Door: Remco Janssen
Gepubliceerd: donderdag 3 april 2008 00:12
Update: donderdag 3 april 2008 08:37
Lutz Pfannenstiel (34), globetrotter annex doelman, voetbalde op alle continenten. Antarctica is zijn volgende bestemming.
Pfannenstiel was klinisch dood en verkeerde in een hallucinerende droomwereld, in lala-land. Vergelijk het met een kind dat in een caleidoscoop kijkt. Zo’n wereld was het: witte en zwarte diamanten, verschillend van vorm, zwevend in één ruimte .
Zijn naam klinkt als die van een karakter uit een stripboek. De Duitser Lutz Pfannenstiel (braadpansteel in het Nederlands) leidde door zijn vele omzwervingen een leven dat geen enkele scenarist van een stripverhaal had kunnen bedenken. Der Lutzspeelde betaald, soms voor een fooi, soms voor bakken met geld, op alle continenten ter wereld. En dat voor een voormalig jeugdtalentje (nu 34) dat opgroeide in het kleine dorpje Zwiesel in Beieren, waar het prachtig wandelen en fijn skiën is en waar de mensen bodenständig zijn. Honkvast, in goed Nederlands.

Clubs van Pfannenstiel wereldwijd. | Bron: LutzPfannenstiel.de
De start van zijn wonderlijke carrière was er één zoals elk keepertje het wel zou willen. Hij kwam uit voor de vertegenwoordigende jeugdelftallen van Duitsland, vierde jeugdkampioenschappen in de academie van Bayern München en kon als 18-jarige sluitpost van een Regionalligaclub tekenen bij het grote Bayern. Als amateur, dat dan weer wel. Een contract als zoveelste reservekeeper, daar had hij geen geduld voor, verklaart hij per telefoon vanuit Brazilië, waar hij sinds deze winter uitkomt voor het Duitse immigrantenclubje Hermann Aichinger uit Ibirama.
Singapore
Met dat ongeduld begon in 1994 zijn ongewisse buitenlandse avontuur in Maleisië. Sindsdien meanderde zijn carrière van een gevangenis in Singapore, naar zijn eigen dood in Engeland, van Canada naar Nieuw-Zeeland (zijn twee favoriete landen), van Singapore naar Zuid-Afrika, van Armenië naar Albanië. Hij was kortstondig op proef bij AC Milan en kende een korte glorietijd bij Nottingham Forest – waar hij overigens tot z’n grote spijt nimmer in de hoofdmacht aantrad. Hij stond onder contract bij ongeveer 25 verschillende clubs, in zo’n vijftien verschillende landen.
De Duitse pers roemt hem als de ultieme mondiale voetballer. Hoe kon dat allemaal zo lopen? ‘Puur door toeval, eigenlijk’, aldus Pfannenstiel.
Niemand had tot eind vorige eeuw van de zonderlinge doelman gehoord, totdat hij ongewild de hoofdrolspeler werd in een frappant gokschandaal in Singapore. Pfannenstiel leefde als een vorst in de stadstaat, fungeerde als sterkeeper van Geylang United als expert op sportzender ESPN en woonde in een riant onderkomen aan een meer. Die weelde eindigde, na 46 duels onder de lat, in een krappe betonnen cel. Met een dozijn andere gevangenen na een veroordeling die zelfs CNN haalde.
Op een dag stapte een man, volgens Pfannenstiel ‘een doorsnee fan’, op de doelman af in een supermarkt. Zou zijn favoriete club het volgende potje winnen?, vroeg de man, die zijn weddenschappen wilde veiligstellen. Pfannenstiel stond de man vriendelijk te woord en antwoordde wat elke rechtgeaarde profvoetballer zou antwoorden. Uiteraard winnen we, verzekerde Pfannenstiel de ‘fan’. Een onschuldig ritueel, zo leek het, dat zich tot twee maal toe herhaalde.
Hoe kon Pfannenstiel weten dat de ‘supporter’ een van ’s lands beruchtste bookmakers was?
