De Pers
 
Recensie Oliemaatschappijen

Klem tussen angst en winst

Door: Marcel Hulspas
Gepubliceerd: dinsdag 15 december 2009 00:41
Update: dinsdag 15 december 2009 00:41

Als het om milieu gaat, hebben de oliereuzen een inktzwarte reputatie. De felle concurrentie maakt een groene langetermijnvisie onmogelijk.

‘Ik moet hem onder vier ogen spreken, alleen!’ Aldus een wanhopige Jeroen van der Veer tijdens het bezoek van Vladimir Poetin aan Amsterdam, op 1 november 2005. De Russische president was eerder die dag fel uitgevallen tegen de Shell-topman. Hij voelde zich bedrogen. Een paar maanden daarvoor had Shell medegedeeld dat de ontwikkeling van het olie- en gasveld Sakhalin twee keer duurder zou uitvallen dan begroot: geen tien maar twintig miljard dollar. En dat betekende dat de Russen veel langer zouden moeten wachten op hun centen. Poetin was woedend. Shell was onbetrouwbaar, zo wierp hij Van der Veer voor de voeten. In de ambtswoning van Job Cohen spraken de heren elkaar uiteindelijk twintig minuten, in het Duits. Poetin leek te kalmeren, maar Shell moest een deel van haar belang overdragen aan het Russische Gazprom.

Hard aanpakken

Van der Veer dacht dat de grootste problemen daarmee voorbij waren, maar Poetin gaf zijn advocaten naderhand opdracht de overeenkomst door te vlooien en ontdekte dat Shell niet goed beschermd was tegen claims omtrent milieuschade. Niemand had daaraan gedacht – de Russen nog het minst. Nu roken ze hun kans. De verantwoordelijke milieu-ambtenaar, Oleg Mitvol, kreeg opdracht Shell hard aan te pakken. Kort daarop werd Shell aangeklaagd door een milieuclub die opkwam voor de bedreigde zalmen en walvissen van Sakhalin. Milieuclubs als Greenpeace en het WWF lieten zich voor dit karretje spannen. Dankzij deze opgeklopte verontwaardiging, en een aantal corrupte rechters, groeide Sakhalin 2 uit tot een zogezegd internationaal milieuschandaal. Shell moest bakzeil halen. Het herstelde hier en daar wat, maar verloor uiteindelijk de controle over Sakhalin 2.

De grote oliemaatschappijen (Shell, Chevron, BP, ExxonMobil) behoren tot de multinationals met de beroerdste reputatie op onze planeet. Ze zouden daar uiteraard graag verandering in zien, maar zoals Tom Bower in zijn boek The Squeeze laat zien, zijn ze tegelijkertijd verwikkeld in een machtsstrijd die hooguit ruimte laat voor cosmetische ‘groene’ maatregelen. Een machtsstrijd niet alleen met elkaar, maar ook in toenemende mate met de leiders van opkomende oliestaten zoals Poetin (maar ook Chavez, of de kliek in Nigeria), die steeds meer geld willen zien.

Stalen zenuwen

Oliewinning is een kwestie van techniek, maar ook van intuïtie en stalen zenuwen. Bower hangt de recente geschiedenis van de oliewinning dan ook op aan een aantal opmerkelijke persoonlijkheden, met in de hoofdrol John Browne van BP. De onuitstaanbare Browne wist van het noodlijdende British Petroleum een wereldspeler te maken. En terwijl de wereld zich zorgen maakt om het broeikaseffect, is dat voor mannen als Browne alleen maar een nieuw wapen in de onderlinge concurrentiestrijd. Iedereen herinnert zich zijn ‘bekering’ In 1997. BP zou zich voortaan inzetten vóór het milieu, tegen klimaatverandering. BP betekende voortaan ‘beyond petroleum’. De bekering was vooral bedoeld om het Amerikaanse Congres te paaien, waar men grote bedenkingen koesterde tegen zijn bedrijf. Brownes bekering werd hem uiteindelijk fataal. Zijn enige echte filosofie was die van het bezuinigen, en die leidde tot een serie rampen, van ontploffende raffinaderijen tot lekkende olieleidingen in Alaska. De onaantastbare Browne moest vertrekken.

Spoedig daarna lieten ook de andere oliegiganten die, om niet bij Browne achter te blijven, ook in ‘groen’ hadden geïnvesteerd, hun idealen weer varen. Shell, bedenker van ‘People, Planet, Profit’, gooide dit jaar alles wat met wind- en zonne-energie te maken had, de deur uit. Daar viel nooit iets mee te verdienen. En geld verdienen, dat is de echte taak van de oliemaatschappijen.

De boortechniek ontwikkelt zich in hoog tempo. Olie- en gasvelden die twintig jaar geleden onbereikbaar leken (onder oceaanbodems, in poolgebieden, langs stormachtige kusten) kunnen nu worden geëxploiteerd. Die ontwikkeling maakt dat er voor de komende decennia in principe nog genoeg olie is – mits de maatschappijen durven te investeren. En dat vereist betrouwbare contractpartners en stabiele, reële olieprijzen.

En juist die twee worden schaarse goederen. De olieprijs gaat gebukt onder een horde speculanten, en de partners van de toekomst zijn het volledig corrupte en gewelddadige Nigeria, de Centraal-Aziatische bananenrepublieken en het onbetrouwbare Rusland. Bezorgdheid om het milieu speelt bij deze nieuwe spelers geen enkele rol – of het moet zijn als stok om een oliemaatschappij tijdelijk in een hoek te drijven. Verder kan het ze geen moer schelen. Kort nadat Shell voor Poetin door de knieën was gegaan, werd Mitvol aan de kant gezet, en vervangen door ene Ludmilla. Tot dan toe schoonmaakster in een kliniek voor geslachtsziekten.


* Tom Bower, The Squeeze. Oil, Money and Greed in de 21st Century. Uitg. HarperCollins, 30,95 euro.

Trefwoorden: Rusland, Tom Bower
Klem tussen angst en winst
Foto: Reuters

Blijf op de hoogte van:




Login of registreer voor alerts


 
Login of registreer om te reageren

 

Deze newsflash is alleen te bekijken met de gratis Adobe FlashPlayer!
Spaarrente.nl - 4,25% spaarrente? Profiteer nu!
De Pers Reizen - Spot de laatste aanbiedingen!
Gratis i-Phone 3GS nergens goedkoper!
e-Matching.nl - Dating hoger opgeleiden
 
 


© 2008 Copyright DePers.nl