Door: Yvonne Smit
Gepubliceerd: maandag 15 maart 2010 21:52
Update: maandag 15 maart 2010 21:51
Tussen de vele discotheken en hotels aan de Spaanse Costa
Blanca is ook ecotoerisme. Vakantie vieren met respect voor mens en
milieu. De vraag is alleen: hoe lang nog?De geur van wierook komt ons
tegemoet als we de ontbijtzaal in lopen van Bio-Hotel Venus Albir in de
kustplaats Albir. Spaarlampen zorgen voor een fel en ongezellig licht.
De maaltijd bestaat uit desembroodjes met groene thee en ongezoete
sapjes. Welkom in het eerste biologische hotel in Spanje, gevestigd aan
de Costa Blanca. Alles in het hotel is ecologisch verantwoord: het
beddengoed is van eerlijk katoen, de meubels zijn van duurzaam
pijnboomhout, het dak ligt vol met zonnepanelen en de tuin wordt
bijgehouden met regenwater.
Foto’s: Iris MechielsenZeven jaar geleden zegde eigenaresse Eloisa Navarro
haar baan op en begon dit hotel uit interesse voor duurzaamheid. Een
gedegen marktonderzoek heeft Navarro niet gedaan, een toeristische
achtergrond heeft ze evenmin. Niet verwonderlijk dus dat de start van
het Bio-Hotel moeizaam ging. ‘De kosten waren hoog en het enige waar we
subsidie voor kregen waren de zonnepanelen’, vertelt Navarro. ‘Er was
nauwelijks markt voor en we hebben de laatste jaren veel reclame moeten
maken om bekendheid te verwerven.’
Kroketten
Ook de locatie van het onderkomen hielp niet mee aan
een succesvolle start. Het ligt slechts enkele kilometers van Benidorm,
na New York de plaats met de meeste wolkenkrabbers. Het hotel staat
ingebouwd tussen souvenirshops, autoverhuurbedrijven en restaurantjes.
Een kroket is op elke straathoek wel te verkrijgen. Echte Spaanse tapas
blijken een groter probleem. Navarro: ‘Ik heb voor deze locatie gekozen
omdat in deze streek veel toeristen komen. Mensen komen hier om te
overwinteren. Nederlanders, Duitsers, Engelsen en een steeds groter
wordende groep Noren. Ook werken we samen met een aantal touroperators.
Al komen de meeste gasten nog steeds via mond-tot-mondreclame.’
De goede bedoelingen van Navarro ten spijt, het
milieuvriendelijke bedrijf draait geen winst. ‘We redden het net op deze
manier, maar hopen dat het na de crisis beter zal gaan. De Engelse
markt trekt weer aan, en dan volgt de rest vanzelf.’

Om te ontsnappen aan hoge gebouwen, neonverlichting
en patatjes oorlog is een huurauto geen overbodige luxe. Op een paar
kilometer van de kust rij je door verstilde dorpjes als Guadalest en
Confrides die als kraaiennesten in de bergen liggen. De dorpjes zijn een
bezichtiging waard, evenals een wandeling rondom het stuwmeer van
Guadalest. We passeren velden vol citrusbomen en kraampjes waar de
lokale bevolking haar waar aanbiedt, waarna we aankomen in het
landbouwdorpje Quatretondeta.
Het dorp, dat honderd inwoners telt, ligt tussen de
olijfboombossen en leeft voornamelijk van de textiel- en
schoenenindustrie. De Engelse Patricia Fagg, voorheen directrice in
industriële kunststof, is met haar man en twee zonen geëmigreerd om in
dit dorp Hotel Els Frares te beginnen, een knus berghotel.
Vervallen boederij
Ook dit blijkt een optie om op een bewuste manier
vakantie te vieren nabij de Costa Blanca. ‘We hadden het idee een hotel
op te zetten met respect voor de omgeving en lokale bevolking. We
zochten alleen nog de locatie.’ Na een zoektocht door Frankrijk, Italië
en Spanje kwam het gezin in Quatretondeta uit.
Fagg laat aan de hand van foto’s zien in welke
erbarmelijke staat ze het pand zeventien jaar geleden gekocht hebben.
‘Het was een oude vervallen boerderij. We hebben alles opnieuw op moeten
bouwen. Alleen de vloeren zijn nog in oorspronkelijke staat.’
Het hotel is aangesloten bij ‘responsible travel’,
wat betekent dat ze aan strenge milieueisen moeten voldoen. Aan de voet
van de berg Serella lijkt het de perfecte plek voor dit landelijke
onderkomen. Toch blijkt het ook hier niet gemakkelijk te zijn om een
milieuvriendelijk hotel draaiende te houden. Van de tien werknemers die
er in dienst waren, zijn er nu nog drie over. Zelfs het restaurant, dat
aangeprezen staat in de rode Michelingids 2009, gaat alleen nog open op
reservering.
Maar Fagg geeft niet op. ‘We hebben de olijvenmolen
gekocht in het dorp. Daar willen we een zwembad in laten bouwen, maar
vanwege de crisis ligt dat nu stil.’ Ze houdt hoop dat het volgend jaar
beter wordt, maar weggaan zal ze sowieso niet doen. ‘Kijk om je heen.
Dit uitzicht zou ik nooit kunnen missen.’
Puur genieten
Historisch
centrum
Ga naar Altea, een van de oudste
vissersdorpjes aan
de Costa Blanca. Blijf niet hangen aan de kust, maar wandel door de
nauwe straatjes naar het kerkplein boven op de heuvel. Daar is het
genieten van prachtige vergezichten.
Tapas
Eet wat in tapasrestaurant El Piripi (foto), in het
centrum van Alicante. Het restaurant staat bekend om zijn liefdevolle
bereiding van het eten. Ook aan vegetariërs is gedacht.
Natuurschoon
Bezoek de watervallen van Algar. Een oase van rust op
nog geen twintig kilometer van Benidorm. In de rustige delen van de
rivier kun je bij goed weer zelfs baden.
Chocolade
In het kustdorp Villajoyosa vind je de beroemdste
chocolade van Spanje. Het merk Valor is ontstaan in 1881. Breng een
bezoek aan het chocoladecafé van Valor, waar de chocolade in alle vormen
op de menukaart staat, of laat je rondleiden in de fabriek in het dorp.