Gepubliceerd: donderdag 18 maart 2010 01:10
Update: donderdag 18 maart 2010 07:26
Het aantal dopinggevallen in de Nederlandse sport is opnieuw gedaald. De meeste overtredingen waren er in het basketbal.
De Dopingautoriteit gaf afgelopen jaar 27 sporters aan vanwege een overtreding van het dopingreglement. In 23 gevallen werd een verboden stof aangetroffen in urinemonsters. Dat maakte de Dopingautoriteit gisteren bekend in het jaarverslag. Het jaar daarvoor noteerde de autoriteit 30 aangiften, in 2007 waren dat er nog 56.
Het betreft 25 mannen en twee vrouwen. Tegen vier sporters werd aangifte gedaan omdat ze weigerden mee te werken aan een dopingcontrole of de uitkomst probeerden te manipuleren. De Dopingautoriteit voerde in 2009 in totaal 2.636 urinecontroles uit, iets minder dan het jaar daarvoor. In 67 ‘positieve’ monsters werden in totaal 75 als doping aangeduide stoffen aangetroffen. Drie zaken zijn nog altijd in onderzoek, in de andere gevallen werd vastgesteld dat geen reden was om aangifte te doen.
‘We zien als tendens dat het aantal dopinggevallen omlaag gaat’, aldus directeur Herman Ram. ‘Aan de andere kant neemt de ernst van de gevallen wel toe.’ Zeven monsters bevatten afgelopen jaar afbraakproducten van meer dan één stof, in 2008 was dat twee keer het geval. ‘Het percentage dopinggevallen in Nederland verhoudt zich redelijk gemiddeld ten opzichte van andere landen’, concludeerde Ram.
De meeste overtredingen werden geconstateerd in het basketbal (9) en krachtsporten (6). In het voetbal werd niemand betrapt, een jaar eerder waren daar nog 4 meldingen. Atletiek ging terug van 3 naar 0.
Van de in totaal 75 aangetroffen stoffen betrof het 42 keer anabole middelen.