Door: Edward Deiters 
Gepubliceerd: woensdag 8 september 2010 23:55
Update: donderdag 9 september 2010 00:20
Met schakelen en stapelen levert het Montfoortse bedrijf Jan Snel tijdelijke accommodatie.
Harry van Zandwijk duwt een deur open. ‘Dit is onze boardroom’, zegt hij. ‘Hier houden we de moeilijke vergaderingen. Haha, we zitten hier dus bijna nooit.’ Het kantoorgebouwtje dat hij laat zien, staat pal naast het hoofdkantoor van zijn bedrijf in Montfoort. ‘Wij hebben dit pand ooit gebouwd als een tijdelijk verzorgingstehuis in Nederhorst den Berg. Toen het niet meer nodig was hebben we het opgepakt, gerenoveerd en hier neergezet.’
Het familiebedrijf Jan Snel, waar hij samen met zijn vrouw Jacqueline en zijn zwager de scepter zwaait, is een van de grootste leveranciers van tijdelijke huisvesting in Nederland. Je zou het bedrijf kunnen vergelijken met een hele grote doos vol Legoblokken. Alle losse delen worden in de eigen fabriek gebouwd en op de plaats van bestemming aaneengesmeed tot tijdelijke scholen, ziekenhuizen en kantoren, maar ook tot mobiele hotelkamers en wooncontainers voor studenten. Van Zandwijk: ‘70 procent van wat wij neerzetten halen we na verloop van tijd ook weer weg.’
Skelet
In een van de fabriekshallen wijst hij op een vierkant bouwsel. ‘Daarin komen twee geldautomaten van de Rabobank. Dat hele ding wordt beplaat met staal en vervolgens ergens aan de grond verankerd.’ Ernaast staat een glazen gebouwtje. ‘Dat is een stationskiosk. Die is net teruggekomen. We knappen hem weer helemaal op en kunnen hem dan zo weer ergens in één nacht een perron opschuiven.’
In een volgende hal staan zo’n twintig bouwkeet-achtige gevallen. Ze hebben allemaal hetzelfde skelet, sommige ingericht als kantoor of schaftkeet, andere als toiletruimte. ‘Alles is schakelbaar en stapelbaar. Van deze hebben we er ruim twaalfduizend’, zegt Van Zandwijk. ‘En er zijn er nu maar 110 niet verhuurd.’
Later, in zijn directiekamer, wijst hij op de muren. ‘Zelfs dit pand is in theorie in zijn geheel te verplaatsen. Het is volledig modulair gebouwd.’ Vervolgens pakt hij zijn laptop en scrolt hij als een razende door een serie foto’s. ‘Deze sporthal hebben we in 2,5 maand neergezet. Als je die gewoon bouwt, ben je zeker 4 maanden bezig. Dan heb je bouwvakkers, schilders en loodgieters nodig en staat zo’n ding voor altijd muurvast op dezelfde plek. Wij doen dat allemaal hier in huis.’ Een asielzoekerscentrum flitst over het scherm, een gebouwtje waarin Limburgse drugsgebruikers hun methadon kunnen afhalen, een onderzoekslaboratorium voor TNO en een 4.000 vierkante meter tellende polikliniek bij het Amsterdams Medisch Centrum (AMC). ‘Die heeft twee verdiepingen, compleet met roltrappen en liften, en de uitstraling en comfort van een permanent gebouw. We zetten het in vier maanden neer en het zal in ieder geval zes jaar blijven staan.’
Vaak is er haast bij. Zo kwam er in 2004 een Belg op slippers bij Jan Snel binnenlopen. ‘Hij vroeg of we binnen zes weken een dorp konden neerzetten waar 3.000 Amerikaanse militairen en de hele organisatie van de herdenking van D-Day in Normandië kon bivakkeren. In een maand hebben we toen 500 units in de duinen bij Utah Beach neergezet. Eten, douchen, slapen: alles binnenshuis. Na één dag waren Bush en Chirac weer vertrokken en konden we de hele boel weer inladen.’
Op dit moment bouwt Jan Snel aan Hotel at Work, het grootste tijdelijke hotel van Nederland. Het biedt in de loop van dit jaar tweeduizend slaapplaatsen voor het personeel dat werkt aan de aanleg van de tweede Maasvlakte. ‘Al die – veelal buitenlandse – werknemers woonden tot voor kort in pensions, huurpanden, schuren, of caravans in de omgeving’, zegt Van Zandwijk. ‘Wij runnen daar nu een compleet dorpje met winkels, restaurants en sportfaciliteiten. In vier maanden zat het vol en het groeit nog iedere week. We zitten nu op acht blokken van 60 units, daarin slapen al 580 man. Ze stappen de deur uit en zijn meteen op hun werk. Ideaal, zeker als ze straks ook nog aan de A15 gaan sleutelen. Dan wordt het daar in de omgeving één grote verkeerschaos.’
Wedstrijd
De Olympische Spelen in Vancouver en het golftoernooi KLM Open staan al op de referentielijst. Nu aast hij op de Olympische Spelen van 2014 in het Russische Sotchi. ‘Daar is he-le-maal niets’, zegt hij lachend. ‘Dus daar willen wij graag een handje bij helpen door er een heel tijdelijk dorp neer te zetten.’
Het is mooie handel. De omzet van Jan Snel bedroeg vorig jaar 105 miljoen euro en zal dit jaar volgens Van Zandwijk groeien naar 120 miljoen euro. Toch is hij doorgaans niet iemand die al te ver vooruit kijkt. ‘Ik zie elke opdracht als een wedstrijd en kan slecht tegen mijn verlies. Wij proberen gewoon alle kansen te pakken die voorbij komen.’