Door: Stephan Wageman 
Gepubliceerd: zondag 7 februari 2010 23:55
Update: zondag 7 februari 2010 23:56
De miljoenen vliegen door de Arena, maar die voor Marko Pantelic lijken goed besteed. De spits speelde in de 3-0 zege op FC Twente een hoofdrol.
Dat miljoen euro dat Marko Pantelic per seizoen bij Ajax aan salaris opstrijkt, is dat nu veel of niet? Hij kreeg er in zijn begindagen een draai om zijn oren voor, want het laatste wat een club als Ajax – met 73 contractspelers – nodig had, was een dertiger uit Servië die na een jaar voetballen vijfenhalf keer de Balkenendenorm op zijn rekening krijgt bijgeschreven. Schandalig was het, niet meer van deze tijd. Pantelic was de voetballende bankier, veel verdienen en weinig presteren, zeker in zijn eerste weken in Amsterdam waarin hij zichzelf bijna ontwikkelde tot een cultheld. Dat je voor één jaar Pantelic slechts zes maanden Oleguer (salaris: 2 miljoen euro) of negen maanden Timothy Atouba (salaris: 1,3 miljoen euro) kunt ‘bewonderen’ was niet zo belangrijk. Pantelic was overbetaald, een overbodige zakkenvuller en een miskoop. Punt uit.
Maar 23 wedstrijden, twaalf doelpunten en 416.666 euro aan salaris verder liep Pantelic gisteren na de 3-0 zege op FC Twente van het veld als een van de beste aanvallers in de eredivisie. Pantelic maakte indruk in de Arena, met zijn doelpunt (2-0), zijn gevoel voor positie en zijn werklust. Hij maakte samen met Luis Suarez het verschil tegen FC Twente, dat in de eerste twintig minuten van de wedstrijd drie uitgelezen kansen kreeg om Ajax definitief uit te schakelen voor het kampioenschap. Kenneth Perez (twee keer) en Blaise N’Kufo bewezen echter dat zij de beste jaren van hun carrière achter zich hebben.
Ajax bleef, ook na de levensgrote kansen van FC Twente, vasthouden aan het strijdplan dat van tevoren was afgesproken: pressie over het hele veld, het middenveld en de verdediging van FC Twente zo snel mogelijk vastzetten en in de omschakeling toeslaan. Dat Ajax met díé instelling de wedstrijd begon was eigenlijk een rooksignaal naar de tegenstander: wij geloven er niet in dat jullie net zo goed zijn als wij. Probeer maar onder onze druk uit te komen. Wij denken dat jullie het niet kunnen.
De gasten hadden geen antwoord. Toen Demy de Zeeuw na ruim twintig minuten met een afstandschot de score opende, bleek meteen de kwetsbaarheid van de kampioenskandidaat uit het oosten. ‘Het verval was erg groot’, treurde Steve McClaren na afloop. ‘Ik weet niet hoe dat komt, ik had het ook niet verwacht.’
Illustrerend voor de onmacht van FC Twente was Blaise N’Kufo die als spits op dít niveau tekortkomt. McClaren weigert categorisch zijn aanvaller te wisselen, omdat hij denkt dat tegenstanders nog steeds angst voor de Zwitserse aanvoerder hebben. Ooit speelde de Engelsman met Middlesbrough tegen Newcastle United. Een bloedeloze 0-0 was het, totdat zijn collega-coach bij Newcastle het aandurfde om Alan Shearer naar de kant te halen. Tóén kreeg Middlesbrough opeens de hoop op een overwinning, want hoe slecht de sterspeler bij de opponent ook speelde, het bleef een angstfactor. Middlesbrough won.
Maar N’Kufo is allang geen Shearer meer. Sterker nog, hij begint de achilleshiel van de Tukkers te worden in wedstrijden op topniveau. Pantelic daarentegen begint steeds meer angst in te boezemen bij tegenstanders, al was het maar om zijn indrukwekkende gemiddelde van doelpunten. Maar een Alan Shearer? Dat valt ook wel mee. Zeker gezien het jaarsalaris dat de Engelsman destijds incasseerde: 9 miljoen euro. Dan valt dat miljoen van Pantelic in Amsterdam eigenlijk wel mee.