Gepubliceerd: zondag 26 augustus 2007 11:14
Update: zondag 26 augustus 2007 22:50
Het aantal slachtoffers van de bosbranden die Griekenland sinds vrijdag teisteren, is zondag opgelopen tot zeker 57. Op het schiereiland Peloponnesos blies de opstekende wind het vuur verder in de richting van de opgraving Olympia. Duizenden mensen zijn voor de vuurzee op de vlucht geslagen.
Zaterdag riep de regering in het gehele land de noodtoestand uit. Premier Kostas Karamanlis maakte de maatregel aan het eind van de dag bekend in een televisietoespraak. Onder de slachtoffers van de branden bevinden zich ook kinderen. Vier van de slachtoffers zijn brandweerlieden.

In het zwaar getroffen westen van de Peloponnesos probeerde de brandweer zondag nog steeds uit alle macht dorpen te redden op enkele kilometers van Olympia. Militairen werden ingezet om brandgangen te graven. Een sproeisysteem werd in werking gezet om de opgraving te beschermen, dit kon echter niet verhinderen dat enkele bomen op het complex in de hens gingen. Het museum was echter veilig. Er stonden vijf brandweerauto's om het te beschermen. Minister van cultuur George Voulgarakis was naar oud-Olympia onderweg om daar persoonlijk de inspanningen om de oudheden te beschermen te coördineren, deelde het ministerie mee.
Mensen vluchtten in paniek uit hotels en dorpen in de omgeving. Een inwoner van het dorp Kolyri zei dat het vuur in drie minuten tijd twee kilometer had afgelegd. De bewoners van Kolyri werden zondagochtend geëvacueerd. Zeker zeven huizen brandden tot de grond af. Ook in het nabijgelegen Varvasaina werden enkele huizen in de as gelegd.
Nieuwe branden ontstonden in de regio Fthiotis in Midden-Griekenland, dat tot nog toe gespaard was gebleven. Een brandweerwoordvoerder zei dat de helft van het land in brand staat. "Dit is absoluut een ongekende ramp voor Griekenland", zei hij. Eerder zondag was de wind gaan liggen, wat de bluswerkzaamheden vergemakkelijkte en de brandweer hoop gaf op gunstige vooruitzichten, maar die hoop werd later de grond in geslagen toen de wind toch weer opstak.
De ergste bosbranden woeden in het zuiden van de Peloponnesos en op het eiland Evia, ten noorden van Athene. Enkele branden zouden zijn aangestoken. In totaal zitten zeven mensen vast op verdenking van al dan niet opzettelijke brandstichting, onder wie een 65-jarige man, die verantwoordelijk zou zijn voor een brand in Areopolis, in het zuiden van Peloponnesos, die aan zes mensen het leven kostte. Hem wordt ook meervoudige doodslag ten laste gelegd. In Kavala in het noorden van het land werden twee jongeren aangehouden die brand zouden hebben gesticht. Later zondag werden nog vier personen gearresteerd die onopzettelijk branden op Evia zouden hebben veroorzaakt.
De vuurzee naderde ook de tempel van Apollo Epikourios, een 2.500 jaar oud monument bij het stadje Adritsaina, in het zuidwesten van de Peloponnesos.
Een brand in Kalyvia, een gebied tussen Athene en Sounion, was vroeg zondag afgenomen, en 42 branden in verschillende delen van het land zijn onder controle. Zo'n duizend militairen zijn ingezet om de brandweer te helpen. Honderden mensen zijn geëvacueerd.
De meeste slachtoffers, zeker 37, vielen in de buurt van de plaats Zaharo op de Peloponnesos. Brandweerlieden vonden zaterdag kort na zonsopgang in uitgebrande huizen in het dorp Makistos tien lijken, waaronder die van een vrouw en haar vier kinderen. In de loop van zaterdag en zondag werden nog tientallen verkoolde lichamen gevonden in huizen, langs wegen en in auto's.
Vrijdag vroeg de regering de Europese Unie om hulp. Frankrijk en Italië hebben blusvliegtuigen naar Griekenland gestuurd. Drie Nederlandse helikopters zijn onderweg. Ook Duitsland, Spanje, Cyprus en Noorwegen, dat geen lid is van de EU, hebben hulp toegezegd.