Door: Chantal Groothengel
Gepubliceerd: vrijdag 13 maart 2009 00:06
Update: vrijdag 13 maart 2009 00:44
Jonge sollicitanten laten zich niet van de wijs brengen door de crisis. Ze eisen nog steeds een dik salaris en een uitdagende baan.
Amerikaanse hoogopgeleide jongeren hebben de hoop op een vetbetaalde baan al opgegeven. Nu de werkloosheid omhoog vliegt, nemen ze genoegen met een laag salaris of een baan ver onder hun niveau.
Jongeren in Nederland trekken zich echter niks aan van de recessie, blijkt uit onderzoek van minister André Rouvoet (Jeugd & Gezin). Bijna 80 procent zegt niet bereid te zijn een stapje terug te doen in hun eisen of wensen voor een nieuwe baan. Dat is opmerkelijk omdat 70 procent wel denkt dat het nu lastiger is om werk te vinden.
Reden van hun vasthoudendheid: ‘De jongeren zijn opgegroeid met het idee dat als ze iets willen, ze daar ook echt voor moeten gaan’, zegt Bas van de Haterd, zelfstandig adviseur op het gebied van recruitment. ‘Ze zien in de recessie geen reden om hun droom zomaar op te geven.’ Keken oudere generaties vooral naar wat zij voor een bedrijf kunnen betekenen, de nieuwste generatie draait dit om. ‘Ze willen dat het bedrijf hen kansen geeft om zich te ontwikkelen. Ook bij het salaris gaan ze uit van zichzelf en eisen gewoon het bedrag dat ze nodig hebben om te leven en uit te gaan’, zegt Hein Pieter Okker, senior manager bij arbeidsbemiddelingsbureau Robert Half International.
Hoewel bedrijven nog steeds staan te springen om jonge hogeropgeleiden, is de markt toch al aan het veranderen. Uit gegevens van het CBS blijkt dat de werkloosheid onder jongeren de afgelopen maanden met 8 procent is toegenomen. Okker: ‘Lichtpuntje is dat de werkloosheid hier nooit zo hoog wordt als in Amerika’.
Flexibel
Jongeren moeten op termijn wel hun eisen bijstellen, verwacht Okker. Al is het alleen al omdat de mensen die hen moeten aannemen van een andere generatie zijn. ‘Zij vinden dat de jongeren zich in crisistijd best wat flexibeler kunnen opstellen en ook op financieel gebied even genoegen moeten nemen met minder.’
Sommige sollicitanten ondervinden dat nu al aan den lijve. ‘Eerst willen ze de baan niet, omdat die te weinig betaalt. Maar twee maanden later bellen ze alsnog op dat ze het bod toch accepteren. Maar dan is de baan tot hun teleurstelling al vergeven’, zegt een recruiter bij een sales-werving- en selectiebureau die niet met zijn naam in de krant wil.
Toch is eisen stellen niet verkeerd, vindt Van de Haterd: Mensen met ballen hebben de halve wereld. Dus waarom niet eerst voor het hoogste gaan?’ Uiteindelijk profiteren de bedrijven er ook van als hun jonge werknemers een baan hebben die ze echt leuk vinden. ‘Dat zorgt ervoor dat ze beter en efficiënter werken.’ En de vasthoudendheid van sollicitanten kun je ook zien als positief. ‘Ze willen blijkbaar veel moeite doen voor de ideale baan.’