Door: Redactie binnenland
Gepubliceerd: maandag 21 december 2009 23:18
Update: dinsdag 22 december 2009 11:37
In meer dan tien jaar tijd zijn 40 miljoen Nederlandse beesten gedood vanwege ziektes. Maandag waren de geiten aan de beurt.
Wie massaal dieren dood wil maken, heeft nogal wat keuze. In executiemethodes. Zo is er het inslaapspuitje, gevolgd door een dodelijke injectie.
Gisteren zijn de eerste van in totaal 40.000 drachtige geiten op die manier om het leven gebracht. Maar je kunt beesten ook een fikse stroomstoot toedienen (10 miljoen biggen, eind jaren negentig, varkenspest), tussen de ogen knallen (MKZ en BSE, de jaren na 2000, 660.000 beesten) of een stoot kooldioxidegas de stallen in spuiten (bijna 31 miljoen stuks pluimvee, vogelpest, 2003).
Voor elke ziekte, voor elke diersoort, bestaat zo de ‘meest ideale’ executiemethode. Het liefst maximaal efficiënt, zo hygiënisch mogelijk en, o ja, als het kan, ook nog een beetje diervriendelijk. Aan een reeks van massale dierenslachtingen is maandag dus op drie Brabantse boerderijen een nieuw hoofdstuk toegevoegd. Op de met Q-koorts besmette boerderijen dienden dierenartsen de eerste spuitjes toe. Vrachtwagens voerden de gedode dieren af. In totaal worden de komende tijd 40.000 drachtige (want meest besmettelijke) geiten en schapen op zestig boerderijen waar de Q-koorts heerst, gedood.
Het gaat om vaak gezonde beesten, omdat het te veel tijd zou kosten om te onderzoeken welke dieren wel, en welke níet besmet zijn, zegt minister Gerda Verburg van het ministerie van LNV. Doden van de dieren is nodig, vindt Verburg, omdat de Q-koorts-bacterie dit jaar vaak van dier naar mens is overgesprongen. Meer dan 2.300 Nederlanders zijn er ziek van geworden.
‘Door niet-vaccineren zijn ruimingen ontspoord’
Nergens anders ter wereld
is de Q-koorts zo vaak van dier naar mens overgegaan. Dat zou komen
omdat in Nederland intensieve veehouderijen in drukbevolkte gebieden
zijn gevestigd. De uitbraak in Nederland is ook uitzonderlijk, omdat de
bacterie hier anders is dan in andere landen, zegt Mart de Jong,
hoogleraar kwantitatieve veterinaire epidemiologie.
Allemaal de schuld van de bio-industrie, vinden tegenstanders van de
ruimingen. Marianne Thieme van de Partij voor de Dieren denkt dat ‘dit
dieptepunt het einde van de bio-industrie een beslissende stap
dichterbij zal brengen’.
Dat er de laatste tien tot vijftien jaar zoveel massaruimingen
plaatsvinden in Nederland, komt niet omdat er meer uitbraken van
ziektes zijn, zegt Arjan Stegeman, hoogleraar gezondheidszorg
landbouwhuisdieren. Het verschil zit ’m volgens hem in Europese regels.
Die hebben ervoor gezorgd dat preventief vaccineren niet meer mag. De
vaccinatieregels zijn vooral onder Engelse en Deense druk veranderd.
Deze landen hadden geen traditie van inenten, maar van ruimen.
Stegeman: ‘Dit leidde er toe dat de ruimingen ontspoord zijn’. Volgens
hem is er wel weer druk om vaccineren toe te staan, wat als nadeel
heeft dat er sporen van ziektes in het vlees achterblijven.
Vrij rondlopen
Wetenschappers vinden de bio-industrie niet per se de bron van alle
kwaad. ‘Als dieren vrij rondlopen, is de kans op blootstelling aan
ziektes nog veel groter’, zegt Stegeman. Zo wordt vermoed dat de
vogelgriep is overgebracht van trekvogels op vrij rondlopende kippen.
Wel is de massaliteit van de bio-industrie doorslaggevend bij
verdere verspreiding, zegt professor Mart de Jong. Net als dicht bij
elkaar gelegen boerderijen. Stegeman: ‘Bij de vogelgriep had
verspreiding van bedrijven over het land de kans op besmetting stukken
kleiner gemaakt’.
Blijft de vraag welke diersoort de eerstvolgende kandidaat is voor
massa-executie. Stegeman denkt dat het overal kan zijn op
geïndustrialiseerde bedrijven die dieren houden. ‘Ik doe geen gok, dat
is onzinnig.’ De Jong: ‘In Chili bedreigt een virus gekweekte zalm.’
Geluk bij een ongeluk: de eerste zalm in Nederland moet nog gekweekt
worden.