Door: Eveline Domevscek 
Gepubliceerd: zondag 26 juli 2009 22:21
Update: maandag 27 juli 2009 06:14
Tegenwoordig is het vreemd als je níet in deeltijd werkt. Waar zijn de echte workaholics toch gebleven? De Pers zocht en vond ze. ‘Mijn ambitie is mijn grootste vijand.’
Het is treurig gesteld met de ambitie van de Nederlander. We zijn Europees kampioen deeltijdwerken en bijna niemand wil nog een topfunctie vervullen. Al helemaal niet als het privéleven er onder lijdt. Zijn er dan écht geen workaholics meer? Mensen die niet stipt om vijf uur uitklokken? Oh, jazeker wel. Een kunstenaar, twee consultants, een ambtenaar en twee managers over hun 80-urige werkweken.
Menno Jonker (40)
glaskunstenaar en ontwerper
Ik ben freelancer. Ik gá nooit naar mijn werk, trek nooit de deur achter me dicht, ook geestelijk niet. Mijn ambitie is mijn grootste vijand. Ik kan hem maar niet loslaten. Ik heb net de opdracht gekregen om een sculptuur voor de mooiste spa van de wereld in Londen te ontwerpen. De opdrachtgever laat me heel vrij, maar dat heb ik liever niet. Ik heb ook tegen hem gezegd: ik wil liever dat je me beperkt, anders blijven de beelden zich maar opstapelen in mijn hoofd. Na zo’n opdracht gaat mijn hoofd er met zoveel ideeën vandoor.

