Door: Kustaw Bessems 
Gepubliceerd: donderdag 31 mei 2007 12:53
Update: donderdag 31 mei 2007 22:54
Grootste pijnpunt binnen de PvdA is nog steeds integratie. Maar er beweegt iets. Prominenten benoemen de schaduwkanten van de islam en vinden Wouter Bos aan hun zijde.
Hij rookt veel. Steeds tegen een vriend verderop: ‘Mag ik nog één sigaretje?’ Het is vijf uur ’s middags en Eddy Terstall krijgt van de kroegbaas een warm croissantje. Of hij zaken doet voor zijn films of voor de politiek, Terstall houdt kantoor in café Kat in de Wijngaert in de Amsterdamse Jordaan. Volkswijk. Vrijzinnig. De wijk droeg bij aan zijn wereldbeeld: iedereen is gelijk – man en vrouw, homo en hetero, zwart en blank.
Terstall probeert iets los te maken binnen zijn partij, de PvdA. Die is afgedreven van deze grondbeginselen, zegt hij. Van mensenrechten. Hij schetst een partijcultuur van ‘nep-links’, een stroming die Amerika en Israël de schuld geeft van al het leed in de wereld en die moslims behandelt of het kinderen zijn. Extremistische moslims hoeven volgens ‘nep-links’ vrouwen, homo’s, Joden en afvalligen niet goed te behandelen. Die mogen geweld plegen waar dat van de Verenigde Staten bij verbleekt en ze mogen de vrije meningsuiting met voeten treden. Omdat ze zielig zouden zijn. En nu eenmaal een andere cultuur hebben. Maar het is racistisch om mensen met een andere kleur zo te onderschatten, zegt hij.
Hij komt op voor de jonge sociaal-democraat Ehsan Jami uit Voorburg, die het Comité voor Ex-Moslims heeft opgericht. Jami wil een veilige haven bieden voor moslims die – openlijk – ongelovig zijn geworden. Het partijkader volgt Jami met argusogen: moet hij het woord ‘achterlijk’ nu gebruiken? Hij lijkt Pim Fortuyn wel. Terstall snapt de afhoudende reactie, want Jami drukt zich fel uit. ‘Maar de essentie is dat de PvdA Jami’s grondrechten hoort te verdedigen.’ In het verkiezingsprogramma staat nota bene expliciet: ‘Alle burgers mogen rekenen op een respectvolle behandeling van (...) religieuze uitingen (…) het recht op geloofsafval hoort daarbij.’ Er is ook niets mis met de waarden van de PvdA, vindt Terstall. De partij moet zich er alleen zelf aan houden.
Wie is Eddy Terstall dan wel om dat te willen? Hij heeft lijnen en lijntjes naar partijprominenten, inclusief Wouter Bos. De PvdA-leider is het roerend met Terstall eens, mailde hij, maar hij zoekt naar een manier om dat te zeggen zonder dat hij moslims in zijn partij of behoudender autochtone leden voor het hoofd stoot. De woordvoerder van Bos beaamt dat Bos de richting van Terstall ‘de juiste richting’ vindt.
‘Ik heb ook contact met Eddy’, zegt PvdA-kamerlid Aleid Wolfsen. ‘We spreken af en toe en we mailen over en weer.’ Wolfsen, oud-rechter en justitiewoordvoerder, vindt net als Terstall dat de PvdA pal moet staan voor het recht van Ehsan Jami om publiekelijk uit zijn geloof te treden. En hij zegt: ‘Ik vind Eddy in de indringende wijze waarop hij het recht op vrije meningsuiting verdedigt.’
De twee spraken daarover toen moslims wereldwijd furieus, soms gewelddadig, reageerden op spotprenten van de profeet Mohammed. Vooral linkse en confessionele opiniemakers stelden dat vrije meningsuiting geen recht op belediging inhoudt. ‘Maar bij vrije meningsuiting hoort juist dat er dingen kunnen worden geuit die sommigen als beledigend ervaren, maar die niet zo zijn bedoeld’, vindt Wolfsen. Uitlatingen waar niemand zich aan stoort, hebben geen bescherming nodig. De parlementariër steunt de kunstenaar ook als het gaat om de islamitische gezichtssluier. Hun partijgenote Ella Vogelaar zei als nieuwe minister voor integratie dat zij de sluier niet wil verbieden. Daar liet ze het bij. ‘Ik ben ook niet voor een verbod, maar als partij vinden wij het niks, die sluier’, zegt Wolfsen. Die staat voor meer dan geloof, denkt hij: zo’n sluier betekent dat je letterlijk niet in deze samenleving wilt integreren. En de gedachte die eraan ten grondslag ligt is dat de vrouw moet zorgen dat de man zich niet aan haar vergrijpt. Dat, menen Terstall en Wolfsen, had Vogelaar óók moeten zeggen.
