Door: Edward Deiters
Gepubliceerd: woensdag 10 oktober 2007 22:22
Update: woensdag 10 oktober 2007 22:27
In zeven jaar van nul naar een miljard euro omzet. Zonnecellen-fabrikant Solland Solar wil het gaan waarmaken. ‘Dit is veruit de grootste groeimarkt.’
‘De zon levert jaarlijks 3.000 keer de energiebehoefte van de hele wereld’, zegt Gosse Boxhoorn. ‘Wil je de hele wereld op zonne-energie laten draaien dan moet je het oppervlak van Frankijk benutten. Dat lijkt veel, maar als je in Nederland alle daken op het zuiden voorziet van zonne-panelen dan zou ons land al ruimschoots op zonne-energie kunnen functioneren.’
Oud-Shell manager Boxhoorn (54) begon eind 2003 zijn bedrijf Solland Solar, dat zonnecellen produceert. ‘Dit is veruit de grootste groeimarkt’, zegt Boxhoorn. ‘De vraag naar energie per huishouden neemt nog steeds toe, de klimaatverandering vraagt om schone, alternatieve vormen van energie en 40 procent van de wereldbevolking heeft nog niet eens energie.’
Een en ander vertaalt zich in cijfers die de gemiddelde boekhouder bij een eerste controle haast niet zou geloven. ‘Dit jaar zetten we tachtig miljoen euro om, volgend jaar meer dan tweehonderd miljoen en in 2010 moet dat een miljard euro zijn. We hebben tot 2015 al 50 procent van onze te bouwen capaciteit verkocht.’
Toch was de start niet makkelijk. ‘We begonnen in een periode van slechte economie en de venture capitalwereld lag op zijn achterste’, zegt Boxhoorn. ‘Bij Shell hadden ze net de stekker uit de Nederlandse zonne-energie activiteiten getrokken. Dus we hadden niet echt een verhaal waar investeerders warm voor liepen.’
Maar hij had wel twintig miljoen euro nodig om zijn zonnecellenfabriek neer te zetten. ‘Of ik dat niet met een miljoen kon doen, vroegen sommige investeerders.’ Boxhoorn lacht: ‘Nou nee dus. Toen zijn we gaan denken hoe we ook de steun van de nationale overheid konden krijgen. Verschillende vestigingsplaatsen leverden niet het gewenste resultaat op, tot een relatie van ons aankwam met het idee om letterlijk op de grens van Duitsland en Nederland te gaan bouwen. En zo kwamen we op het Avantisterrein in Heerlen terecht.’
De landsgrens loopt letterlijk door het fabrieksgebouw van Solland Solar heen: de ene kant is Heerlen, de andere kant Aken. ‘Als je bij ons door de fabriek loopt, is in het tapijt met een rode lijn de grens aangegeven’, grinnikt Boxhoorn. Het was een hoop gedoe, dat volgens Boxhoorn regelmatig tot slapeloze nachten leidde. Je vestigen in twee landen is eigenlijk vragen om moeilijkheden. Een voorstudie door Ernst & Young liet zien dat er 264 tegenstrijdige wetten waren. Dat moest allemaal opgelost worden met de juridische afdelingen van Aken en Heerlen. Milieuaspecten, bouwvoorschriften, brandveiligheid et cetera. Toch loonde het: Solland Solar kreeg bij de start een subsidie van 3,5 miljoen euro van Nederland èn Duitsland. ‘Dat trok een aantal andere investeerders over de streep, en uiteindelijk ook de banken.’
Zelf investeerden Boxhoorn en een paar collega’s ook flink mee. ‘Dat was een zeer groot risico, hypotheek verhogen, dat soort dingen.’ Zijn gok heeft zich inmiddels dubbel en dwars terugbetaald. ‘We hebben 90 procent verkocht aan het Zeeuwse nutsbedrijf Delta en het geld opnieuw geïnvesteerd. Er zit van ons nu heel veel geld in de verschillende bedrijven.’
Nu Solland Solar alle groeiscenario’s verplettert – ‘we zijn nu contracten aan het tekenen tot 2019’– heeft Boxhoorn zich alweer op nieuwe projecten gestort. Die hebben te maken met de twee grootste problemen van het bedrijf: het vinden van genoeg gekwalificeerd personeel en het bemachtigen van voldoende silicium, de grondstof voor de productie van zonnecellen.
‘De komende jaren moeten we 200 man per jaar aannemen. Dus willen we samen met het Energie Centrum Nederland (ECN) nu een Solar Academy opzetten om specialisten op te leiden.’ Daarnaast wordt ook het siliciumprobleem voortvarend getackled. ‘We bouwen nu met The Silicon Mine (TSM) de eerste siliciumfabriek in Nederland. In 2009 moet hij operationeel zijn.’
In het beginstadium is de fabriek goed voor 3.750 ton solar grade silicium per jaar, dat is 5 procent van de geschatte wereldmarkt in 2010. Het project biedt werk aan ongeveer 400 personen en 50 procent van de productie zal naar leveranciers van Solland Solar gaan. De rest wordt verkocht aan derden.
Met de bouw is een mega-investering gemoeid: circa 400 miljoen euro. ‘De volledige financiering moet nog worden afgerond, maar de eerste tien miljoen kwam al een stuk makkelijker voor elkaar dan de twintig miljoen voor Solland’, zegt Boxhoorn lachend. ‘Men weet nu wie we zijn.’
‘Hoe groen ik zelf ben? Nou, ik scheid keurig mijn afval. Verder heb ik een veel te groot huis en eigenlijk ook de verkeerde auto’s. Maar onze investeringen in duurzame energie compenseren dat meer dan volledig. We moeten in deze wereld toch proberen te leven zonder een al te grote footprint achter te laten.’