Door: Pieter Sabel
Gepubliceerd: woensdag 18 november 2009 00:32
Update: woensdag 18 november 2009 00:29
Een op de vijf middelbare scholieren heeft psychische problemen, blijkt uit onderzoek van GGD-instellingen in het hele land.
Een klein aantal geeft aan dag en nacht met een hardnekkig probleem te zitten, veel scholieren van de probleemgroep zijn niet blij met hun thuissituatie.
Uit gegevens van de zogenoemde EMOVO-rapporten blijkt verder dat op het vmbo meer leerlingen ongelukkig zijn dan op de havo en het vwo, en vooral meisjes niet lekker in hun vel zitten. In alle regio’s waar de vragenlijst van de Elektronische Monitoring Voortgezet Onderwijs werd ingevuld, scoren meisjes slechter dan jongens als het gaat om hun psychische gezondheid.
Vragenlijst
Dat betekent niet dat een op de vijf jongeren depressief is. De problemen die uit de rapporten naar voren komen variëren van ‘niet zo lekker in je vel zitten’ tot depressief. Volgens cijfers van het RIVM lijdt ongeveer één leerling per schoolklas aan depressie, wat overeenkomt met het aantal scholieren dat volgens de GGD-onderzoeken kampt met ‘ernstige psychische problemen’.
De score op het onderdeel ‘psychische gezondheid’ wordt berekend op basis van de Mental Health Index, een vragenlijst over mentale gesteldheid. De GGD-vragenlijsten bevatten vijf van die vragen, volgens onderzoekers geven die een correct beeld van de psychische gezondheid van scholieren.
De EMOVO-onderzoeken zijn onder meer gedaan door GGD’s in Overijssel, Gelderland, de Gooi- en Vechtstreek en delen van Noord-Holland. In de digitale enquête worden middelbare scholieren bevraagd over hun lichamelijke en psychische gezondheid, alcoholconsumptie, gewicht en seksualiteit. Op dit moment worden op meer plekken in het land (vervolg-)onderzoeken gedaan.
In Beverwijk waren de resultaten van het EMOVO-onderzoek opmerkelijk. Maar liefst 40 procent van de meisjes uit de vierde klas van het vmbo haalde een ongunstige score voor de psychische gezondheid, ten opzichte van 27 procent in de regio.
‘Het is toch vaak de sturm und drang -periode van jongeren’
Veertig procent meisjes
in Beverwijk met pyschiche problemen, betekent niet dat die hele groep
depressief is, zegt onderzoeker Resi Cluitmans van de GGD Kennemerland.
‘Depressiviteit is een vorm van psychische ongezondheid, de problemen
variëren van licht tot ernstig.’ Daarbij, zeggen Cluitmans en andere
onderzoekers, hebben puberende scholieren al snel last van sombere
gevoelens.
Onno Haitsma, van GGD Twente: ‘Het is toch de sturm und drang-periode in het leven van veel jongeren.’
In Beverwijk was het voor de gemeente in elk geval reden voor actie
om met name met de meisjes in contact te komen. Door bijvoorbeeld dans-
en sportactiviteiten wil de gemeente proberen om meisjes in gesprek te
laten gaan met gezondheidswerkers.
Advies op maat
De scholieren krijgen na de enquête ‘advies op maat’. Dan wordt
bijvoorbeeld aangeraden contact op te nemen met een hulpinstantie.
Veel van de EMOVO-onderzoeken stammen uit 2005, en zijn onderdeel
van een vierjarige monitor van regionale GGD’s. Vandaar dat het
onderzoek op dit moment opnieuw wordt uitgevoerd. Dat neemt niet weg
dat veel gemeenten er hun lokale gezondheidsbeleid voor jongeren op
inrichten, ook voor de komende jaren. Cluitmans: ‘De vragenlijst is zo
opgesteld dat we een goed beeld krijgen van de groep. Ik verwacht dus
niet dat de resultaten van het onderzoek dat nu wordt gedaan, een heel
ander beeld zullen geven dan het onderzoek uit 2005.’ Overigens is
psychische gezondheid van jongeren een specifiek aandachtspunt in de
kabinetsplannen.