Door: Peter Middendorp » Meer columns/blogs van Peter Middendorp
Gepubliceerd: vrijdag 18 december 2009 01:16
Update: vrijdag 18 december 2009 02:36
In het stadhuis van Den Haag kregen een paar honderd Nieuwe Nederlanders de bewijzen van het Nederlanderschap uitgereikt. Als zij vooraf hadden gedacht dat zoiets gemakkelijk zou gaan, helemaal zonder moralistisch plezier, hebben zij tijdens de inburgeringscursus de kwintessens van het Nederlanderschap gemist.
Ja, het was Naturalisatiedag. Voor de ingang stond een welkomsthaag van ballonnen in de kleuren van de Nederlandse vlag. Er waren tafels met ambtenaren, waarvoor de Nieuwe Nederlander langdurig in de rij mocht staan. Een band bracht onschuldige muziek, aan zuilen prijkten kindertekeningen.
De Nieuwe Nederlanders werden naar stoelen voor een podium gedirigeerd, waar hen een heel programma wachtte, ook met oud-Hollandse liedjes; het Nederlanderschap is een feest.
We zagen Afrikanen, Turken, Canadezen, Russen, Australiërs, Marokkanen. In het land van melk en honing gaan zij ons van ons melkboerenhondenhaar afhelpen. Een enkeling had zich al een roomblank meisje uitgezocht. Wat prima is, en ikzelf ook had gedaan, als ik niet zo Nederlands was. Bij aankomst eerst het uitzicht platneuken. Eerder heb je geen overzicht.
Tijdens het wachten op minister Hirsch Ballin, die ook wat zou komen zeggen, stapte een groot Inburgeringskoor op het podium. Uit elk land een vrouw in authentieke klederdracht. ‘Woorden zijn belangrijk/ kun je mij verstaan?/ Waar ben jij geboren?/ Wij horen bij elkaar.’
Dat was wel een beetje verschrikkelijk. Er kwam ook een koor van oude heren. Er waren toespraken. Er was een filmpje van de stad Den Haag, waarin alle aspecten van het Haagse leven werden afgevinkt. Ja, wij hebben hier een ballet, winkels, strand, en homoseksuelen die zich in de tepels knijpen.
De nieuwe Nederlanders ondergingen alles gelaten, lijdzaam, stil, beschaamd, soms plaatsvervangend, precies zoals we ze graag zien; de Nederlandse procedure is een groot succes. Dat is mijn mening, de laatste van het kalenderjaar; dat u er maandag niet van schrikt.
Wethouder Baldewsingh: ‘Wij groeten elkaar als wij elkaar ontmoeten. Ik nodig u uit om met elkaar te investeren in de huiskamer die de publieke ruimte is.’
Er volgden meer liedjes en meer toespraken. Er volgde een buffet met stamppot en halalvlees. Daarvoor is in gezamenlijkheid het Wilhelmus gezongen, maar als u het niet erg vindt, hebben we daar niet meer op gewacht.