Gepubliceerd: maandag 16 november 2009 22:41
Update: maandag 16 november 2009 22:58
Een betrouwbare, betrokken bestuurder die nors overkomt, maar niettemin over een onderkoeld gevoel voor humor beschikt. Zo typeerden fractievoorzitters van partijen in de Noord-Hollandse Staten maandagavond scheidend commissaris van de Koningin Harry Borghouts. Borghouts nam afscheid als voorzitter van de Staten.
Harry Borghouts kwam onder vuur te liggen naar aanleiding van de Landsbanki-affaire, waarbij Noord-Holland 78 miljoen euro verloor. Hij besloot in september op te stappen toen vraagtekens werden gezet bij het declaratiegedrag van oud-gedeputeerde Ton Hooijmaijers.

Declaraties
Borghouts keurde declaraties van deze gedeputeerde goed, hoewel voor sommige uitgaven bonnen ontbraken. De scheidende commissaris gaf als reden voor zijn ontslag dat hij geen plezier meer had in zijn werk. Borghouts was de eerste commissaris van de Koningin van GroenLinks.
Volgens
Andrée van Es, topambtenaar bij het ministerie van Binnenlandse Zaken,
is kenmerkend voor Borghouts dat hij zichzelf nooit spaart. ,,Misschien
is dat de reden dat de media dat ook niet hebben gedaan'', zei zij.
Koppig
Van
Es sprak Borghouts toe namens minister van Binnenlandse Zaken Guusje
ter Horst. Zij roemde de koppige opstelling van Borghouts in de
Landsbanki-affaire. De commissaris verdedigde toen met vuur het
standpunt dat Noord-Holland zelf moest proberen de verloren miljoenen
in IJsland terug te halen en dit niet aan het Rijk moest overlaten.

Speech
Borghouts
bepleitte in zijn afscheidsspeech een grotere betrokkenheid van burgers
bij het openbaar bestuur. Hij lanceerde het idee om adviesraden in te
stellen die het doen en laten van overheidsorganen kritisch moeten gaan
volgen. Die raden zouden adviezen moeten geven om de kwaliteit van het
overheidsbeleid te verbeteren.
Borghouts vindt dat
volksvertegenwoordigers een sterke ruggengraat moeten hebben. Ze moeten
zich volgens hem bij hun beslissingen niet laten leiden door hun
herverkiezing of door het aantal zetels van hun partij bij de volgende
verkiezingen. De scheidend commissaris is voorstander van grotere gemeenten, minder provincies en een gekozen burgemeester.
AffairesDe commissaris van de Koningin in Noord-Holland, Harry Borghouts,
neemt per 1 december ontslag. Zijn besluit volgt op een half jaar vol
affaires en problemen. Een overzicht.
- 2 april: Borghouts
verklaart tegenover een commissie van Provinciale Staten dat de
provincie Noord-Holland geen onverantwoord risico heeft genomen door 78
miljoen euro weg te zetten op de IJslandse bank Landsbanki.
- 20
april: De Nederlandse Bond voor Pensioenbelangen vindt dat Borghouts
door zijn rol in de Landsbanki-affaire niet geschikt is als voorzitter
van het bestuur van het ambtenarenpensioenfonds ABP.
- 2 juni:
De provinciale onderzoekscommissie constateert dat Gedeputeerde Staten
van Noord-Holland de eigen financiële regels hebben overtreden.
- 10 juni: Alle zeven gedeputeerden in het college van GS treden af. CvdK Borghouts blijft ondanks kritiek wel aan.
-
15 juni: Borghouts legt het politieke deel van zijn portefeuille neer
na kritiek over zijn optreden in de Landsbanki-affaire. Zijn
nevenfuncties stelt hij niet ter beschikking.
- 3 juli: De
PvdA-fractie in Provinciale Staten vindt dat Borghouts moet aftreden
als bestuurslid van het ABP, een baan die hem jaarlijks 38.000 euro
oplevert. Als hij dit niet doet, dient de PvdA-fractie een motie van
wantrouwen tegen hem in. Borghouts bindt in en geeft al zijn
nevenfuncties op.
- 6 juli: Het nieuwe college van Gedeputeerde
Staten van Noord-Holland presenteert zich. Hiermee probeert de
provincie een punt te zetten achter alle besognes rond de
Landsbanki-miljoenen. Het nieuwe college zegt van de oude fouten te
hebben geleerd.
- 11 september: Borghouts komt weer onder vuur
te liggen. Hij zou onterecht 3000 euro aan declaraties van voormalig
gedeputeerde Ton Hooijmaijers hebben goedgekeurd. De PvdA roept
Borghouts weer op het matje.
- 11 september: Hoewel Borghouts
stelt in de declaratiekwestie geen fouten te hebben gemaakt, biedt hij
toch zijn ontslag aan. Hij zegt ,,geen plezier'' meer te hebben in zijn
ambt, iets wat hij voorheen wel had.