Gepubliceerd: woensdag 1 juli 2009 17:41
Update: woensdag 1 juli 2009 17:42
Het rookverbod in de Nederlandse horeca is woensdag precies een jaar
van kracht. Binnen Europa bestaan veel verschillen als het gaat om
beleid tegen roken in cafés en restaurants.
Ierland was in 2004
het eerste land in de EU dat een totaal rookverbod invoerde voor alle
openbare ruimtes, om werknemers en niet-rokers te beschermen tegen de
gevaren van passief meeroken. Wie sindsdien in een Ierse pub,
restaurant of theater nog een sigaret opsteekt, kan een boete tot 3000
euro krijgen. Dezelfde sanctie geldt voor kroegbazen die niet toezien
op het verbod.
Een van de eerste landen die volgden was Italië,
in 2005. Ook hier werd het verbod redelijk geruisloos ingevoerd. Mede
door hoge boetes zijn er nauwelijks overtredingen. Mensen roken minder
en gaan buiten staan roken, rokersruimtes zijn er nauwelijks.
Inmiddels
hebben meerdere landen het rookverbod in de horeca ingevoerd, maar niet
altijd zonder slag of stoot zoals in Ierland en Italië. In de Duitse
deelstaat Nedersaksen gingen vorig jaar februari ongeveer tweeduizend
horecaondernemers de straat op om te protesteren tegen het rookverbod
in de horeca, dat daar kort tevoren was ingegaan. Circa vier op de tien
kroegbazen merkte een omzetderving van meer dan 10 procent. In Spanje
wordt het rookverbod massaal geschonden.
In Europa geldt een
woud van regels; elk land kent zijn eigen regelgeving. In Griekenland,
rokersnatie nummer één in Europa, mogen eigenaren van kroegen kleiner
dan 70 vierkante meter bijvoorbeeld zelf beslissen of er mag worden
gerookt. In Denemarken is roken slechts toegestaan in cafés van 40
vierkante meter en kleiner. In Schotland mag geen gebruik worden
gemaakt van rookruimtes. En in Duitsland kent zelfs elke deelstaat zijn
eigen regelgeving op het gebied van roken in de horeca.
België,
dat geen algeheel rookverbod in de horeca kent, spant de kroon qua
verwarrende regelgeving. Het rookverbod geldt daar onder meer niet voor
cafés die voorverpakte levensmiddelen verkopen met een minimale
houdbaarheid van drie maanden, zoals chips, worstjes en nootjes.
Het
rookverbod in de horeca heeft niet altijd tot gevolg dat rokers de
sigaret opgeven. Het rookverbod dat sinds begin 2008 van kracht is in
Franse kroegen en restaurants wordt meestal wel gerespecteerd. Maar de
rokers roken gewoon door, op straat of op de verwarmde terrassen. In
Groot-Brittannië is precies het tegenovergestelde aan de hand. In negen
maanden tijd gaven in Engeland 400.000 mensen de verslavende gewoonte
op. Ook de verkoop daalde: er gingen 2 miljard sigaretten minder over
de toonbank.
Landen waar nog ongestoord gepaft kan worden in de
horeca zijn Luxemburg, Tsjechië en Oostenrijk. Ook in Zwitserland geldt
in de meeste kantons geen rookverbod.
Sinds de invoering van het rookverbod in de horeca regende het
spoeddebatten in de Tweede Kamer. De kroegbazen morden, maar minister
Ab Klink (Volksgezondheid) behield politieke steun voor zijn beleid.
Compensatie voor kroegen die last zeiden te hebben van het verbod zat
er niet in. Wel scherpte Klink de handhaving aan. Een overzicht.
1 juli 2008
Ruim
vier jaar nadat werknemers recht kregen op een rookvrije werkplek, moet
ook de horeca eraan geloven: het rookverbod gaat niet alleen gelden
voor kroegen en restaurants, maar ook voor onder meer poppodia,
theaters en sportkantines.
1 oktober
Kroegen die de asbak
gewoon weer op tafel zetten, krijgen voortaan meteen een boete. Tot die
tijd ontvingen ze eerst een waarschuwing.
18 november
Omdat
veel kroegen het rookverbod steeds nadrukkelijker in de wind slaan,
trekt minister Ab Klink (Volksgezondheid) de teugels nog strakker aan.
Roken in de horeca gaat als een economisch delict gelden omdat er
sprake is van concurrentievervalsing met rookvrije kroegen. Het
Openbaar Ministerie (OM) kan een lik-op-stuk-beleid gaan voeren. De
boete kan oplopen tot 18.500 euro. Ook kan een horecagelegenheid
gesloten worden.
17 december
Cafés die zeggen last te
hebben van het rookverbod hoeven niet te rekenen op tegemoetkomingen
van de overheid. Dat is de conclusie die minister Klink trekt uit een
onderzoek dat hij had laten doen naar problemen die de horeca had met
het rookverbod. Ook kleinere kroegen, die geen rookruimte in kunnen
richten, hebben niet noemenswaardig meer last van het verbod, vindt de
minister.
9 maart 2009
De horeca mag dan morren, in de
Tweede Kamer kan Klink nog altijd rekenen op steun voor het rookverbod.
Wel schaart oppositiepartij SP zich wat meer aan de kant van aloude
tegenstanders als VVD en PVV. De socialisten pleiten nu ook zelf voor
een soepelheid voor kroegen zonder personeel. Deze zouden zelf mogen
gaan kiezen of ze rokers weren.
10 maart
Cafés mogen ook
kiezen voor een ventilatiesysteem om hun werknemers een rookvrije
werkplek te bieden, aldus minister Klink. Dit zou een alternatief
kunnen zijn voor de rookruimte die ze mogen inrichten. De minister
voegt er wel aan toe dat ventilatie de kroeg echt rookvrij moet maken.
Nu bestaan er nog geen ventilatiesystemen die dit kunnen.
7 april
Klink
kondigt aan dat de Voedsel en Waren Autoriteit (VWA) kroegen zonder
personeel gewoon zal blijven controleren op overtreding van het
rookverbod. Hij reageert daarmee op de vrijspraak voor een kroeg in
Breda.