbruiker op. Twee jaar streden hij en zijn vrouw tegen het OM. Na een moeizaam gevecht volgen eindelijk de excuses.
Het lijkt onmogelijk dat je in Nederland als onschuldige burger zomaar beschuldigd kunt worden van een ernstig misdrijf. Maar dat het kan gebeuren, blijkt uit het ontluisterende boek van Paul Bosman. Omdat hij volgens het Openbaar Ministerie ‘op de verkeerde tijd op de verkeerde plaats’ was, werd hij volkomen ten onrechte aangemerkt als verdachte van kindermisbruik. Het kostte Bosman ruim twee jaar om van de onterechte zware beschuldiging af te komen.

Foto: Pepijn van den Broeke | Bosman is woest als hij de brief leest, die vol leugens, ontkenningen en verdraaiingen staat.
Bosman moest als sportverslaggever van het Dagblad van het Noorden op 16 augustus 2005 naar het Duitse Waddeneiland Norderney. Anderhalf jaar later, op 19 december 2006, ontvangt Bosman een brief waarin hij wordt opgeroepen om zich op 10 januari 2007 op de rechtbank in Groningen te melden. Verschillende telefoontjes heeft hij nodig om erachter te komen dat hij wordt verdacht van kindermisbruik. Hij zou op 16 augustus 2005 op Norderney drie meisjes hebben misbruikt en het Openbaar Ministerie wil dat Bosman zijn DNA afstaat. Op de compositietekening die de Duitse politie na het delict verspreidde, lijkt Bosman geenszins. Zijn advocaat ziet de zaak zonnig in, vooral omdat er in het dossier niets belastends staat.
De rechter-commissaris is het met de verdediging eens en oordeelt dat Bosman geen DNA hoeft af te staan, omdat er geen bewijs tegen hem is. Maar, zegt de onderzoeksrechter daarbij, Bosman blijft verdachte voor de Duitse justitie. Ze raadt hem aan toch vrijwillig wangslijm af te staan. Als hij dat niet doet, riskeert Bosman een internationaal arrestatiebevel. De journalist begrijpt hier niets van. Hij is een principieel man, weigert zijn DNA af te staan en gaat het gevecht aan met justitie. Als hij in de zomer van 2007 de Duitse officier van justitie spreekt die over de zaak gaat (zie stuk hieronder), komt Bosman erachter dat hij nooit verdachte is geweest voor de Duitse justitie. Hij wil weten waarom het Nederlandse OM hem wél als verdachte heeft opgeroepen. Een officier van justitie uit zijn kennissenkring legt hem uit dat het OM wel vaker een juridisch constructie gebruikt, om iemand als verdachte aan te merken. De maat is vol voor Bosman. Hij wil dat het OM erkent dat er een fout is gemaakt, hij wil schadevergoeding en een onschuldverklaring.

Maar de officier van justitie en zijn hoofdofficier komen Bosman in een gesprek begin 2008 niet tegemoet. Ze houden vol dat ze de juiste juridische weg hebben bewandeld en geen fouten hebben gemaakt. De zaak wordt doorgespeeld naar het college van procureurs-generaal. De reactie van de afdeling van de hoogste baas van het OM laat bijna vier maanden op zich wachten. Bosman is woest als hij de brief leest, die vol leugens, ontkenningen en verdraaiingen staat. Het aanbod van 2.000 euro wijst Bosman af. Hij wil 7.500 euro en besluit dat financieel uit te onderhandelen. In een brief van veertien kantjes aan het college zet Bosman alle feiten op een rij en beschrijft hoe hij alles ervaren heeft. Ook bluft hij dat hij bij een nieuwe onbevredigende reactie van de kant van het OM naar de civiele rechter zal stappen. Uiteindelijk komt op 28 oktober 2008 de verlossende brief waarin het OM komt met een schikkingsvoorstel van 7.500 euro en excuses. Bosman gaat met tegenzin akkoord. Meer zit er niet in, weet hij.
* De Norderney-zaak is door de Duitse politie in het najaar van 2008 gesloten, en gaat als onopgelost de boeken in.
Foto: Pepijn van den Broeke
Reactie OM
Het Openbaar Ministerie in Groningen laat bij monde van
woordvoerster Kirsten Smit weten dat ‘het zich heel goed kan
voorstellen dat Bosman zijn frustraties heeft opgeschreven in een
boek’. Het OM erkent dat het in zijn geval wel ‘een heel ongelukkige
samenloop van omstandigheden was’. Smit: ‘Het heeft veel te lang heeft
geduurd voordat deze zaak is afgerond.’ Maar het OM blijft erbij dat
‘juridisch gezien alles keurig netjes is verlopen’. ‘Het ging hier om
een Duitse zaak, waarin aan ons een rechtshulpverzoek werd gedaan.‘
Smit tekent daarbij aan dat Duitsland verschillende gradaties van
verdachten kent. ‘In Nederland ben je verdacht of niet, in Duitsland
kun je ook mogelijke verdachte zijn. We hebben onze Duitse liaison naar
de vertaling gevraagd en die verzekerde ons dat het in deze zaak om een
verdachte ging.’ Ook benadrukt Smit dat het de rechter-commissaris was
die over een internationaal arrestatiebevel begon. ‘Het is niet handig
dat ze dat zo heeft gezegd, maar daar kan het OM niets aan doen.’

Compositietekening Duitse politie.