Menno Jonker: ‘Ik heb een soort haastgevoel.’ Foto: Kick Smeets
Begrijp me niet verkeerd, als ik het goed regel, is het fantastisch. Naast glas ontwerp ik ook textiel, kleden, lampen en huizen. Zo heb ik een tijd geleden een huis in Marokko ontworpen. Daarvoor heb ik een aantal Marokkaanse huisvrouwen kleden laten knopen. Dan hebben zij iets te doen en verdienen ze ook nog wat. Dat raakt me. Naast mijn ontwerpen zit ik in een aantal denktanks, ben ik bestuurslid van museum Het Schip en schrijf ik een boek over de Amsterdamse School. Het moeilijke is vaak om de discipline te vinden om niets te doen. Ik vergeet ook wel eens te eten ’s avonds. Dat is niet erg. Dan hoef je het eten ook niet te verwerken, en kun je weer beter doorwerken.
Mijn ouders zagen mijn creativiteit al vroeg. Zij raadde me aan de reclame in te gaan zodat ik er nog wat mee zou verdienen. Mijn vader is overleden toen ik achttien was, mijn moeder vijftien jaar later. Ik denk dat ik daardoor een soort haastgevoel heb, dat ik zo snel mogelijk zoveel mogelijk moet realiseren. Ik ben zelf ook al veertig...’
George Rietbergen (43)
general manager, Goodyear Benelux
Als ik niet oppas, haal ik die tachtig uur per week wel. Mijn kantoor zit in Antwerpen. Twee avonden in de week blijf ik daar. De overige dagen rijd ik terug naar mijn huis in Heemstede. Zeker in deze crisistijd is het druk. Als general manager moet je weten wat er speelt, bij je klanten, je winkels, je personeel. Daar heb je tijd voor nodig. Maar eigenlijk heb je de zaken goed op orde als je het ook in vijftig tot zestig uur kunt doen. Als je het daarbij laat, ben je scherper. Daarom stuur ik mijn personeel ook wel eens naar huis als ik zie dat ze te veel werken. Natuurlijk hoor je dan wel eens: dat moet jíj zeggen. Maar ook ik ben steeds kritischer geworden over mijn tijdsplanning. Voor een vergadering trek ik nu niet meer een uur uit, maar drie kwartier.
Natuurlijk doe ik ook concessies. Ik zou heel graag goed willen golfen, maar dat lukt nu niet. En ik ben een fervent pianospeler, maar het oefenen schiet er nog wel eens bij in. Het risico van veel werken is dat de laatste die je ziet je kinderen zijn. Daarom probeer ik op de dagen dat ik naar huis ga redelijk op tijd te zijn om met ze te eten. Na het eten gaat dan wel weer de computer aan.
Op dit moment zit ik in de auto op weg naar Italië. Alleen. Mijn vrouw en kinderen gaan met het vliegtuig en ik kan in de auto rustig wennen aan de vakantie en nog wat mensen bellen. Dat doen we al jaren zo. Ondernemen stopt niet om vijf uur of op vakantie, daar is het veel te leuk voor.’
Roel Lauwerier (32)
adviseur bij Actal en fractievoorzitter VVD Tilburg
Door de combinatie van mijn raadswerk en mijn baan bij Actal werk ik absurd veel. Maar juist die combinatie vind ik fantastisch. Bij Actal zie ik wetsvoorstellen in een heel vroeg stadium voorbijkomen, die toetsen we op regeldruk en administratieve lasten. Dus: voorkomen dat mensen en bedrijven met onnodige regels te maken krijgen. Zonder daarbij aan het politieke doel te komen. Voor de fractie ben ik heel direct en concreet bezig. Dan zit ik ’s avonds weer bij een bewonersvereniging of sportclub aan tafel. Voor beiden ben ik zo’n veertig uur in de week bezig. Maar je moet geen uren tellen. Dat zou betekenen dat je het tegen heug en meug doet.
Als ik ‘s avonds van mijn werk in Den Haag naar Tilburg reis, begint mijn ‘avondprogramma’. Dan heb ik vergaderingen, lees raadsstukken, noem maar op. En op woensdag- en vrijdagavond ligt de raadspost in de brievenbus. Of zoals laatst, toen we een referendum in Tilburg hadden over de komst van een grote shopping mall. Dan zit mijn weekend vol met gesprekken met inwoners, ondernemers en debatten. Maar daar houd ik van. Bij mijn ouders thuis discussieerden we ook veel. Van hen heb ik de houding meegekregen: je kunt aan de zijlijn blijven staan zeiken, maar je kunt er ook daadwerkelijk iets aan doen. Dat doe ik. Het publieke belang is mijn drijfveer. En ik moet plezier hebben in alles wat ik doe. Je kunt dan wel moe zijn, maar je moet wel kunnen blijven lachen.
Natuurlijk scheelt het dat ik geen thuisfront heb. Niemand die klaagt dat ik er te weinig ben. Ook sta ik niet meer wekelijks in de kroeg. Maar zo af en toe heerlijk met vrienden eten en drinken, daar maak ik wel tijd voor. Mijn agenda mag dan vol zitten, ik blijf een bourgondiër.’
Maurits Roestenberg (38)
senior manager Accenture
Ik ben veel onderweg. Dat komt niet alleen omdat ik in Antwerpen woon en ons hoofdkantoor in Amsterdam zit, maar ook omdat ik veel bij klanten langsga. Omdat ik niet de hele dag vanuit ons hoofdkantoor hoef te werken, maar flexibel ben, helpt me dat wel om de workload te managen. Veel telefoongesprekken spaar ik op voor als ik ’s ochtends naar mijn eerste klant rijd of voor de terugweg naar huis.
Doordat we een internationaal bedrijf zijn, werk ik vaak met mensen in andere tijdzones. Follow the sun, zeg maar. Een gevolg daarvan is dat je altijd mail krijgt. Bij ons heerst de cultuur dat – ook al zet je om tien uur ’s avonds een vraag uit per mail – je bijna altijd antwoord kunt verwachten. Dan zorg je er zelf ook wel voor dat je responsive wordt. Natuurlijk ben ik wel eens momenten ‘uit de lucht’. Gisteravond zat ik met mijn vriendin te eten op een terras. Mijn blackberry lag op tafel dus ik zag de mailtjes wel binnenkomen, maar ik doe er dan even niets mee.
Ik heb altijd een drive gehad. Het is lekker om net even een stapje verder te zetten en te kijken wat je kunt realiseren. Dan helpt het als je wordt gesteund door je omgeving. Niet als je collega’s steeds om vijf uur het pand verlaten, zoals ik in het verleden wel eens zag. Het op tijd opleveren van projecten brengt druk met zich mee. Maar als dat goed verloopt volgt er rust. Relatieve rust. In zo’n periode werk ik nog zo’n vijftig uur per week. Maar ik kom wel tot rust. Zo probeer ik de weekenden met mijn vriendin te besteden. Het fijne aan wonen in Antwerpen is dat je in heel andere regio bent. Als ik thuis ben, is het vakantiegevoel nooit ver weg. Dat wil zeggen: als ik in mijn tuintje zit, niet als ik in mijn kantoor thuis achter mijn laptop zit.’
Mieke de Bock (58)
senior consultant, adviesbureau De Bock & Dekker
Ik houd pas op met wat velen werk noemen als ik dood ben of als mijn zintuigen niet meer werken. Die heb ik namelijk nodig om alles wat ik zie te analyseren. Ik ben continu bezig mezelf de vraag te stellen: wat ik zie, hoe communiceert dat? Ik adviseer bedrijven, maar ik geef ook les en ik vertel wat een merk uitstraalt en wat het kán uitstralen. Mijn werk houdt nooit op. Daarom ben ik ook een ‘workaholic’, dat ben ik altijd al geweest. Het zit in de aard van het beestje. Maar ook ik houd van een bepaalde regelmaat: zo moet er ontbeten worden én wil ik niet dineren ná tien uur ’s avonds. Als er na elf uur ’s avonds zakelijk wordt gebeld, ben ik geneigd niet meer op te nemen, maar vaak ben ik te nieuwsgierig dus dan doe ik het toch.