Geestverwant van Terstall is de 38-jarige oud-politieman en stadsdeelvoorzitter in Amsterdam-Slotervaart, Ahmed Marcouch. Een lokale politicus, maar als ‘burgemeester van Amsterdam-West’ een grote belofte in de PvdA. Hij herkent Terstalls beschrijving van de partijcultuur. Marcouch - belijdend moslim - krijgt mailtjes van niet-islamitische leden die hem ervan beschuldigen dat hij zijn eigen geloofsgroep in een hoek drukt. ‘Het establishment’, noemt hij die critici.
Marcouch bemoeit zich met geloof. Een teer punt in een partij die van oudsher probeert integratieproblemen op te lossen met enkel scholing, werk en betere huizen. Beleid waarvan de waarde niet kan worden overschat, onderstreept Marcouch. Hij slooft zich zelf ook uit om van zwarte scholen excellente scholen te maken. Máár: ook als die infrastructuur perfect was, zouden nog moslimjongeren radicaliseren. Daar is hij van overtuigd. En dat is gevaarlijk.
Marcouch stelde een radicaliseringsdeskundige aan die contact legt met afdrijvende jongeren in Slotervaart. En met hun ouders, die Marcouch onzachtzinnig aanspreekt op de verantwoordelijkheid om hun kinderen – ook spiritueel – op het rechte pad te houden. Hij spreekt zich uit vóór homorechten, vóór het recht op geloofsafval en tegen vrouwenonderdrukking in naam van het geloof. Hij doet dat veel luider en duidelijker dan partijgenoten die zich daar in de jaren zestig en zeventig nog sterk voor maakten, maar nu terugschrikken omdat niet de machtige kerk onderwerp van discussie is maar de moslimminderheid. Marcouch, geboren aan de kust van Noord-Marokko, moet zijn partij herinneren aan het oude ideaal: verhef de arbeiders. ‘Kennen ze die niet meer, met hun blauwe overalls en melkbussen, op de fiets naar het werk?’ Het nieuwe proletariaat heeft alleen vaak een andere kleur, een ander geloof.
Marcouch is het nog net wat roerender met Terstall eens dan het kamerlid Wolfsen. Wolfsen vindt het niet aan zijn partij om een integrale visie op de islam te formuleren. Vanwege de scheiding tussen kerk en staat en omdat de partij ook geen visie heeft op christendom of boeddhisme – elk geloof is gelijk. Marcouch en Terstall denken dat het niet anders kan. ‘Zo lang we geen visie hebben op de islam in Nederland, zullen we alleen reageren op excessen zoals de boerka, en doen we dus aan incidentenpolitiek’, vindt Marcouch. ‘De moskeeën puilen uit terwijl de rest van Nederland is ontkerkelijkt. Je kunt wel doen alsof je het niet ziet, maar ik geloof dat we er niet omheen kunnen: de islam moet in Nederland worden geïntegreerd.’
Ja, Geert Wilders, die heeft het over de islam, op een botte manier, en de andere partijen doen niets dan reageren. ‘Ik mis Ayaan Hirsi Ali’, zegt Marcouch. Hirsi Ali – van de VVD maar ooit bij de PvdA begonnen – hield de discussie over de islam in Nederland ten minste gaande, vindt hij.
Zondagochtend vroeg. Eerste Pinksterdag. Het Barlaeus Gymnasium, bij het Amsterdamse Leidseplein. Eddy Terstall opent het congres van de PvdA-jongeren. Hij neemt het op voor de afvallige Ehsan Jami en stelt voor dat de jongeren de verkiezingstekst over gewetensvrijheid nog eens bekrachtigen als motie. Een jonge Turk staat op. Boos. Moslims werden al door rechts gepakt en nu ook nog door links, vindt hij.
De jonge man is Yassin Torunoglu, PvdA-raadslid in Eindhoven. Een nauwelijks praktiserende moslim – hij herhaalt een paar keer hoe veel hij wel niet van een drankje houdt - maar toch voelt hij zich aangevallen. Buiten het gebouw discussieert hij met Terstall. Zwijg nou over de islam, zegt Torunoglu. Laat Wilders zijn gang gaan, maar laat de PvdA een veilige haven zijn. Gewoon, het nog even één generatie nergens over hebben, ‘de gemeenschap rust gunnen’ en dan zullen moslims zoals hij – stilletjes, van binnenuit - hun geloofsgenoten wel emanciperen. ‘Zo moelijk is dit nou’, zegt Terstall. En hij blaast rook uit.