Door: Arjen van der Horst
Gepubliceerd: zondag 11 november 2007 23:55
Update: maandag 12 november 2007 05:56
Op Remembrance Day begraven de Britten hun meningsverschillen over de oorlog in Irak. Alle gesneuvelden worden herdacht en geëerd, ook die van de impopulaire oorlogen.

| De 111-jarige Henry Allingham vocht in 1916 mee in de Zeeslag bij Jutland
Henry Allingham is een man met vele titels. Met zijn 111 jaar is hij de oudste Brit en ook de oudste man van Europa. Op de wereldranglijst voor mannen staat hij op de tweede plaats, achter de Japanner Tomoji Tanabe (112).
Maar de Britten zullen hem vooral herkennen als de oudste, nog levende oorlogsveteraan.
Allingham behoort tot de paar stokoude mannen die de Eerste Wereldoorlog nog kunnen navertellen.
Een oorlog waarvan de echte gruwelen aan ons land voorbij gingen, vanwege neutraliteit. Deze moest overigens tot het uiterste toe worden verdedigd door toenmalig premier Cort van der Linden, die behendig alle binnen- en buitenlandse druk weerstond om partij te kiezen.
WO I stortte de rest van Europa in diepe ellende. Oostenrijk-Hongarije en Duitsland stonden tegenover Frankrijk, het Verenigd Koninkrijk en Rusland. Een slopende oorlog, vol loopgraven en circa 9,5 miljoen gevallen soldaten, waarvan driekwart miljoen aan Britse zijde.
Allingham vocht in de beruchte Zeeslag bij Jutland in 1916 en was later gelegerd aan het westelijke front in Frankrijk. Groot-Brittannië was in die dagen een uitgestrekt wereldrijk, ‘waar de zon nooit onderging’.
Tussen de wereld van Allingham en die van Robert Worth (18) strekt zich bijna een eeuw en ontelbare oorlogen. In het leven van Worth is het Verenigd Koninkrijk gekrompen tot een middelgroot land, maar het Britse leger is nog altijd bijzonder actief. Worth, met zijn 18 jaar de jongste marinier van het Britse leger, vecht tegen de taliban in Afghanistan.
Beide mannen waren gisteren aanwezig bij plechtigheden van Remembrance Day. De Britten stonden stil bij de wapenstilstand van 1918 waarmee officieel een einde kwam aan de vier jaar lange ‘Great War’. Het is uitgegroeid tot een traditie waarbij de gesneuvelden van alle oorlogen worden herdacht.
Allingham legde gisteren een krans op een oorlogsbegraafplaats in Noord-Frankrijk. Ruim 5.500 kilometer naar het oosten legde Robert Worth een krans bij de Kajaki-dam in Afghanistan waar de Britse troepen al maanden felle strijd leveren met de taliban. Strijdmakkers lazen de namen van de 42 Britse soldaten voor die sinds de vorige Herdenkingsdag zijn gesneuveld.
Op Remembrance Day worden even de meningsverschillen over de oorlog in Irak begraven. Vele Britten dragen een poppy (klaproos) om de gevallenen te eren, ook die van de minder populaire oorlogen. In de woorden van Allingham: ‘Wij allen moeten hen herdenken. Altijd.’
Het is een boodschap die hij tot zijn laatste adem zal uitdragen. Allingham is slecht ter been en hoort amper nog. Maar hij is fris van geest. Geregeld reist hij naar Frankrijk waar hij voordrachten houdt voor schoolkinderen. Om de herinnering levend te houden.