Door: Arnold Karskens 
Gepubliceerd: dinsdag 8 juni 2010 00:15
Update: dinsdag 8 juni 2010 07:24
De acceptatie van geweld in de Rotterdamse deelgemeente
Charlois gaat ver. Middenstanders vinden een overval met een pistool
niet zo erg. ‘Zolang ze maar niet slaan.’
‘Laatst zag ik
door een raam de loop van een geweer. Dat heb ik doorgegeven aan de
politie. En van drugsdealers noteren we het kenteken.’Doorgaans riskeert
onze oorlogsverslaggever Arnold Karskens zijn leven in Congo of
Afghanistan.
Nu sturen we hem langs ‘brandhaarden’ in eigen
land.aap van Schijndel (62), bril en kort grijs haar, voelt of het hek
van de brandgang is afgesloten. ‘Anders sluipt geboefte via de
achteringang de huizen binnen.’ Deze vrijdagavond verbetert hij met een
groep wijkbewoners de leefbaarheid in Rotterdam. Daar is alle reden toe:
de Maasstad is volgens de misdaadmeter van het Algemeen Dagblad, die de
criminaliteit in Nederland meet, de op een na onveiligste stad. En
deelgemeente Charlois, met 63.000 inwoners, scoort fors lager dan het
toch al lage stadsgemiddelde. Zes van de acht wijken waren tot februari
geheel of gedeeltelijk bestempeld als veiligheidsrisicogebied, zodat
politie burgers preventief mag fouilleren op het bezit van wapens.
Gehuld in gele fluorescerende hesjes met daarop ‘Burgerblauw
Buurtpreventie’ gedrukt, struinen de mannen en vrouwen van vooral
middelbare leeftijd de tuinloze straten af. ‘We kijken of de verlichting
in portieken werkt. Of er geen valgevaar bestaat door losse
straatstenen en of vuilcontainers niet verstopt raken’, zegt Jaap.
Ingrijpen mogen ze niet, alleen rapporteren. Hij wijst naar een
woonhuis. ‘Laatst zag ik door een raam de loop van een geweer. Dat heb
ik doorgegeven aan de politie. Van groepen die in drugs dealen noteren
wij het autokenteken.’

De Bas Jungeriusstraat is met roodwitte linten
afgezet. Een agent duwt een verdachte in een busje. Een steekpartij in
de sfeer van huiselijk geweld bij Nederlanders, verklaart een donkere
buurvrouw leunend tegen de deurpost. Ze hoort tot een van de tientallen
verschillende nationaliteiten in de wijk. Meer zegt ze niet en knikt met
haar hoofd: ‘Ga maar kijken.’ Zelf is ze niet bang voor geweld. ‘Ik
bemoei me nergens mee, heb ik ook geen last.’ Door de portofoon roept de
centrale tegen de vrijwilligers van Burgerblauw: ‘Pas op je
veiligheid!’
Goudgekkenland
De grens van geaccepteerde misdaad is inmiddels ver
opgerekt in de wijk. Aan de Pleinweg, waar het verkeer uit de Maastunnel
raast, werd bij een fotozaak een rolluik geforceerd en de deurruit
ingeslagen. Bij binnenkomst liggen de glassplinters nog op de mat. De
64-jarige eigenaar zegt door de telefoon klanten af. Zijn camera voor
pasfoto’s is samen met een laptop gestolen. De daders, twee Surinaamse
broers uit de buurt, zijn gepakt omdat een buitenlandse buurtbewoner ze
zag lopen en de politie belde.

De inbraak is lastig maar overkomelijk. ‘Wanneer ze
met een wapen je zaak binnenlopen en dreigen met ‘je geld of je leven of
anders schieten we je dood’ en weglopen met hun buit; dat vinden
winkeliers niet zo erg meer.’
De situatie in Charlois wil de winkelier niet
vergelijken met een echte oorlog. De harde confrontatie ontbreekt
namelijk. ‘Echte mannen heb je niet meer op Zuid, zoals de
havenarbeiders in de jaren zeventig die lastige vrijgezelle Turken op
het Afrikaanderplein wegjoegen. De strijd is voorbij.’ De Nederlanders
hebben verloren, meent hij. Ouderen respecteren sinds jaar en dag een
avondklok. Wie in het donker niks op straat heeft te zoeken, blijft
binnen.
