Door: Sanne Rooseboom 
Gepubliceerd: woensdag 29 oktober 2008 05:57
Update: woensdag 29 oktober 2008 07:35
Een kleiner olympisch dorp, clubeigenaren die miljarden verliezen en sponsors die de hand op de knip houden: de economische crisis infiltreert de Britse sportwereld.
In Oost-Londen, achter station Stratford, ligt een enorme zwarte berg aarde waar al een beetje gras op begint te groeien. Over vier jaar staan hier honderden appartementen voor de atleten van de Olympische Spelen. Hoe groot het olympisch dorp precies wordt, is niet duidelijk. Door de kredietcrisis slinkt het megalomane olympische plan zienderogen.
Het schermcomplex dat gebouwd zou worden, is al geschrapt. De basketbalhal in Hackney en de badmintonhal in Greenwich staan op de tocht. Het olympisch dorp zou wel eens een derde kleiner kunnen worden dan gepland. De atleten zouden volgens herziene plannen met z’n drieën op een kamer moeten slapen. Investeerders trekken zich terug, grote sponsors weten niet zeker of ze wel groots gaan sponsoren. En zo wankelen de Londense plannen voor Olympische Spelen die de Chinese versie zouden doen verbleken.
En het olympische evenement is niet het enige slachtoffer van de economische crisis in Groot-Brittannië. De eigenaars van verschillende Premier League voetbalclubs hebben miljarden verloren de afgelopen weken. Chelsea’s Roman Abramovich is volgens de financiële nieuwsbron Bloomberg 11,75 miljard pond kwijt geraakt door het ineenstorten van de Russische aandelenmarkt. Clubs zien de rand van de orkaan, noemde Lord David Triesman het, voorzitter van de overkoepelende Footbal Association. Ze zitten er niet in, maar ze zijn ook niet helemaal veilig.
West Ham United heeft het meest te verduren van de economische crisis. Volgens Britse kranten zou de Londense voetbalclub wel eens het eerste Premier League crisisslachtoffer kunnen worden. Eerst ging de shirtsponsor failliet, reismaatschappij XL. Toen klapte Landsbanki in elkaar, de IJslandse bank waar West Ham-eigenaar Bjorgolfor Gudmundson 40 procent van bezat. Directe effecten zijn er bij de club niet te merken, volgens de voorzitter. De club zet geen topspelers te koop en zoekt geen nieuwe eigenaar. Wel zou het moeilijker kunnen worden nieuwe spelers te kopen.
Het zijn juist de kleinere clubs, op een lager niveau, die de klappen van de crisis gaan voelen, denkt Simon Chadwick, professor Sport en Business aan de Universiteit van Coventry. ‘Clubs die het merken als er minder kaartjes of merchandise worden verkocht.’
En dan is er nog een neveneffect dat opspeelt: supporters raken geïrriteerd over het salaris van hun voetbalhelden. Fans hebben last van hoge brandstofprijzen en inflatie, maar de spelers van de clubs die ze trouw aanhangen, verdienen miljoenen. ‘Als de crisis doorgaat, moeten clubs in ieder geval hun toegangsprijzen verlagen’, vindt Michael Brunskill van de Nationale Supporters Federatie.
Ook rugby, tennis en cricket lopen het risico op minder inkomsten nu sponsors worstelen. Ook hier zijn het vooral de tv-deals die de sporten veilig stellen. Een ander verhaal is het autoracen. De sponsors van de Formule 1 zijn voornamelijk financiële instellingen en automerken. Beide lijden onder de crisis. Max Mosley, directeur van de internationale autosportbond FIA, heeft al laten weten dat het uitgavenpatroon van veel teams niet meer te handhaven is. De krant The Evening Standard voorspelt dat China en India zich er mee gaan bemoeien. ‘Verwacht binnenkort het eerste Chinese Formule 1-team.’
In Stratford ligt inmiddels de basis voor het enorme olympisch stadion. Vanuit de lucht is de cirkel van beton goed te zien. Vanaf de grond zie je een paar betonnen karkassen, drie grote hijskranen en een enorm bouwterrein. Ook al worden de plannen bijgesteld, de overheid zal bijspringen als de Spelen echt in gevaar komen, is de verwachting. De bouw van het stadion creëert 15.000 banen, in 2012 komen daar nog eens 100.000 bij. John Armitt, hoofd van de Olympische Autoriteit kondigde aan dat in het ergste geval de belastingbetaler de investering voor het dorp op zich zal moeten nemen.