Door: Arnold Karskens 
Gepubliceerd: woensdag 10 maart 2010 23:52
Update: donderdag 11 maart 2010 07:00
Het rommelt in India. De maoïsten zijn volgens de premier zelfs ‘de grootste interne bedreiging ooit’.
Alleen al het woelige Oost-India, met name de deelstaten Assam en Manipur, telt tientallen gewapende groepen die zich actief verzetten tegen de regering in hoofdstad New Delhi. Hun motieven zijn niet altijd duidelijk en soms lijkt er sprake van criminelen die plunderen onder een politieke vlag, maar de eis mee te mogen snoepen van de economische voorspoed of de wens voor onafhankelijkheid klinkt overal door op het immense subcontinent.

Rode corridor
Premier Manmohan Singh breekt met name zijn hoofd over de maoïsten, die hij ‘de grootste interne bedreiging ooit’ noemt. De aanhangers van de Communistische Partij zijn in tweederde van de 28 deelstaten actief, maar het prominentst in de ‘rode corridor’, die dwars door de deelstaten Bihar, Chattisgarh en Andhra Pradesh loopt. Dat is hartje India.
Minister van Binnenlandse Zaken Gopal Krishna Pillai voedde vorige week de angst onder de 1,1 miljard Indiërs toen hij zei dat de maoïsten ‘tegen 2050 de macht willen grijpen’.
De invloed van de circa 15.000 linkse rebellen groeit sterk onder de straatarme Adivasi-stammen, de oorspronkelijke bewoners van India die door de zoektocht naar delfstoffen van hun land worden verdreven. Twee weken geleden doodde de groep 24 para-militairen.
Burgeroorlog
Dr. Nandini Sundar, professor sociologie aan de Delhi School of Economics, schat dat sinds de opstand zes jaar geleden begon inmiddels tussen de duizend en vijfduizend doden zijn gevallen. ‘Niemand telt het aantal in de vaak ondoordringbare gebieden en de regering meldt alleen de mensen gedood door de maoïsten.’ Zelf vindt ze de linkse opstand niet de grootste bedreiging voor de stabiliteit. ‘Dat zijn de Pakistaanse en hindoestaanse extremisten die aanslagen plegen.’
Zo stierven in november 2008 zo’n 155 mensen bij aanvallen van Pakistaanse terroristen in de havenstad Mumbai. Rellen tussen hindoes (80 procent van de bevolking) en moslims (13 procent) zijn aan de orde van de dag. Sundar: ‘In sommige delen van India is er sprake van een burgeroorlog.’
Weinig optimistisch
Ook Ravi Nair, directeur van het Zuid-Aziatische Mensenrechtendocumentatiecentrum in New Delhi, klinkt weinig optimistisch. Geen land ter wereld kent zoveel conflicten als India en oplossingen liggen niet binnen handbereik, meent hij. Hij pleit voor een democratische dialoog. ‘Maar ik zie het nog niet gebeuren. Eerder demoniseren ze elkaar.’ De staat waant zich door de economische groei onaantastbaar. ‘De tijd is aan zijn zijde, denkt het.’
Beheersbare onvrede
Politicoloog Akum Longcharti behoort zelf tot een minderheidsgroep, de Naga’s, die sinds 1947 vecht voor onafhankelijkheid. Volgens hem ontbreekt de wil om conflicten op te lossen. ‘India wil de onvrede beheersbaar houden. Tot nu toe is voor geen enkele vete een oplossing gevonden.’
Ook niet voor de noordelijke deelstaat Kashmir, waar het overgrote deel van de bevolking zich bezet voelt door India. ‘Het resultaat is dat de spanning zich opbouwt en de staat op een dag in brokken uiteenvalt.’