Door: Julien Althuisius & Edward Deiters
Gepubliceerd: dinsdag 22 juni 2010 23:39
Update: woensdag 23 juni 2010 09:35
Leuk, die gratis diensten, maar je dossier bij Google groeit dagelijks.
Google en privacy. Het is weer zover. Dinsdag werd bekend dat Google met zijn Streetview-auto’s niet alleen maar beelden en gegevens van Franse wifi-aansluitingen verzamelde, maar ook wachtwoorden van e-mailaccounts en flarden van e-mailberichten. Tot deze ontdekking kwam de Franse privacywaakhond CNIL.
Eerder deze maand maakte Google bekend dat de Streetview-auto’s per ongeluk al jarenlang persoonlijke gegevens verzamelden die werden verstuurd over de (onbeveiligde) draadloze netwerken waar ze langsreden.
Google beloofde de gegevens te wissen en was daar al aan begonnen, maar diverse Europese lidstaten eisten dat Google stopte met ‘het vernietigen van bewijsmateriaal’ en de verzamelde gegevens overdroeg ter onderzoek. Frankrijk is nu de eerste die met resultaten naar buiten komt.
Het is de zoveelste privacyrel rond Google. Kevin Bankston, de hofadvocaat van de Amerikaanse privacywaakhond Electronic Frontier Foundation omschreef het bedrijf onlangs als volgt: ‘Google maakt zo’n beetje een printje van wat er in je hersenen gebeurt: wat je denkt, wat je koopt, met wie je praat en waarover’.
Overdrijft hij? We namen de proef op de som en bekeken – in Google Dashboard – de gegevens van onze eigen Gmail-accounts. Als gebruikers van onder meer Google’s betalingssysteem Checkout, de agendadienst, en fotoapplicatie Picasa was het echt schrikken wat er allemaal over ons op de Google-servers rondzwerft. Om te beginnen onze leeftijd en complete naam- en adresgegevens. Daarnaast creditcardgegevens en de laatste aankopen die ermee zijn verricht. Logisch, denk je dan, maar het gaat verder.
Een stuk verder: Google weet dat en wanneer we gaan eten bij Stijn, dat we eergisteren gechat hebben met Anne, ons bezighielden met een zonnebril voor de zomer en een vraag stelden over automatische incasso. Verder hebben we 841 openbare foto’s online staan. (Geen schunnigheid, maar we waren zelf ook een beetje verbaasd over de hoeveelheid). Ook onze webgeschiedenis is interessant. We zien welke zoektermen en afbeeldingen we recent bekeken en welke producten – vorige week gespeurd naar een nieuwe koptelefoon – en welke video’s we onlangs opzochten. We hebben 1.120 contactpersonen, van wie de meestgebruikte Stefan, Dennis en Jelte zijn, inclusief hun e-mailadressen. En nogmaals: onze eigen schuld, we hebben onszelf immers aangemeld en overgeleverd aan Google. Toch is een en ander goed voor een aardig dossier, compleet met plaatjes en een stukje psychologie.
Volgens Joris van Hoboken, juridisch onderzoeker op het Instituut voor Informatierecht, is dit nog maar ‘het topje van de ijsberg’. ‘Daaronder ligt nog een hele berg aan informatie over wat voor services je gebruikt, waar je nou precies op klikt; nog veel meer ruwe data die ook betrekking hebben op je gedrag.’
Kortom, Google weet beter wie we zijn dan wijzelf en bestookt ons daardoor heel gericht met allerlei commercie waarvan we zelf niet eens wisten dat we het nodig hadden.
De hamvraag is natuurlijk of al onze informatie wel veilig is bij Google. Wat doet het bedrijf bijvoorbeeld als de overheid aanklopt op zoek naar onze gegevens? ‘Het antwoord is in eerste instantie altijd nee’, zegt Google-woordvoerder Alistair Verney. ‘Maar wij moeten ook aan de wet voldoen. Als wij een bevel krijgen van de rechter, dan zijn wij verplicht daar aan te voldoen.’
Paswoorden en bankgegevens
Internetzoekmachine Google
riskeert vervolging in Frankrijk nadat het ‘per ongeluk' gegevens van
internetgebruikers heeft onderschept bij het verzamelen van data voor
zijn Streetview-dienst. Het Franse
databeschermingsagentschap CNIL heeft Google nu gevraagd om alle
gegevens die zijn verzameld over te maken om te zien of er inbreuken op
de privacywetgeving zijn gepleegd. Zo zou Google onrechtmatig
informatie hebben verzameld van wifi hotspots. Het bedrijf registeert
de wifi-hotspots om lokale diensten in kaart te brengen, maar zou
daarbij ook privé-gegevens als e-mails, bankgegevens, medische
gegevens, paswoorden en de internetgeschiedenis van bewoners hebben
verzameld die ingelogd waren op onbeschermde netwerken.

Censuur?
Censuur op internet? Een beetje inwoner van een dictatuur trekt zich daar niets van aan.
Gewoon even proxy’en en VPN’en – eitje!
Google verzet zich kranig tegen de internetcensuur in China. Het is
een hobby van zowat iedere totalitaire staat: internet filteren. En
zelfs democratischer landen als Thailand en Australië censureren er
tegenwoordig op los. Geen probleem: dat is eenvoudig te omzeilen. Als
je maar weet hoe. En, in sommige landen, bereid bent je leven te
riskeren.
ProxyserverHet makkelijkst is om gebruik te maken van een proxyserver. Stel:
een Chinees wil weten wat de dalai lama recent speechte. Door de proxy
laat hij het internetfilter denken dat hij uit bijvoorbeeld Duitsland
komt. Bovendien wordt de inhoud van de webpagina’s versleuteld. Het
filter herkent de tekst dan niet meer als een speech van de dalai lama,
en denkt bovendien dat het om een Duitse internetter gaat. Het is een
populaire methode: ‘proxy’ domineert in China de top van meest gezochte
termen.
Censuur is overal
Noem internetcensuur en veel mensen denken direct aan China.
Niet de chefs van de grote internetbedrijven in Silicon Valley. Vraag
hen welk land hen op dit moment zorgen baart en je krijgt een
verrassend antwoord:
Australië.
In naam van de strijd tegen kinderpornografie heeft de Australische
Labourregering van premier Kevin Rudd strengere internetfilters
ingesteld dan waar ook in de democratische wereld. Veel
internetbedrijven zien dit als een glijdende schaal.
Jurist David Drummond van Google, dat onlangs met China in de clinch
lag over het gebrek aan vrijheid op internet in dat land, waarschuwde
onlangs: Rudd zou alle content willen blokkeren die in zijn ogen
beledigend is voor het christendom. ‘Dat is een hellend vlak’, zei
Drummond. China daarentegen kon de maatregelen van Rudd wel waarderen
en gaf Australië een complimentje.