De winkelier wijst naar het belendende Chinese
restaurant waarvan de eigenaars al tweemaal zijn overvallen. Je
verdedigen kan nauwelijks. Een honkbalknuppel mag je niet in je zaak
hebben. Een politieagent deed hem wel een tip aan de hand. Hij zei:
‘Hang er een bos huissleutels aan en noem het een sleutelhanger.’
Middenstanders in de Zuidwijk doen uit angst voor agressie van dieven
geen aangifte meer van winkeldiefstal.
Bij het gesprek zit Frank (47). Hij runt een
computerzaak in de Tarwewijk aan de overzijde van de straat. De
Tarwewijk scoort het allerlaagst op de gemeentelijke veiligheidsindex
van 2010, namelijk 3,9 punten op tien, categorie ‘probleemwijk’. Het
gemiddelde cijfer van de stad bedraagt 7,3. ‘Hier zie je geen huizen met
kogelgaten, maar wel een constante strijd tussen criminelen en politie.
‘Oost-Europeanen vinden het hier een goudgekkenland. Marokkanen dagen
je uit en vragen: ‘Wat doe je hier? Je hebt hier niks te zoeken...’,
terwijl ik op Zuid ben geboren.’
Rotzooi in de tuin
Frank telt de Nederlandse huishoudens in zijn straat
en komt tot drie. Hij ergert zich vooral aan de rotzooi die nieuwkomers
op straat kieperen, alsof ze nog nooit van een vuilnisophaaldienst
hebben gehoord. ‘Mijn buurman komt uit Tsjetsjenië. Ik durf hem niet aan
te spreken op zijn gedrag. Ik ben bang dat hij me doodschiet omdat hij
me niet begrijpt.’
De man van de fotozaak knikt. ‘Alle Nederlanders hier
in de buurt zijn ontevreden. Hier tegenover woont een vrouw van tachtig
jaar, die klaagt erover dat ze alle rotzooi in de tuin gooien.’ Frank:
‘Ze pesten je weg om er een pension van te maken. Dat trekt lieden aan
met weinig geld en manieren.’ Frank durft overigens best met zijn naam
voluit in de krant. Zijn collega schudt zijn hoofd: ‘Doe dat nou niet.
Zo direct liggen bij jou de ruiten er uit.’

Ouderen herinneren zich Charlois op Zuid als een
gegoede middenstandswijk. ‘Je moest een bepaald inkomen hebben,’ zegt
een wijkbewoonster, ’anders mocht je hier niet wonen.’ Toen had je nog
een C&A en V&D. Op dit moment is de gemiddelde leeftijd van de
Nederlandse middenstander ver boven de vijftig jaar. Jonge gezinnen zijn
weggetrokken.
Nu wenst een Afrikaans gezin vanaf campingstoeltjes
op straat voorbijgangers een ‘goedenavond’. Verderop herstelt een
glazenzetter de etalageruit van een reisbureau. De nacht ervoor vloog
een voorwerp naar binnen. Kosten: zes- tot zevenduizend euro. De reden
is een raadsel. ‘Boze klanten heb ik niet’, zegt de eigenaresse.
Gelukkig gebeurde het toen ze thuis was, zo voorkwam ze een
confrontatie.
Veertien overvallen
De brutaliteit van overvallers in de Maasstad grenst
aan die van misdaden gepleegd in conflicten: onnodig gewelddadig en
niemand ontziend. Juwelierswinkel Hes aan de Pleinweg van Kitty (64) en
Henk Kruidenier (68) werd 30 juli vorig jaar overvallen. Het was de
veertiende keer. Oost-Europese gangsters graaiden de vitrines leeg en
sprongen op de rug van Kitty. ‘Twee wervels braken. Ik lag 52 dagen
plat.’ Ze is nog zwak, maar met de knie, die ook geblesseerd raakte,
gaat het beter. ‘Ik kan weer traplopen.’ Echtgenoot Henk kreeg zware
klappen op zijn hoofd en moest met een paar dozijn hechtingen
herstellen. ‘De geestelijke impact was enorm’, verzucht hij. Zittend aan
een pastafeltje voor ringen en horloges weigeren ze echter het hoofd in
de schoot te leggen. ‘Tegen belangstellenden zeg ik altijd dat het goed
gaat.’ Kitty knikt: ‘We houden niet van klagen.’

