Door: Marcel Hulspas 
Gepubliceerd: donderdag 18 maart 2010 00:14
Update: donderdag 18 maart 2010 00:43
Niet afvallen, wel blijvend mindereten: dát is de kunst. Wageningse onderzoekers werken aan voedingsmiddelen die slank blijven gemakkelijker moeten maken.
Menige afslanker valt na zijn eerste succes terug in zijn oude eetpatroon, en komt dan in no time weer aan. Het is het beruchte jojo-effect, dat vooral wordt veroorzaakt door het hongergevoel, opgewekt door ‘uitgehongerde’ vetcellen. Aart van Amerongen en Charon Zondervan, van het instituut voor Food & Biobased Research van de universiteit van Wageningen, willen dit probleem te lijf door het verzadigingsgevoel te stimuleren. Een uniek project, overigens, dat drie wetenschappelijke centra in het oosten van ons land voor het eerst samenbrengt.
‘Voeding, dat is ons terrein’, legt Aart van Amerongen uit. ‘Wat betreft gezondheid werken we samen met de Radboud Universiteit Nijmegen, waar ze het bloed van proefpersonen kunnen onderzoeken. En in Twente ontwikkelen ze een innovatieve diagnostische test.’
Bij verzadiging denkt iedereen: dan zit je maag zit vol.
Charon Zondervan: ‘Dat speelt ook een rol. Maar er zijn ook psychologische factoren, en eiwitten veroorzaken een sterk gevoel van verzadiging. Als eiwitten in de darmen komen, stimuleren ze endocriene cellen die signaaleiwitten maken die in de hersenen een verzadigingssignaal afgeven.’
Van Amerongen: ‘Er bestaan verschillende typen van die cellen, en we willen graag weten of die elk op andere typen eiwitten reageren. Bovendien geven niet alle eiwitten een even sterk verzadigingssignaal. We hebben hier verschillende typen endocriene cellen op kweek staan om hun eigenschappen te kunnen onderzoeken. Dat klinkt theoretisch, maar we zijn al bezig met de voorbereiding van een onderzoek met proefpersonen, die een bepaald dieet krijgen. De Nijmeegse groep gaat kijken of die signaalstoffen ook echt in hun bloed aanwezig zijn.’
Jullie werken ook samen met dieetgoeroe Frank van Berkum.
Zondervan: ‘Van Berkum heeft een beetje de reputatie gekregen van een dieetgoeroe, maar hij was al geruime tijd bezig met onderzoek naar de verzadigende werking van eiwitten. Dus lag samenwerking voor de hand. Maar hij werkt in een ziekenhuis; hij heeft te maken met patiënten die écht te dik zijn. Dat is niet primair waarop wij ons onderzoek richten. We werken vanuit het idee: gezond voedsel voor gezonde mensen.’
Welke eiwitten geven het snelst dat volle gevoel?
Van Amerongen: ‘Dat kunnen we nog niet zeggen. Een eiwit kan effectief lijken, maar werkt het op de langere termijn? Raken die endocriene cellen op den duur er niet aan gewend? Onderzoek bij de Universiteit van Maastricht heeft aangetoond dat erwteneiwit een sterker verzadigend effect heeft dan andere. Dit betekent echter niet dat alle plantaardige eiwitten interessant zijn; daar willen we juist meer over te weten komen.’
Zondervan: ‘Maar het is wel een terrein waarop wij verder willen. Door de groei van de wereldbevolking zal de vraag naar dierlijk eiwit sterk stijgen. Zó sterk, daar kan de wereldlandbouw nooit aan voldoen. Terwijl plantaardige eiwitten veel minder energie en grondstoffen kosten.’
Jullie werken samen met de industrie. Hoe verloopt dat?
Zondervan: ‘Het is heel lastig om eiwitten aan voedingsmiddelen toe te voegen zonder de eigenschappen van het product te veranderen. Neem dit bakje salade hier. Je zou er eiwit aan toe kunnen voegen, maar dat wordt het een rubber bal. We zitten dus regelmatig met de producenten om de tafel om te brainstormen.’
Van Amerongen: ‘Kijk, als je alleen maar lekker in het lab een eiwit wilt vinden dat effectief is en daarover publiceren, dan moet je niet werken in een instituut waar toegepast onderzoek wordt gedaan. Juist het overleg met de industrie, het werken naar een product, dàt is voor ons de uitdaging.’
En dan moeten ze ook nog getest op hun effectiviteit.
Van Amerongen: ‘Ja, We doen nu al onderzoek naar bepaalde eiwitten, maar straks zijn de producten aan de beurt. We hebben drie jaar de tijd. Ik hoop dat het lukt.’ We werken vanuit het idee: gezond voedsel voor gezonde mensen.’