Gepubliceerd: donderdag 23 april 2009 07:16
Update: donderdag 23 april 2009 07:18
Een ineengestorte economie, snel stijgende werkloosheid, enorme
inflatie en een torenhoge staatsschuld. IJsland is zwaar getroffen door
het ineenstorten van de ooit grote en machtige bankensector. Zaterdag
gaan de bewoners van het bijna failliete eiland naar de stembus, voor
het eerst sinds de economische crisis het land in volle hevigheid trof.
Op
zoek naar nieuw geld op het Europese vasteland hadden de grootste
banken van IJsland, waaronder Landsbanki en Icesave, de afgelopen jaren
onverantwoorde risico's genomen. Ze boden onder meer hoge rentes. Een
tijd lang groeiden de banken als kool door de toestroom van klanten.
Met dollartekens in de ogen schroefde de regering van premier Geir
Haarde het toezicht op de banken terug.
De problemen begonnen
toen de aanvoer van nieuw geld ophield. De banken kwamen in geldnood en
naderden de rand van de afgrond. Angstig geworden klanten haalden
massaal hun geld terug. Daardoor konden de banken hun rekeningen niet
meer betalen. Ze moesten worden genationaliseerd om erger te voorkomen.
IJsland moest miljarden euro's lenen van het Internationaal Monetair
Fonds (IMF) om gedupeerde klanten terug te betalen.
De crisis
bracht de IJslanders massaal de straat op. In demonstraties eisten zij
het vertrek van premier Haarde. Eind januari ging hij door de knieën.
Zijn opvolger was de linkse ex-stewardess Johanna Sigurdardóttir, de
eerste openlijk lesbische regeringsleider ter wereld. Haar
Sociaal-Democratische Alliantie vormde een coalitie met Links-Groen.

Het beroemde ijsmeer Jökulsárlón
Volgens
de peilingen stevenen de beide linkse partijen zaterdag af op een ruime
winst. De rechtse Onafhankelijkheidspartij van Haarde lijkt juist een
grote klap te krijgen. De partij, die verantwoordelijk wordt gehouden
voor de malaise, bereikt vermoedelijk een historisch dieptepunt.
Na
de verkiezingen krijgt Sigurdardóttir de zware taak IJsland in rustiger
vaarwater te brengen. Als het aan de premier ligt, wordt het land zo
snel mogelijk lid van de Europese Unie. Of ze de van oudsher
eurosceptische IJslanders meekrijgt is echter de vraag. Wantrouwen en
angst voor de toekomst overheersen in IJsland.
Ongeveer een jaar geleden was IJsland nog een van de rijkste landen
ter wereld. Nu is het land weggezakt in een diep economisch moeras.
Mei 2008: Icesave, een merk van de
bank Landsbanki, zet voet op Nederlandse bodem. Via spaarrekeningen op
internet brengen meer dan honderdduizend Nederlanders in totaal
miljarden euro's onder bij de bank.
29 september 2008: Glitnir,
de derde bank van IJsland, komt in acute geldnood. De overheid neemt
een belang van 75 procent in de bank om de ergste nood te verhelpen.
7-9
oktober 2008: IJsland nationaliseert de drie grootste banken van het
land, Kaupthing, Landsbanki en Glitnir. De koers van de IJslandse kroon
stort in.
20 november 2008: Het Internationaal Monetair Fonds en
enkele Europese landen lenen IJsland in totaal ruim 6,5 miljard euro.
Met het geld moet IJsland schuldeisers van de banken terugbetalen.
20 januari 2009: Duizenden demonstranten betogen bij het parlement. Ze eisen het vertrek van premier Geir Haarde.
23
januari 2009: Premier Haarde schrijft vervroegde verkiezingen uit. Om
gezondheidsredenen -Haarde lijdt aan slokdarmkanker- zal hij zelf niet
meedoen.
26 januari 2009: Haarde treedt af. Zijn
Onafhankelijkheidspartij stapt uit de regering van IJsland. Twee linkse
partijen, de Sociaal-Democratische Alliantie en Links-Groen, vormen een
interim-regering.