Door: Kustaw Bessems / Dirk Jacob Nieuwboer
Gepubliceerd: dinsdag 24 november 2009 00:01
Update: dinsdag 24 november 2009 00:02
In hun strijd tegen Wilders hebben andere fracties een nieuwe tactiek: de PVV wordt als waarschijnlijke regeringspartij aangesproken.
Het lijkt haast of ze een geheime vergadering hebben gehouden, die andere leden van de Tweede Kamer. Over wat ze nu toch kunnen verzinnen om hun electoraal zo succesrijke collega’s van Geert Wilders’ PVV in het debat te bestrijden. En of ze samen op een lumineus idee zijn gekomen: ‘Weet je wat? We gaan ze vragen hoe ze het zelf als minister zouden doen!’


Vanaf links: Sietse Fritsma, Martin Bosma en Fleur Agema (boven). Foto’s: Hollandse Hoogte en ANP
Dat is natuurlijk niet gebeurd. Waarschijnlijk gaat het zo: iemand probeert eens wat in een debatje, dat gaat best goed – of minder slecht dan anders – en dan probeert iemand anders het ook. In elk geval: de PVV wordt nu steeds aangesproken op haar grote populariteit in de opiniepeilingen en de waarschijnlijkheid dat zij in het kabinet komt. ‘Het zou zo maar eens kunnen zijn’, aldus bijvoorbeeld VVD-Kamerlid Ineke Dezentjé Hamming in het debat over de onderwijsbegroting tegen Martin Bosma, ‘dat de PVV gaat meeregeren’. ‘Dan wordt de heer Bosma natuurlijk minister van Onderwijs.’
Bosma werd er hard op aangevallen dat zijn voornaamste plan was om op alle scholen de Nederlandse driekleur te laten wapperen. ‘Kan de heer Bosma een tipje van de sluier oplichten en zeggen wat zijn visie is op onderwijs?’, vroeg Dézentje Hamming aan bewindsman in spe Bosma. ‘Als hij minister van Onderwijs is, welke drie punten zou hij dan als eerste veranderen?’
Kluif
Dát was gek ineens. De PVV’ers zijn gewend dat ze een controversiële kluif de politieke arena in gooien – ‘kopvoddentax’, dat werk – en dat de andere Kamerleden daar dan moreel verontwaardigd, formalistisch en met weinig precisie hun bijtgrage tandjes in zetten. Maar een vraag om méér PVV-ideeën is uitzonderlijk.
Bosma kon weinig verzinnen. ‘Ik denk dat het heel belangrijk is dat aan het eind van de schoolopleidingen heldere examens zijn’, probeerde hij. ‘Ik denk dat de studiefinanciering een belangrijke rol moet spelen.’ En: ‘Ik denk dat het handhaven van de binariteit een heel belangrijke rol speelt.’
Woensdag nog, in een debat over het integratiebeleid, werd de nieuwe methode ook gebruikt. ‘De PVV is in de peilingen de grootste partij’, schmierde PvdA-woordvoerder Jeroen Dijsselbloem, nadat Sietse Fritsma van de PVV flink had geageerd tegen sluiproutes om huwelijkspartners te laten immigreren. ‘De heer Fritsma is de potentiële nieuwe minister van Immigratiezaken’, ging Dijsselbloem verder. ‘Ik wil weten wat hij op zijn eerste dag als minister doet tegen de Belgiëroute.’
Fritsma negeerde de vraag en begon over iets anders.
De portefeuillehouder Gezondheidszorg van de PvdA, Eelke van der Veen, hield in een recent debat met Fleur Agema van de PVV al niet eens meer een slag om de arm. Hij ging er gewoon al vanuit dat we een regering met de PVV krijgen. ‘Zult u in het volgende kabinet wel voor een inkomensafhankelijk systeem pleiten?’, wilde hij weten. Er volgde een ontwijkende riedel van Agema.
Geworstel
Minstens zo opvallend als de tactiek van hun concurrenten, is het openlijke geworstel van de PVV’ers. Bosma’s antwoord mislukte, Fritsma en Agema gáven gewoon geen antwoord.
Maar kost dat Geert Wilders ook stemmen? Wat niet is veranderd, is de gretigheid waarmee de anderen de PVV aanvallen. Kamerleden weten niet hoe snel ze bij de microfoon moeten komen om een onhandig optreden van een PVV-collega in te wrijven.
Tofik Dibi van GroenLinks: ‘Het wordt tijd dat de PVV met een visie komt op onderwijs.’ Boris van der Ham (D66): ‘Dat is juist in tijden van crisis toch weinig visionair?’ CDA’er Jan Jacob van Dijk: ‘Als het gaat over het onderwijs, dan geeft de PVV geen visie.’
Met z’n allen tegen één, de gevestigde orde die inhakt op de gevreesde nieuwkomer. Dat is het beeld dat nog altijd kan blijven hangen.