Mishandeling
Na een zaak om iets ogenschijnlijk onbenulligs – een mishandeling met een hockeystick – had deze zwendelaar het op een akkoordje gegooid met de Singaporese corruptiepolitie. In ruil voor de namen van bekende voetballers, naast de Duitser ook de Australiër Mirko Jurilj, zou hij vrijkomen. Zo’n megazaak kon de Singaporese overheid, wanhopig zoekend naar een succesje in de strijd tegen de goksyndicaten, niet laten lopen.
Prompt viel een arrestatieteam Pfannenstiels villa binnen. Agenten sloegen zijn woning kort en klein en pakten alles van hem af: huis, auto, kleren. Zijn bankrekening werd bevroren. Hij zat in voorarrest, met alleen zijn Adidas-broekje, -shirt en-schoenen aan zijn lijf.
Een piepjonge vrouwelijke rechter – van voetbal wist zij niets af – leidde de zaak. Vijf advocaten voerden maandenlang dagelijks een proces en voor de kosten, maar liefst vijfduizend dollar per dag, draaide hij zelf op. De aanklacht, ‘een verbale corrupte overeenstemming’, was niets meer dan een farce, bewijs voor omkoping was er niet. Pfannenstiel: ‘Ze hadden een zondebok nodig. En wij waren de uitverkorenen.’ Dat twee van de ‘verkochte’ duels gewonnen werden en één in een gelijkspel eindigde, deed niet ter zake, vond de jury.
Aan de grond
De doelman raakte ‘financieel, mentaal en fysiek’ aan de grond. Justitie bood hem een uitweg. ‘Beken schuld, dan zit je een paar weken in de bak en krijg je slechts een verwaarloosbare boete.’ Pfannenstiel weigerde, resoluut. ‘Ik zal nooit schuld bekennen voor iets dat ik niet heb gedaan.’
Hij belandde ondanks verwoede pogingen tot vrijspraak voor vijf maanden in ‘de ergste cel van de hele wereld’. In de gevangenis vocht hij met zijn vuisten voor elke kruimel eten – de kleine Aziaten legden het af tegen zijn westerse lichaam van 1 meter 86. Water dronk hij uit de wc, er waren martelingen, executies. Dikwijls overwoog hij zelfmoord.
Die inktzwarte periode overschaduwt zelfs Pfannenstiels eigen dood, dik twee jaar later als sluitpost van de Engelse derdedivisionist Bradford Park Avenue. Pfannenstiel stierf op het veld tijdens een Yorkshire derby tegen Harrogate Town, op Tweede Kerstdag van 2002. De keeper was uit zijn goal gekomen, had naar een hoge bal gesprongen – zijn grootste kwaliteit volgens zijn omvangrijke cv –waarna een aanstormende tegenstander (de naam is Pfannenstiel ontschoten) vol met zijn knie in Pfannenstiels middenrif beukte. Op de solar plexus, een plek die elk mens al na een klap fataal kan zijn.
Pfannenstiel zeeg ineen. Tot driemaal toe was hij klinisch dood, telkens brachten artsen in het ziekenhuis hem weer tot leven.
Zelf kan hij zich niets meer herinneren van dat ene moment. Hij verkeerde in een hallucinerende droomwereld, in lala-land. Vergelijk het met een kind dat in een caleidoscoop kijkt. Zo’n wereld was het volgens hem: witte en zwarte diamanten, verschillend van vorm, zwevend in één ruimte.
Hospitaalbed
Toen hij bijkwam, lag hij vastgebonden op een hospitaalbed. Hij schreeuwde: ‘Wat doe ik hier? Laat mij gaan. Ik wil de wedstrijd afmaken.’ ‘Je bent net klinisch dood geweest’, vertelde de arts hem. ‘Er is geen wedstrijd meer, die is afgelast.’ ‘Hoe kunnen ze dat nou doen?’, vroeg Pfannenstiel. ‘We stonden met 2-0 voor.’
Zijn verloren gewaande carrière geraakte sindsdien, via Nieuw-Zeeland en Canada, in relatief rustiger vaarwater, op een helse periode in Albanië na. Een avontuur als speler/manager in Armenië liep eveneens op niets uit. De beloofde miljoenen voor versterking van de selectie bleken net zo snel verdwenen als dat zij waren toegezegd.
