Ethiopië Vrede na vluchten

Op de koffie bij de vijand

Door: Arjan Terpstra
Gepubliceerd: maandag 4 januari 2010 21:53
Update: maandag 4 januari 2010 23:08

In een door Soedanezen bevolkt vluchtelingenkamp in Ethiopië is de vrede uitgebroken. Gezworen vijanden drinken nu koffie met elkaar.

De hel ligt er gemoedelijk bij. Zo vlak na het regenseizoen zijn de bomen groen in het Soedanese vluchtelingenkamp Fugnido, in de regio Gambella in westelijk Ethiopië. De rivier is vol vis en staat hoog tegen de oevers. Vee en mensen zien er weldoorvoed uit, vluchtelingen begroeten de bezoekers met open, lachende gezichten. Er is water, voedsel, scholing voor de hele kampgemeenschap, zo’n 21.500 man sterk. Een welhaast paradijselijke toestand, zeker voor een vluchtelingenkamp.


Nuer-, Dinka- en Anuakleiders drinken hun gemeenschappelijke bakje koffie. Foto: Dirk Jan Verkuil


Is dit de locatie van de ergste etnische rellen in een door de Verenigde Naties bestierd vluchtelingenkamp ooit? Jarenlang was de spanning tussen drie etnische groepen Soedanese vluchtelingen hier om te snijden. Regelmatig vloog de vlam in de pan en was het oorlog. In november 2003 trok de UNHCR, de vluchtelingentak van de VN, zich noodgedwongen uit het kamp terug, nadat leden van de Nuer-stam die van de Dinka hadden aangevallen. Er werden over en weer handgranaten gegooid, geweren leeggeschoten, er werd met speren op mensen ingestoken. Toekoels, traditionele hutten van riet, hout en leem, gingen in vlammen op. Er waren 45 doden te betreuren, honderden mensen raakten gewond. Pas in januari 2004 durfde de UNHCR het kamp weer in. Mei 2005 was het weer raak en werden drie Nuer-jongens door Anuak afgeslacht – de derde stam in het kamp –nadat zij een Anuak hadden opgelicht. Weer werden de wapens opgenomen, bestormden aangevallen vluchtelingen de met prikkeldraad omheinde UNHCR-compound, op zoek naar de bescherming die de internationale gemeenschap aan vluchtelingen belooft.

We kennen dit soort verhalen uit de burgeroorlog in Soedan, met name uit de regio Darfur. Maar uit vluchtelingenkampen? Toch ging het hier goed mis. Elke twee, drie dagen werd er massaal gevochten in het kamp, zeggen de vluchtelingen zelf. Over alles werd getwist: wie er recht heeft op het kreupelhout, nodig om voedsel te kunnen koken. Wie er zijn vee op de grasgronden mag weiden. Wie er in de rivier mag vissen. Stephen Wie, een Nuer, schudt zijn hoofd als hij eraan terugdenkt. ‘Als we water nodig hadden, werden we bij de rivier tegengehouden door Anuak. Wij mochten er niet bij, ook niet om vee te laven. Dan zeiden wij: die rivier is niet van jou, die is voor ons allemaal. En dan was het vechten geblazen.’

Vechten op z’n Afrikaans

Stel je bij dat vechten geen knokpartijtje in het café om de hoek voor. Een Nuer als Stephen ziet er indrukwekkend uit, zelfs als hij rustig met je zit te praten. De inktzwarte mannen halen gemakkelijk de twee meter en zijn als Nuer herkenbaar door de getrokken ondertanden en een rij horizontale littekens op het voorhoofd. Rond je zeventiende ben je een man, en snijdt een ouder familielid met een speer een aantal gleuven in je huid, die bedekt worden met as en als scherpe randen zichtbaar blijven. De Nuer, de grootste etnische groep in Oost-Afrika, zijn in één woord krijgers, en ontvluchtten de Soedanese burgeroorlog met behoud van hun wapens. ‘Vechten’ betekent voor een Nuer meer dan een potje op de vuist gaan, wat ook geldt voor een Anuak, en voor de paar honderd Dinka die ook in Fugnido wonen. Vechten gaat op zijn Afrikaans: bewapende raidshouden naar de hutten van de vijand, veeboeren overvallen die zich op ‘jouw’ grasland wagen, een hinderlaag leggen bij een drinkplaats.

Toch is vandaag de dag alles rustig in Fugnido. De sfeer is landerig. Vrouwen zoeken kreupelhout, mannen repareren een fiets in de schaduw van een boom, spelen domino. Kinderen rennen uitgelaten achter de auto’s van hulpverleners aan – wie klimt er in de achterbak? – of trappen een balletje. Niets in het kamp herinnert aan de bloedige confrontaties van een paar jaar terug. Hoe is dat mogelijk? Fugnido heeft vandaag ruwweg dezelfde bevolkingssamenstelling, met dezelfde stammen en dezelfde mensen. Maar in plaats van elkaar met granaten achterna te rennen, zitten de leiders van de Nuer, Anuak en Dinka nu eens in de twee weken gezamenlijk in een grote ceremoniële vergadering aan de koffie. Nuer-kinderen gaan samen met Anuak naar de door de VN geleide school. Januari 2009 werd het eerste gemengde huwelijk gesloten, links en rechts zijn gemengde baby’s geboren.

