Door: Mayke Swart » Meer columns van Mayke Swart
Gepubliceerd: zondag 31 januari 2010 21:11
Update: zondag 31 januari 2010 21:12
Flops, krak, daar ging ie. Mijn plastic tas met kersverse boodschappen. Vanaf mijn fietsstuur richting straat. En in de ijzige kou, zonder handschoenen, stond ik in verbazing te kijken hoe mijn avondeten, mijn ontbijt en mijn tussendoortjes bedolven werden onder gebroken glas en tomatensaus. Een bloedbad halverwege supermarkt en huis.
Redden wat er te redden valt, was mijn eerste opwelling, ijdele hoop, net als mijn handen die er in no timeuitzagen of ik zojuist het mes in ja, wie, Wilders? JP? had gestoken. Hulpeloosheid, machteloosheid, schaamte, te midden van alle kantoormensen die van hun werk in hun lunchpauze hongerig naar de lokale broodjeszaak denderden, me geen blik waardig gunden, iets waar ik enerzijds blij om kon zijn, anderzijds wensend om dat mes. En dan die tas. Zielig, net als je enigste toeschouwster, jij kon er niets aan doen, het was niet jouw zwakte, maar wel de mijne om je vol te laden tot je schouders braken.
Iz allez goed, mevrouw? Draai me om en staar in de bezorgde ogen van een kleine Turkse 50’er. Nee, helemaal niet, wilde ik uitroepen, maar zijn blik op de ravage die ik achtergelaten had, was voldoende om mij direct een voorstel te doen naar de supermarkt te lopen en daar een nieuw plastic tasje voor me te halen. Halleluja, of Insjallah, zou de lieve man het liefst een warme kus geven in de kou, maar weg was ie. Om 5 min later terug te komen met een nieuw tasje en de vraag of hij me nog verder kon helpen met het dragen van de besmeurde ballast.
Blij op de fiets hoopte ik stilletjes dat het lege appartement naast me verhuurd zou worden aan een Turks gezinnetje. Of in ieder geval geen hongerige yup. BloedbadHet was niet jouw zwakte, maar wel ?de mijne om je ?vol te laden.