Mieke de Bock: ‘Het scheiden van werk en privé is hopeloos ouderwets.’ Foto: Kick Smeets
Ik mag dan geen kinderen hebben en geen vaste relatie, maar ik heb wél een intensief sociaal leven. De mensen die ik aantrek zitten veelal in hetzelfde wereldje. Het zijn ook creatieve denkers die oplossingen willen vinden voor de huidige problemen. Mensen kunnen zenuwachtig van me worden, omdat ik altijd en overal met mijn vak bezig ben en iedereen altijd van boven tot onder scan. Mijn vrienden zijn dat wel gewend. Maar hé, ik ben een trendwatcher en het scheiden van werk en privé is zo hopeloos ouderwets.
Om te ontspannen heb ik nu een groenteveldje, daar ga ik ’s avonds even een krop sla scoren. Bovendien is het ook ‘in’ om met de natuur bezig te zijn.’
Managen in deeltijd
De tijd dat managers alleen aan de bak kwamen als fulltimer is voorbij. Waar
werkgevers eerst nog terughoudend waren tegenover de deeltijdmanager staan ze
tegenwoordig meer open voor parttimers in een managementfunctie. Tot deze
conclusie komt bestuurder Eddy Haket van de vakcentrale MHP naar aanleiding van
de nieuwste cijfers van het Centraal Bureau voor de Statistiek.
JeugdwerkloosheidDe jeugdwerkloosheid in de
EU-landen is fors toegenomen. In het eerste kwartaal van 2009 zaten vijf miljoen
jongeren (tussen de 15 en 24 jaar) zonder baan. Een jaar eerder waren dat er nog
een miljoen minder. Dit meldt Eurostat, het statistische bureau van de EU.
Vooral Spaanse jongeren hadden pech: 33,6 procent van hen zat werkloos thuis.
Nederland scoort met 6 procent werkloze jongeren het laagst.
CrisisDeeltijdwerk is nu
met de economische crisis een oplossing voor een overschot aan mankracht, maar
zorgt over een paar jaar voor nieuwe problemen. Dan ontstaat, mede door de
vergrijzing, een tekort aan personeel. Dat zegt Ndo Ntoane van de Taskforce
DeeltijdPlus, die is ingesteld door het ministerie van Sociale Zaken om te
adviseren over hoe vrouwen gestimuleerd kunnen worden meer te gaan werken.
Ntoane wijst erop dat sectoren waar veel vrouwen werken, zoals het onderwijs en
de zorg, ondanks de crisis groeiende personeelstekorten hebben. In andere
sectoren doen veel werkgevers juist een beroep op de deeltijd-WW, waarmee
bedrijven tijdelijk hun personeel met behulp van WW-uitkeringen minder kunnen
laten werken. Het grote beroep hierop laat volgens Ntoane zien dat werkgevers
beseffen dat het straks weer lastig is om vakkrachten te vinden. Nog maar kort
geleden hadden werkgevers namelijk de grootste moeite om geschikte werknemers te
vinden.
Hardwerkende dominee De term ‘workaholic’ is geïntroduceerd in 1968 door
de Amerikaanse dominee Wayne E. Oates in een artikel in vaktijdschrift Pastoral
Psychology.
Hardwerkend Esso-personeel Andere bronnen zeggen dat psycholoog
Richard Evans de term in 1960 voor het eerst gebruikte om overwerkte medewerkers
van Esso te beschrijven.
Hardwerkende Lohan ‘Ik ben de hardst werkende persoon
die ik ken. Ik ben een workaholic. Als ik niet werk, raak ik op creatief gebied
gefrustreerd’, aldus actrice Lindsay Lohan.
Ongepast! Op Britse kantoren gelden
minder kledingvoorschriften, dus verschijnen vrouwen vaak te bloot op het werk,
stellen kledingexperts.
Foei! Bijna 30 procent van de Luxemburgse werknemers
geeft toe regelmatig te pronken met de verdiensten van collega’s.

George Rietbergen

Roel Lauwerier

Maurits Roestenberg