Keerpunt

‘Het keerpunt lag eind 2005’, zegt Abiy Girma. De Ethiopiër staat aan het hoofd van de UNHCR in Fugnido, al ligt hij nu op de grond van zijn kantoortje siësta te houden. ‘Na de moordpartij op die drie jongens hebben we het kamp ontwapend. Dat kon alleen maar omdat alle partijen inzagen dat de geweldsspiraal verbroken moest worden.’ Girma ziet nog de stapels wapens voor zich, met daartussen de traditionele jachtsperen die van vader op zoon worden doorgegeven. ‘De Nuer zijn sindsdien gestopt met het insnijden van de hoofden. Dat hebben we in Soedan achtergelaten, zeggen ze nu.’ Hij lacht. ‘Maar zonder speer kan het gewoon niet.’

Het inleveren van de wapens stopte het moorden, maar niet de onrust. De UNHCR regelde een soort politiemacht in het kamp, maar het duurde lang voor die het vertrouwen van de mensen kon winnen. De echte verandering moest van binnenuit komen, zegt ook Deng Both, een van de leiders van het Nuer-kamp. Hij woont al zeventien jaar hier, en leidde verschillende initiatieven die de rust terug moesten brengen. ‘Iedereen sloeg aan het vergaderen. Eerst binnen de clan, met telkens acht vertegenwoordigers van verschillende families. Daarna met vertegenwoordigers van verschillende clans, ook weer acht man sterk, binnen de stam. En vervolgens met leiders van de andere stammen. Vergaderingen over alle potentiële bronnen van conflict. Het maakte niet uit wat het onderwerp was. Uiteindelijk draaide elke vergadering om hetzelfde: we zijn allemaal Soedanezen. Allemaal black men. We zullen het samen moeten doen.’

Is het zo simpel? Beetje vergaderen, koffie drinken, handje schudden en in vrede verder leven? De hulpverlenersgemeenschap in Fugnido weet wel beter. ‘Deze vluchtelingen zitten vaak al twintig jaar in dit kamp, en zijn aan een hoge leefstandaard gewend geraakt, ondanks dat ze ooit uit de meest erbarmelijke omstandigheden vluchtten’, zegt Abiy Girma, die zich half heeft opgericht om vragen te beantwoorden. ‘Dat betekent dat elke terugval in voedselleveringen of waterdistributie voor onrust zorgt. Een misverstand over wie er recht heeft op welke hulpgoederen is dan snel geboren. Je kunt zeggen: wat ondankbaar en onterecht van die mensen, maar dat is de realiteit hier.’ Nog een voorbeeld. Het Nederlandse ZOA Refugee Care bouwde met Nederlands overheidsgeld waterpompen buiten het kamp, in het stadje Fugnido waar het kamp omheen ligt gekruld. De reden? De Ethiopiërs voelden zich achtergesteld bij de vluchtelingen, met hun gratis water. Die Ethiopiërs zijn Anuak, net als grofweg de helft van de Soedanese vluchtelingen. Gevolg: knokpartijen bij de waterpompen in het Nuer-deel van het kamp.

Lont uit kruitvat

Zo gaat het met alle peacebuilding activities hier – Engelse codetaal voor alle maatregelen die de lont uit het kruitvat moesten trekken. Bouw je een gemeenschapshuis voor de ene stam, zoals ZOA deed, bouw er dan ook een voor de andere groeperingen, want voor je het weet is het weer bonje. Bouw ook mee aan de kerk en andere plekken waar de gemeenschap zich kan verzamelen, zoals een centrum waar onderwijs wordt gegeven, seksuele voorlichting, maar waar ook informatie over zaai- en oogsttijden is te vinden. Het ziet er misschien op het eerste oog niet als peace building uit, maar het faciliteert de oplossing van conflicten wel, zegt Deng Both. ‘Op alle plaatsen waar wordt vergaderd, leren mensen hoe ze conflicten moeten voorkomen. We wijzen ze op het bestaan en de werking van shurta’s, traditionele rechtbanken die namens de stam uitspraken doen, en die nu ook vertegenwoordigers van andere stammen toelaten. Daar worden nu de conflicten uitgevochten, op een beschaafde manier.’

Both is uitgepraat, moet gaan om straks de tweewekelijkse koffieceremonie voor te zitten. We praten nog even over het vredesakkoord dat in 2005 is gesloten, wat repatriëring van Soedanese vluchtelingen mogelijk heeft gemaakt. Rond de zesduizend Soedanezen uit Fugnido zijn sindsdien door de UNHCR teruggebracht naar het land van herkomst, dagelijks besluiten vluchtelingen op eigen kracht te vertrekken. Anderen vertrouwen de wankele vrede niet, of maken liefst hun studie in het kamp af voor ze de gok wagen. Maar als ze teruggaan, is één ding van het grootste belang, zegt Both. ‘We hebben door de oorlog in het kamp geleerd dat discussie de oplossing is. Mensen geloofden alleen in geweld, zijn er in Soedan mee opgegroeid. Maar de nieuwe generatie van mensen die de conflicten in dit kamp zagen verdwijnen, weet dat het ook anders kan. Dat nemen ze met zich mee naar huis.’

