Door: Femke van Wiggen
Gepubliceerd: donderdag 3 juli 2008 00:18
Update: donderdag 3 juli 2008 00:55
Ballet tuttig? Tijdens Julidans zeker niet: daar regeert dit jaar de rauwe, ruige dans.
De muren van de repetitieruimte aan de Amsterdamse Westerstraat hangen vol moodboards. Organische vormen, groene sfeerbeelden en baby’s, ter inspiratie. Het past wel in het pand waar de ontwerpstudio van Nanine Linnings vriend, ontwerper Marcel Wanders, huist.
Als de dansers de doorloop van haar nieuwe werk Dolby beginnen, is de concentratie absoluut. Een danseres kruipt in een tuigje over de vloer (Linning: ‘Zij zal een berenpak dragen, omdat ze letterlijk een dikkere huid wil hebben’) en wordt door twee sterke dansers schijnbaar willekeurig heen en weer gesjord of kruipt langs de muren omhoog. Sterke beelden.
Energiebommetjes
Het begon allemaal met één beeld. ‘Ik zag een danser op een houtblok staan met een biefstuk over zijn gezicht.’ Het is Linnings forte: beelden maken, en dat weet ze ook. ‘Ik ben meer een beeldend kunstenaar.’ Daarom geeft Linning steeds vaker andere spelers een rol in haar werk: video’s, decorelementen, en – jawel – een schaap. Het levert in het geval van Dolby (metafoor voor de ruis die je van je omgeving ondervindt) Linnings rauwste, bij vlagen acrobatische werk tot dusver op. Linnings dansers zijn geen vederlichte helden, maar mensen van vlees en bloed die kunnen incasseren. ‘Energiebommetjes’, noemt Linning ze. ‘Ze kunnen vanuit het niets ontploffen, net zoals in het normale leven steeds vaker gebeurt.’
De jonge Linning (30), gepokt en gemazeld bij het Scapinoballet, is niet het enige talent uit de lage landen dat tijdens Julidans van zich doet spreken: op haar voordragen toont de Vlaamse Ann van den Broek (37) haar werk Co(te)lette. Net als Linning is zij een sterk conceptuele maker die niet uitgaat van de dans, maar van een idee.
Instinct
Waar Linning vanuit beelden vertrekt en via een weg van schrijven, googlen en moodboards haar gevoelens uitkristalliseert, begint Van den Broek bij woorden. In dit geval: vrouw, vlees en drang. ‘Ik wil een gevoel uitdrukken, niet een boodschap, laat staan een verhaal. Dus ik zoek naar bewegingen bij die termen.’ Dat doet Van den Broek, net als Linning ex-danseres, puur op instinct: ‘Om de pure elementen te vinden, schaaf ik heel veel. Er kan altijd een beweging af.’
Kale basis
Nog een verschil: waar Linning consequent naar het totaalplaatje kijkt, richt Van den Broek zich vooral op het lichaam. Decors gebruikt ze niet of amper. Van den Broek: ‘Ik wil de kale basis. Pure rauwheid. Ik maak geen dans om de dans, ik ben toevallig beter met lichamen dan met woorden.’
Het resultaat: net als bij Linning komt Van den Broeks dans aan, zonder meteen te willen pleasen. Wat de Vlaamse betreft, hoeft dans niet mooi te zijn: schoonheid is toeval, geen streven. Linning; ‘Ann heeft een ruigheid die ik mag. Ze brengt daarbij meerdere lagen in haar werk aan.’ Zo kwam Linning bij het zien van Co(te)lette vrolijk het theater uit.
‘Er zitten fijne grappen in, spitsvondigheden. Maar na een paar minuten bekroop me een heel ander gevoel.’ Toen kwam de tweede laag pas opborrelen: ‘En die was heel emotioneel en naar. Dat ontroert me. Ik hoef geen happy end. Geef mij maar hardcore popcorn.’
Foto: Maarten Vanden Abeele