Door: Dirk Koppes / Femke van Wiggen
Gepubliceerd: maandag 9 maart 2009 23:59
Update: maandag 9 maart 2009 23:59
Uitgevers en schrijvers storten zich massaal op het dierenthema. Is tussen alle boekjes iets de moeite waard?
Leuk:
Alleen de knor wordt niet gebruikt van Yvonne Kroonenberg vertelt welke stadia een varken allemaal doorgaat voor het als kiloknaller in de buurtsuper ligt. Hoogtepunt van het boek is als Kroonenberg bekijkt hoe varkens gefokt worden. Eet smakelijk.
De bundel Ik haat dieren (TM Trademark) biedt troost voor dierenhaters. Lees Merel van Hans Dorresteijn (‘Ik houd erg van zangvogels, maar de merel overdrijft’).
Toon Tellegen kan geen slechte boeken schrijven. Het vertrek van de mier is een filosofisch reisverhaal waarin de mier dingen ontdekt die hij niet wil weten.
Het meest fascinerende boekje komt van Bibi Dumon Tak. In Oorlogsdieren vertelt ze hoe herders, beren, dolfijnen en troosthonden de mens de oorlog doorhielpen. Waar gebeurd.
Bijzonder fraai zijn de driehonderd vogelportretten van Kester Freriks in Vogels kijken. De illustraties uit de bibliotheek van Artis smaken naar meer, zelfs voor vedervijanden.
De oorsprong van onze fabels ligt bij de Griek Aisopos. Hein van Dolen vertaalde in Fabelsde verhalen over raven, leeuwen en vossen.
Schnabbelkrabbels:
Labradoedel, de mediamoeheid der dieren van Jan Mulder is een fabel waarin de dieren van Bekende Nederlanders in opstand komen tegen baasjes als Kees van Kooten en Anky van Grunsven. 94 pagina’s? Te veel meligheid.
De papegaai die dacht dat ze hond was van Nancy Ellis-Bell: leuk gegeven, leuk geschreven, maar zo interessant blijkt een papegaai die zichzelf hervindt toch ook weer niet...
Libelle-coryfee Wieke Biesheuvel recyclet een paar columns in Hok van het slot. Hoe slaapverwekkend kunnen ‘avonturen met dieren’ zijn?