Oorspronkelijk zou hij vanaf deze winter uitkomen voor Macaé Esporte FC. ‘Maar het leek wel een horrorfilm. Ik kreeg een huis in een van de ergste sloppenwijken van Rio de Janeiro.’ Dat was zelfs Pfannenstiel te gortig en hij leverde zijn contract in. Nu is hij in dienst van Hermann Aichinger, een Braziliaans semi-profclub uit Ibirama, in 1951 opgericht door Duitse migranten. ‘Een enkeling spreekt of verstaat zelfs nog een beetje Duits’, zegt Pfannenstiel geamuseerd.
Met z’n Braziliaanse dienstverband is een wereldrecord vervolmaakt: Pfannenstiel speelde op elk van de zes continenten met een eigen voetbalbond. Zijn zaakwaarnemers hebben het record gestaafd bij de FIFA, beweren zij.
Hij werkt inmiddels aan een boek over zijn boeiende levensloop. Filmproducent Warner Bros heeft een eerste optie op de rechten, zegt hij, voor een film losjes gebaseerd op zijn loopbaan. Het andere ‘projectje’ van de Duitser hangt daar nauw mee samen. Aankomende winter, als het zomer is op Antarctica, wil hij een benefietduel organiseren op de Zuidpool. Een All-Starteam van zijn beste vrienden zal uitkomen tegen het FC Hollywood van de voorzitter/acteur Anthony LaPaglia en voormalig Frans international Frank Leboeuf. Sterren als Russell Crowe en Leonardo DiCaprio worden nog benaderd, pocht Pfannenstiel. Het geld gaat naar een goed doel: de strijd tegen klimaatverandering.
Oud-prof Geert Brusselers (ondermeer NAC Breda) lacht zich suf om het nieuwste idee van zijn voetbalmaat, die hij vier jaar geleden leerde kennen bij Calgary Mustangs in Canada. Typisch Lutz. ‘Hij zit altijd boordevol met de wildste plannen. Vaak belandt wel weer één daarvan in de koelkast, of ergens onder in de vriezer, om vervolgens nooit meer boven te komen. Als het hem toch lukt? Dan ben ik zeker van de partij.’
Johan Koutstaal, de Nederlandse technisch directeur van de Nieuw-Zeelandse voetbalbond en al tien jaar goed bevriend van Pfannenstiel, is hoopvoller gestemd. ‘Het zou mij niet verbazen als het echt gaat gebeuren, hoor. Hij is er gek genoeg voor. Hij is van plan mij mee te nemen, als de coach van zijn vriendenelftal.’
Antarctica
Onderzoekinstituut Arctic Centre in Groningen vindt Pfannenstiels voornemen ‘de grootst mogelijke flauwekul’. ‘Weet u dat men volgens de Wet-Antarctica toestemming moet krijgen om er überhaupt heen te mogen?’, fulmineert professor Louwrens Hacquebord. ‘Voor dit soort dingen krijgt u die nóóit. Hier zit Antarctica – het is niet voor niets beschermd gebied – niet op te wachten.’
De tirade weerhoudt Pfannenstiel niet van zijn wens om te voetballen op alle continenten ter aarde. De Nieuw-Zeelandse regering (hij heeft aanzien als tweevoudig keeper van het jaar) zou volgens hem van zins zijn toestemming te verlenen om op kamp Scott Base te spelen, bijna vierduizend kilometer van het ‘vasteland’ van Nieuw-Zeeland. Woordvoerder Matt Vance van overheidsinstituut Antarctica New-Zealand laat per mail weten ‘niets te weten van dit voorstel’. Toestemming krijgen lijkt hem onwaarschijnlijk.
Onmogelijk is het niet, voetballen op de Zuidpool. Het kwik komt in de zomer zelden boven het vriespunt, maar dat mag de pret niet drukken. Wat Pfannenstiel betreft komt er ook geen kunstgras aan te pas. ‘We spelen gewoon op het ijs. Wat is anders nog de grap van het spelen van een voetbalwedstrijd op Antarctica?’