Door: Kamran Ullah
Gepubliceerd: vrijdag 14 november 2008 00:16
Update: vrijdag 14 november 2008 00:40
Els van Breda-Vriesman strijdt om herkozen te worden als voorzitter van de Internationale Hockeyfederatie (FIH). ‘Het is in het belang van Nederland dat ik aanblijf.’
Ze heeft meer dan 25 jaar bestuurlijke ervaring in de sportwereld. Toch wil Els van Breda-Vriesman absoluut nog vier jaar door. ‘Ik heb een aantal ambitieuze projecten opgezet, die ik ook graag zelf wil afmaken.’
De 67-jarige Van Breda-Vriesman is in de race om herkozen te worden als voorzitter van de FIH. Eind deze maand kiezen de nationale hockeybonden in Los Angeles tussen de Nederlandse en de Spanjaard Leandro Negre, die momenteel voorzitter is van de Europese Hockeyfederatie.
Met de verkiezing van een nieuwe FIH-voorzitter staat voor Nederland een zeer begeerde zetel in het Internationaal Olympisch Comité (IOC) op het spel. De voorzittershamer van de FIH betekent in het geval van Van Breda-Vriesman automatisch dat zij lid blijft van het IOC, naast kroonprins Willem-Alexander en oud-judoka Anton Geesink.
Omissie
‘Zeker met het oog op een eventuele Nederlandse kandidatuur voor de Olympische Spelen in 2028 is het ontzettend belangrijk dat we dat extra lidmaatschap behouden’, zegt ze.
Ondanks haar bestuurlijke ervaring maakte Van Breda-Vriesman afgelopen week een grove fout die haar kandidatuur in gevaar bracht. Op haar campagnesite zette zij een quote van Mercedes Coghen, een oud-hockeyster die op dit moment leiding geeft aan het comité dat probeert de Olympische Spelen van 2016 naar Madrid te halen. Als lid van de IOC-evaluatiecommissie moet Van Breda-Vriesman de plannen van Madrid beoordelen. Volgens critici zou dit neigen naar belangenverstrengeling. ‘Dat was een omissie van mijn kant. Ik heb geen moment stil gestaan bij het verband tussen beiden’, blikt de FIH-voorzitter terug. ‘De quote is vervangen. Wij gaan nu rustig verder met de campagne.’
In vergelijking met haar tegenstrever voert de Enschedese inderdaad een rustige campagne. Terwijl Negre de wereld rondreist om bonden te paaien, communiceert de huidige FIH-voorzitter slechts via haar website, Vote4Els.org. ‘Als het goed is, weten de hockeylanden wat ze met mij in huis halen’, legt Van Breda-Vriesman uit. ‘In het verleden behaalde resultaten bieden in mijn geval garantie voor de toekomst.’
Buiten Europa
Van Breda-Vriesman rekent vooral op de steun van landen buiten Europa. De oud-vicevoorzitter van de Nederlandse hockeybond vertrouwt erop dat de bonden op de vier andere continenten bij het stemmen zich herinneren dat zij hoogstpersoonlijk heeft geprobeerd om hockeyscholen op te zetten in Zambia, de sport in India uit het slop te halen, en kwalificatietoernooien te organiseren in opkomende hockeylanden als Azerbeidzjan en Uruguay.
‘Bovendien weten de hockeybonden dat ze door op mij te stemmen ervoor zorgen dat onze sport vertegenwoordigd blijft binnen het IOC’, vult Van Breda-Vriesman aan. En dat is, met de Spelen van 2028 in het achterhoofd, geen overbodige luxe.