Trefwoord(en): Ethiopië, Soedan, UNHCR,
Foto: Dirk Jan Verkuil

Nuer? Dinka? Anuak?

De drie stammen uit het artikel zijn maar matig bekend in Nederland. Een korte introductie.

Nuer

Een confederatie van (voornamelijk christelijke) stammen in Zuid-Soedan en westelijk Ethiopië. De Nuer zijn veehouders. In de negentiende eeuw waren ze een van de weinige stammen die zich niet lieten koloniseren door de Europese machten. Opvallend zijn de traditionele gezichtsversieringen, de littekens op het voorhoofd die de mannen rond hun zeventiende krijgen aangebracht. De patronen verschillen per substam; bij sommigen krijgen ook vrouwen hun ‘gaar’.

Dinka

Een Soedanese stam van ongeveer 1,5 miljoen mensen groot die van oudsher zowel aan landbouw als veeteelt doet. Dinka staan bekend om hun donkere huid (de donkerste in Afrika) en hun lengte. Driekwart van de Dinka is christelijk.

Een bekende Dinka is het topmodel Alek Wek.

Anuak

Relatief kleine groep stammen uit Zuid-Soedan en westelijk Ethiopië. Ze zijn zwarter dan de meeste Ethiopiërs, en worden als ‘laaglanders’ zwaar gediscrimineerd door de dominante stammen uit het hoogland: Oromo, Tingray en Amharen.


In de shurta’s worden nu conflicten uitgevochten.Op een beschaafde manier.

Onheilsplek
Fugnido was al eerder de locatie van heftig geweld. In 1989 viel de Soedanese SPLA het Ethiopische stadje aan: 120 mensen werden gedood.
Goede grond
Fugnido ligt geografisch gunstig. Regenval in de hooglanden stroomt naar het dal en neemt vruchtbare grond mee.
Vis voor ieder
Ook is er vlak bij Fugnido een rivier, de Gilo, en een meer, Lake Tana, waar veel vis wordt gevangen. Over droogte of honger wordt dan ook weinig geklaagd.
Demografie
De bevolking van kamp Fugnido nam de afgelopen jaren af. Deels door repatriëring, wat mogelijk werd na het vredesakkoord in Soedan, in 2005.
Vertrekkers
Van de 27.000 vluchtelingen die in oktober 2005 in Fugnido woonden, zijn er ca. 21.000 over. De meeste vertrekkers werden door de VN gerepatrieerd.
Opgerot
Een voordeel was het vertrek van de Gio en Gajak, twee Nuer-subclans, de ‘grootste amokmakers’ volgens Abiy Girma van de UNHCR.

Aanmelden nieuwsbrief

E-mail
Voornaam
Achternaam

Ontbijt Nieuws Iedere werkdag rond 09:00 uur de laatste headlines van DePers.nl in uw mailbox.
Lunch Nieuws Iedere werkdag rond 12:00 uur de laatste headlines van DePers.nl in uw mailbox.

Verstuur

 
  Plaats dit bericht op Twitter Voeg dit bericht toe aan NuJij.nl Voeg dit bericht toe aan linkedin.com Voeg dit bericht toe aan hyves.nl Voeg dit bericht toe aan facebook.com Reageer Stuur dit bericht door per email Stuur door Druk deze pagina af op je printer Print  

Meest gelezen buitenland

  • Hackers luisterden FBI-overleg af

    ANP

    Hackers luisterden FBI-overleg af
    22 uur geleden
    De hackersgroep Anonymous heeft vrijdag gemeld dat ze een telefonisch overleg tussen de FBI en Scotland Yard heeft afgeluisterd. Het overleg ging over de aanpak van hackersgroepen.

  • Grieken verbieden dieren in circussen

    ANP

    Grieken verbieden dieren in circussen
    20 uur geleden
    Griekenland verbiedt het gebruik van dieren in circussen. Het land is daarmee een voorloper in Europa. Het totaalverbod is verankerd in een nieuwe Griekse wet op de dierenbescherming, meldden Griekse media vrijdag.

  • Syrische ambassade Berlijn korte tijd bezet

    ANP

    Syrische ambassade Berlijn bezet
    18 uur geleden
    Een groep dissidente Syriërs heeft vrijdag de ambassade van hun land in Berlijn korte tijd bezet. De tegenstanders van president Assad drongen het gebouw binnen en hingen de vlag van het verzet uit.

Meer nieuws buitenland

Volgend bericht >

Reageer op dit artikel:  

Reageer Door: harkisoen, 05 jan 2010 02:54
Servië and Kroatië kunnen een voorbeeld van deze arme mensen gaan nemen of volgen.inplaats van steeds te ruzieen.

 


 
 


© Copyright DePers.nl