Foto: HH, overige foto's: Frank Groeliken
In de zaak bespieden videocamera’s elke hoek van de
winkel. Boven de deur een apparaat dat een overvaller een DNA-douche
geeft zodat hij dagen later nog traceerbaar is. ‘Een vijftiende overval
is reëel’, zegt Henk.
Vijftig jaar staan ze al in de zaak. Kity: ‘We hadden
nog geen glas voor de sieraden, kun je nagaan.’ De neerwaartse spiraal
in de wijk begon in de jaren tachtig bij de eerste overval. Een man
sloeg met een geweerkolf op hen in. Kitty hoefde drie maanden haar ogen
niet op te maken, zo blauw als ze waren. ‘Vroeger had je twaalf
juweliers op Zuid. Nu zijn we de laatste van de oude garde.’ Stoppen
vinden ze geen alternatief. De winkel is hun kind en het werk is
plezierig; klanten stappen alleen naar binnen als ze in een goede bui
zijn. Kitty: ‘Daarbij hebben de laatste overvallers ons pensioen
weggehaald. Van de buit is niks teruggevonden.’
Het proces tegen de drie overvallers moet nog
beginnen. Zeven getuigen wil de advocaat, terwijl de overval op video is
vastgelegd en werd uitgezonden bij Opsporing Verzocht. Henk: ‘Spijt
tonen ze niet. Bij een pro-formazitting lagen ze met elkaar te dollen.’
Burgerblauw-coördinator Jaap van Schijndel roept zijn
vrijwilligers binnen voor de koffie. Hoewel met 57 procent in de
meerderheid ín Charlois stappen deze avond weer geen buitenlanders mee.
Jaap: ‘Ze zijn van harte welkom, maar onder nieuwkomers bestaat
blijkbaar weinig animo.’
Veel wijken slechter af
Tientallen miljoenen euro’s zijn gespendeerd, maar in
de Tarwewijk en Zuidwijk blijft de leefsituatie ver onder de maat, zegt
Ronald Tol, oppositieleider (Leefbaar Rotterdam) in de deelgemeente
Charlois. Hij verwijt het college (PvdA, SP, CDA en CU/SGP) ‘pappen en
nathouden’. Veiligheid en woningverbetering moeten de speerpunten zijn,
stelt hij.
‘Maar in de Mijnkintbuurt van de Tarwewijk staan nog
steeds krotten en wisselen door de praktijken van huisjesmelkers de
bewoners drie tot vijfmaal per jaar. De deelgemeente houdt liever een
straatfeest. Daar bestrijd je in mijn ogen alleen de symptomen mee.’ In
de wijk Pendrecht is de situatie verbeterd, maar dat heeft niks te maken
met beleid, meent hij. ‘Daar zijn huizen gesloopt waardoor de
overlastgevende bewoners vanzelf vertrokken.’
‘Schrijnend’, zo classificeert Leefbaar Rotterdam de
situatie op ‘Zuid’. Rotterdam heeft zijn doelstelling uit 2005 om
achterstandswijken binnen vijf jaar uit de wereld te helpen, niet
gehaald. Onveilige wijken zijn inmiddels verdwenen, maar er bestaan nog
steeds zes van de tien probleemwijken. Vier liggen op Zuid, met name in
de wijken Charlois en Feijenoord. In heel Rotterdam zijn 17 wijken anno
2010 slechter af dan in 2005.
Deelgemeente Charlois weigert bij monde van
communicatiemedewerker Ron de Koning uit te leggen welke stappen worden
ondernomen om de criminaliteit en overlast te bedwingen.